Griekse socialisten ruziën over leider en koers

In de Griekse oppositie-partij PASOK nemen de onvrede over partijleider Jorgos Papandreou en de nervositeit over de opkomst van radicaal-links snel toe.

Oud-premier Kostas Simitís was de grote afwezige bij een bizar debat dat gisteravond in het Griekse parlement werd gehouden.

Inzet was het voorstel van de vier oppositiepartijen – drie linkse en een ultrarechtse – een referendum te houden over het nieuwe verdrag van de Europese Unie, dat vorige week door datzelfde parlement al met een royale meerderheid van stemmen was goedgekeurd. Daags na die stemming werd het door Ierse kiezers in een referendum verworpen.

Het voorstel was de aanleiding voor een opzienbarende breuk tussen de socialistische oppositieleider Jorgos Papandreou (56) en Simitís. De laatste had in 2004, kort voor verkiezingen die hij als premier verloor, het leiderschap van de socialistische PASOK overgedragen aan zijn minister van Buitenlandse Zaken, Papandreou.

In een scherpe, persoonlijke brief verweet Simitis (71) vorige week zijn opvolger te hebben aangedrongen op een volksraadpleging over een verdrag waaraan hun partij tevoren haar fiat had gegeven. Dat druiste, zo schreef Simitís, in tegen afspraken die de socialisten in Europees verband hadden gemaakt.

Papandreou’s geflirt met een referendum kwam volgens Simitís voort uit diens behoefte aan toenadering tot de linksradicale partij die de laatste tijd in de peilingen sterk in opkomst is. Sommigen in de PASOK zien aankomen dat hun partij bij volgende verkiezingen zal zijn aangewezen op een samengaan met de nieuwkomer.

De reactie van Papandreou op Simitís’ kritiek sloeg in als een bom. Hij zette de oud-premier (1996-2004), door velen beschouwd als een kroonjuweel voor de partij, uit de fractie. Daarop wreef Simitís de PASOK-leider in dat deze sinds diens aantreden in 2004 alle electorale krachtmetingen had verloren.

Dat de verhoudingen tussen beide politici te wensen overlieten was bekend, maar over deze wending was iedereen verbluft. Er kwam kritiek op de uitsluiting van enkele kopstukken en gisteren namen 126 prominente partijleden openlijk stelling tegen Papan-dreou’s sanctie.

De affaire illustreert de teloorgang van de PASOK, die het de laatste maanden in de peilingen steeds slechter doet – evenals trouwens de regerende ND-partij. De PASOK lijkt weer helemaal teruggevallen in de esostréfria, het met zichzelf bezig zijn, terwijl de grote problemen op met name economisch en ecologisch gebied de oppositie zouden moeten bezighouden.

De oppositie verloor gisteren haar pleit voor een referendum. De enige die niets van zich liet horen was de uit de PASOK-fractie gezette Simitís. Mogelijk wilde hij zijn kruit drooghouden voor de bijeenkomst, begin juli, van zijn denktank waarop hij een rede zal houden over ‘Democratie en verscheidenheid’.

Intussen kon de links-radicale fractieleider Alékos Alavánis in het referendumdebat een lofzang houden op „de Ieren” die weer eens hadden bewezen dat het volk zijn eigen weg gaat en zich niets gelegen laat liggen aan de twee grote partijen. „Als Griek ben ik jaloers op ze.”