Terreurverdachte uit gevangenis

De radicale Jordaanse islamitische geestelijke Abu Qatada, die geldt als een inspirator voor leden van het terreurnetwerk van Al-Qaeda, is gisteren op last van een Britse rechter op borgtocht vrijgelaten. Volgens de rechter waren er geen gronden de geestelijke, die nooit schuldig is bevonden aan een strafrechtelijk vergrijp, langer gevangen te houden.

Minister van Binnenlandse Zaken Jacqui Smith noemde het besluit „teleurstellend” en heeft aangekondigd in beroep te gaan bij de zogeheten Law Lords, het hoogste rechterlijke college. Het is pijnlijk voor de regering, die juist harder wil optreden tegen terroristen, dat ze machteloos moet toezien hoe Abu Qatada op vrije voeten wordt gesteld. Vier jaar geleden al werd deze door een andere rechter omschreven als „een werkelijk gevaarlijk individu”. Hij zat sinds 2005 vast.

De regering wil Abu Qatada eigenlijk uitzetten naar Jordanië. Op grond van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens mogen burgers echter niet worden uitgeleverd aan landen, waar ze mogelijk worden gemarteld. Weliswaar heeft Londen met Jordanië en enige andere landen in het Midden-Oosten overeenkomsten gesloten waarin die landen beloven verdachten correct te behandelen. Maar Britse rechters nemen zulke verzekeringen niet serieus.

Abu Qatada wordt al langer verdacht van contacten met islamitische terroristen. Een van zijn volgelingen zou Richard Reid zijn, die in 2001 probeerde een vliegtuig op te blazen met een bomschoen.

Volop genieten van zijn vrijheid zal Abu Qatada overigens niet. Op grond van een zogeheten control order, een bepaling die door de regering kan worden ingeroepen tegen verdachten van terrorisme, zal de geestelijke 22 uur per dag in zijn Londense woning moeten blijven. Ook krijgt hij een elektronische band om, zodat de politie zijn gangen steeds kan volgen.