Hier beginnen ondernemers hun eigen zaak

Slechts de helft van het aantal startende bedrijven houdt het langer dan vijf jaar vol, zo blijkt uit cijfers.

„Ik was al blij als er één klant per week binnenkwam.”

Aan het Noordeinde in Den Haag zijn alleen chique modezaken te vinden. Neem Oger, McGregor of Pauw. Ze zitten in grote monumentale panden en in de prachtige etalages hangt kleding uit het hoge segment. Een kop koffie? Die krijg je binnen. Of je gaat naar de hippe koffiezaak Coffee Company, te vinden midden in de luxe winkelstraat.

Naast die Coffee Company ligt een smal straatje: de Molenstraat. Hier kom je in een andere setting terecht. Sommige winkelpanden staan leeg, aan andere is te zien dat de ondernemer er net weg is.

Bij café The Old Pal bijvoorbeeld, verderop in de straat, is het donker en staan de houten stoelen hoog opgestapeld. De ondernemers uit de buurt weten precies waar het misging: het stel dat de kroeg begon investeerde te veel geld in een verbouwing van een half jaar. Zeven maanden waren ze open, maar de omzet was onvoldoende. Dus moest de tent dicht.

Bovendien was de huur te hoog, weet Isabelle Weber. Zij heeft in dezelfde straat een winkel, de Earth Collection met milieuvriendelijke en natuurlijke kleding. „Zij hadden een huur van 4.500 euro per maand”, vertelt ze. „Dat is als startende ondernemer niet te betalen.”

Tegenover The Old Pal en vlakbij de Earth Collection, zit een theewinkeltje. Ook deze eigenaar stopt ermee. In de etalage staan kleurige theepotjes en theemutsen. Op de ramen hangen posters met de tekst ‘opheffingsuitverkoop’ en ‘vanaf donderdag 50 procent korting op alles’. De baas van de winkel wil niet met zijn naam in de krant. Ook de naam van de zaak wil hij niet gepubliceerd hebben. Zijn zus heeft nog een vestiging in Rotterdam. „Vandaar.”

De ondernemer van de theewinkel verdiende te weinig. Hij draaide naar eigen zeggen geen verlies. „Maar na anderhalf jaar wil je toch wel resultaat zien.” De winst bleef uit. „En ik ga niet voor niets werken.”

Het eerste jaar mag een startende ondernemer licht verlies draaien. Vanaf het tweede jaar zou quitte spelen mogelijk moeten zijn. En het derde jaar moet er winst worden gemaakt, vertelt Roel van Beek, die voor de Kamer van Koophandel de informatievoorziening voor startende ondernemers regelt. Om succesvol te zijn moet je geld overhouden. „Van de totale opbrengst moet je geld overhouden als je de persoonlijke uitgaven er al hebt afgetrokken”, zegt Van Beek. „Dat geld heb je nodig om verder te investeren.”

Maar veel ondernemers lukt dat niet. Uit gegevens van de Kamer van Koophandel blijkt dat maar de helft van alle startende zaken het redt na vijf jaar. Isabelle Weber van de Earth Collection heeft goede hoop dat ze het gaat redden. Maar winst maken doet ze nog niet. Dit jaar (haar derde) denkt ze dat het gaat lukken. De zaak loopt in ieder geval stukken beter dan in het begin. „In de eerste weken was ik blij als er één klant per week binnenkwam.” Een eigen zaak is stressvol. „Ik lig nog iedere nacht wakker van hoe het moet met de financiering. Gelukkig is mijn man kostwinner.”

De Molenstraat komt uit op de Prinsestraat. Ook hier veel startende ondernemers. Er zitten kledingwinkels, schoenenzaken, kappers en eettentjes. Het verloop is groot. Op de hoek stopte onlangs iemand met een trendy kledingzaak. Nu hangt er een papier op het raam dat er binnenkort een sneakershop voor vrouwen komt.

Even verderop in een klein opgeknapt pand zit Henk de Groot met zijn overhemdenzaak The Art of Camouflage. Hij is franchiseondernemer en nam het concept over van een goedlopende zaak in Utrecht. Hij runt nog een andere vestiging met overhemden in Breda. In Den Haag zit hij net een half jaar en hij maakt nu al een beetje winst. De Groot verkoopt overhemden, dassen en polo’s voor „mannen tussen de 25 tot 45 jaar, die op weg zijn naar de top”.

Hoe komt het dat zijn zaak zo goed loopt? „Mannen zijn altijd op zoek naar mooie, goedzittende overhemden. En als ze die ergens hebben gevonden, komen ze terug.”

Overhemden zijn makkelijker te verkopen dan theepotten en wijdvallende, natuurlijke vezelbroeken. Maar je moet geen overhemden verkopen die ergens anders al liggen, vertelt De Groot. „Je moet je onderscheiden.” En daarom ging hij gewapend met kladblok op onderzoek uit in de buurt. „Bij concurrenten stapte ik naar binnen om te zien wat zij hadden liggen.”

De plek van de zaak is essentieel voor je succes. „Afhankelijk van het te verkopen product, kies je de locatie”, zegt Van Beek van de Kamer van Koophandel. „Havana-sigaren passen in Wassenaar, de zaak voor tweedehands mobiele telefoons niet.”

De Prinsestraat en de Molenstraat liggen in de buurt Hofkwartier. Het ligt in het centrum van Den Haag, naast het hart waar de grote winkelstraten liggen. Volgens de gemeente een opkomende, hippe wijk. Precies wat startende ondernemers willen.

Maar weinig mensen hebben eigen starterskrediet om hun zaak op te zetten en stappen dus naar een bank. Maar daar zijn ze tegenwoordig niet zo scheutig met het geven van leningen, weten de ondernemers uit het Hofkwartier. Isabelle Weber van de Earth Collection kon 15.000 euro ondernemerskrediet krijgen. „Dat is toch niets?”, zeg ze. „Zoveel krijg je ook als je een auto wilt kopen!” Weber heeft voor haar zaak geld van familie geleend. Haar ouders investeerden 30.000 euro, haar schoonouders nog eens 15.000 euro. Ze heeft haar ouders nog niet terug kunnen betalen.

Een tip om meer geld bij de bank los te krijgen, is volgens Van Beek, om met een goed ondernemingsplan te komen. Daarin moet je duidelijk maken waar je de omzet vandaan denkt te gaan halen. „Als je daar geen antwoord op kunt geven, is het kansloos.”

Henk de Groot maakte het ondernemingsplan al tijdens zijn studie Management, Economie en Recht. Van docenten kreeg hij er een zes voor. De bank was wel onder de indruk en leende hem meer dan een ton. „En ze gebruiken mijn plan nu als voorbeeld voor andere startende ondernemers”, vertelt hij trots.

Toch moet het ook zonder bank lukken een eigen winkel te beginnen. Als je hebt gespaard, zoals Wendeline Veldhuis. Zij runt een warenhuisje genaamd Wwen aan de Prinsestraat. Het loopt goed. Je kunt er terecht voor sleutelhangers, portemonnees, hebbedingetjes, tassen en bijzondere kleding – van elk kledingstuk hangt er maar één in iedere maat.

Klein beginnen, is het geheim van Veldhuis. Toen ze zes jaar geleden haar winkel opzette, was het er een stuk leger dan nu. Ze kocht alleen bijzondere spullen in, waarvan ze zeker wist dat die te verkopen waren. Ze heeft bovendien niet direct in duur interieur geïnvesteerd: de tl-buizen van de vorige eigenaar hangen nog aan het plafond en de Ikea-tafel die ze een paar jaar geleden kocht, staat er nog steeds.

Bij de start van een eigen onderneming komt veel kijken, daar zijn alle ondernemers uit het Hofkwartier het over eens. „Je moet je leven eraan wijden”, zegt Isabelle Weber van de Earth Collection. Of je moet snel winst maken zodat er geld over is voor personeel. Maar: dan moet het personeel wel een verlengstuk zijn van jezelf, inclusief vriendelijke lach, betrokkenheid en goede service, anders kost het juist weer omzet.

Als je van tevoren weet wat je te wachten staat, dan begin je er niet aan, zegt Weber. Maar daar is de baas van de theewinkel, die ermee gaat stoppen, het niet mee eens: „Ik heb hier veel van geleerd en zeg maar zo: als je niets onderneemt, dan leef je ook niet”.