Wachten tot ook mayonaise of thuis klussen niet meer mag

Rokers geven zich over aan het naderende rookverbod. Geen protest valt te horen. „Door de psychologische onderdrukkingscampagne gebrainwasht.”

Hans Spoelstra, een van de rokers in Cafe Welling. Amsterdam, 16 juni 2008. foto MAARTEN VAN HAAFF Haaff, Maarten van

Nog geen vijftien jaar geleden stond er een grote glazen pot op de toog van café Welling, achter het Amsterdamse Concertgebouw. Daarin zaten resten tabak, met een aardappelschil om het zaakje vochtig te houden. Wie trek had, kon naar hartelust plukken. Nu roken de klanten vooral filtersigaretten en sigaartjes. Honderden op een avond. Vanaf 1 juli moeten zij buiten staan, onder de pergola.

Bijna vierhonderd kleine horecabedrijven daagden onlangs de staat voor de rechter, omdat zij vrezen dat de klandizie terugloopt als het rookverbod in de horeca van kracht wordt. De roker zelf laat niets van zich horen. Ruim één op de vier Nederlanders rookt.

Een half miljoen rokers grijpt het rookverbod aan om een stoppoging te wagen. Het is een gelopen race, denkt de rest. Zij stappen voor hun nicotinebehoefte straks gedwee in een rookcabine. Met geheven vuist de straat op? Ho maar.

Bij een demonstratie tegen het rookverbod vorig najaar kwam nog geen 25 man opdagen. Dat verbaast Wiel Maessen niets. Volgens de voorzitter van Forces Nederland, een rokersbelangenorganisatie, zijn rokers „gebrainwasht door de psychologische onderdrukkingscampagne”. Ook Maarten van Rossem, hoogleraar geschiedenis aan de Universiteit Utrecht en „al jaren gestopt”, wijt de stilte in de rokersgelederen aan „de volstrekt hysterische antirookcampagne”, die vanaf de jaren zeventig uit de VS kwam overwaaien. „Rokers zijn murw gebeukt.”

In Nederland zet Stivoro zich sinds 1974 in om het aantal rokers terug te brengen. De stichting wordt gesubsidieerd door de overheid en gezondheidsfondsen als de Hartstichting. Jaarlijks besteedt Stivoro tot 12 miljoen euro aan campagnes, adviezen en trainingen. Forces, door de voorzitter uit eigen zak betaald, telt 1.200 leden. Maessen: „Het is David tegen Goliath.”

Werd roken vroeger nog geassocieerd met volwassenheid, emancipatie en vrijheid, tegenwoordig is roken not done, sociaal armoedig, politiek incorrect. Maessen: „Veel rokers durven er niet meer voor uit te komen. Zij roken thuis zelfs stiekem op de wc.”

Volgens Van Rossem is niet schaamte, maar schuldgevoel de reden dat rokers zich verstoppen. Dat denkt ook Hans van de Sande, sociaal-psycholoog aan de Rijksuniversiteit Groningen en „hartstochtelijk” roker. „Mensen kunnen alleen een vuist maken voor iets dat in wezen goed is. En roken staat bekend als in en in slecht.”

Het verband tussen roken en longkanker werd al in de jaren vijftig aangetoond. Maar pas volgende maand bant Nederland roken helemaal uit de publieke ruimte. Volgens Stivoro-directeur Lies van Gennip kwam het omslagpunt in de publieke opinie pas toen onderzoeken begin deze eeuw aantoonden dat meeroken ook gevaar voor de gezondheid oplevert. „Er is heel lang gedacht dat het allemaal wel meeviel, maar sinds de eeuwwisseling is het hard gegaan met de wetgeving.”

In 2000 dwong een werknemer voor het eerst via de rechter een rookvrije werkplek af bij haar werkgever. Twee jaar later volgden een algemeen verbod op sigarettenreclame en nog nadrukkelijker waarschuwingen op de verpakkingen van rookwaar. In 2004 werd roken op het werk en in het openbaar vervoer in de ban gedaan. Intussen verdubbelde de prijs van een pakje sigaretten van ongeveer vijf gulden in 2000 tot ruim vier euro nu.

Volgens Jacques Bos, docent wijsbegeerte aan de Universiteit van Amsterdam en „tevreden roker”, is er al die jaren van een politiek debat nauwelijks sprake geweest. „De discussie is zo neergezet, dat er geen ruimte was voor tegenargumenten. Politici zeiden: roken is ongezond. En gezondheid staat niet ter discussie.”

Volgens Bos is het rookverbod minstens zo politiek als de hypotheekrenteaftrek, of de missie in Uruzgan. „Het is een poging gedrag te wijzigen dat we dertig jaar geleden als privégedrag zagen.”

Van Rossem mist ook een maatschappelijke discussie over de „ongelofelijke betutteling”. Het baart hem zorgen dat er geen grenzen worden gesteld. „Straks gaat de overheid ook mayonaise verbieden, of thuis klussen. Want ook dat eist jaarlijks vele slachtoffers.”

Rokers in Nederland is over tien jaar hetzelfde lot beschoren als in Amerika, denkt Van de Sande. In een gemeente in Californië mogen mensen zelfs thuis niet roken. Een alcoholverbod sluit Van de Sande evenmin uit. „Maar dat duurt langer. Veel politici zijn gestopt met roken, maar drank is nog altijd hét smeermiddel in de politiek.”

Neemt Nederland over twee weken definitief afscheid van de sigaret? Bos denkt van niet. „Tabak was in de zeventiende eeuw ook omstreden, het gaat in golfbewegingen. Gezonken cultuurgoed komt meestal terug.”

Bos denkt dat roken zelfs nog aantrekkelijker wordt. „Het is straks niet alleen dodelijk, maar ook nog verboden. Dat maakt roken des te subliemer.”

Meer over antirookregels via nrc.nl/binnenland