Europa loopt in op Brazilië en VS

De Nederlandse vleesgigant Vion blijft op overnamepad. Inmiddels is het bedrijf nummer één in Europa, wereldwijd kijkt het nog tegen een achterstand aan.

De Europese vleesindustrie is bezig een achterstand in te lopen op de concurrentie in de Verenigde Staten en Brazilië. Schaalvergroting via overnames is in deze landen al veel verder gevorderd dan in Europa, dat nu aansluiting zoekt. De Nederlandse vleesgigant Vion leidt nu in omvang en expansiedrift het Europese peloton.

Dat zegt Nan-Dirk Mulder, vleesanalist bij de Rabobank in Utrecht, naar aanleiding van de nieuwste overname van Vion. Gisteren maakte Vion bekend zijn omzet in een klap met eenderde te vergroten door de overname van het Schotse vleesbedrijf Grampian. De omzet van Vion nadert daarmee de 10 miljard euro.

Vijf jaar geleden haalde Vion zelf nog maar 2,8 miljard euro omzet. Het bedrijf is in een paar jaar uit de grond gestampt na een reeks forse overnames. Bekende namen in de vleeswereld als Dumeco en Hendrix zijn in Vion opgegaan. In het buitenland zijn vooral in Duitsland forse overnames van slachterijen gedaan. Wereldwijd heeft Vion nu 136 productielocaties. Nog steeds wordt elke paar maanden wel een nieuwe overname of deelneming bekendgemaakt.

Gemeten in kilo’s vlees is Vion het grootste bedrijf in Europa, op de hielen gezeten door de Deense varkensgigant Danish Crown. Wereldwijd zijn er echter nog vijf vleesconcerns waarbij Vion in het niet zinkt. De grootste, Tyson Foods in de VS, zet vier keer zoveel vlees om als Vion. De Braziliaan JBS ruim drie keer zoveel.

Hoe groot wil Vion worden? „Wij hebben geen concreet doel voor ogen qua grootte”, zegt Marc van der Lee, woordvoerder van Vion. „Het gaat er niet om de grootste te zijn, maar om onze klanten goed te bedienen. Bij supermarkten zien we ook een voortgaande schaalvergroting. Dat betekent meer en meer vraag naar grote leveranciers die de juiste volumes van goede kwaliteit kunnen leveren.”

„De komende vier à vijf jaar zal in Nederland ongeveer een kwart van de vleesverwerkende bedrijven verdwijnen”, verwacht Mulder van de Rabobank. De sector telt nu nog zo’n 240 bedrijven. „Er was een enorme concurrentie van kleine bedrijven met allemaal hetzelfde product. Kleine bedrijven kunnen overleven als ze zich richten op een niche, zoals scharrelvlees voor toprestaurants of delicatessenzaken. Het middensegment zal een fundamentele keuze moeten maken”, aldus Mulder.

De afgelopen jaren is er iets fundamenteel veranderd volgens Mulder. „Heel Noordwest-Europa is eigenlijk één markt. Vers vlees kan je makkelijk in een cirkel met een doorsnee van 600 à 1.000 kilometer afzetten. In Noordwest-Europa is dat een aantrekkelijke markt met hoge inkomens. Vion zag dat in Europa als eerste, anderen zien dat nu ook.”

Concurrenten in deze Europese strijd zijn niet alleen andere Europese bedrijven als Danish Crown. Vorig jaar nam een Braziliaans bedrijf, Perdigão, als eerste een Europese producent over: het Nederlandse Plusfood, onder meer bekend van Friki kip. Ook bij de overname van Grampian waren er, naar verluidt, Braziliaanse concurrenten. „De Brazilianen volgen de exportstroom van hun vlees”, zegt Mulder, „en Europa is voor hen een hele grote markt.”