EU sluit akkoord met Bosnië na jarenlange vertraging

De Europese Unie heeft gisteren een samenwerkingsakkoord gesloten met Bosnië-Herzegovina. Het ‘stabilisatie-en associatieakkoord’ (SAA) is een tussenstap naar een mogelijk toekomstig EU-lidmaatschap van het land.

Bosnië was het op één na laatste land in de Westelijke Balkanregio dat nog geen dergelijk akkoord met Brussel had gesloten. Servië ondertekende zijn SAA op 29 april. Alleen Kosovo, dat zich in februari onafhankelijk verklaarde, heeft nog geen formele banden met de EU.

Het SAA, dat gisteren tijdens een EU-ministersbijeenkomst in Luxemburg werd ondertekend, biedt de Bosniërs op de korte termijn vooral economische voordelen. Op de lange termijn zet het akkoord „de deur open” naar EU-toetreding, zo verklaarde de Bosnische premier Nikola Spiric. Maar EU-uitbreidingscommissaris Olli Rehn waarschuwde dat Sarajevo eerst meer werk moet maken van hervormingen.

Het Bosnische SAA heeft jaren vertraging opgelopen, omdat Bosnië niet voldeed aan de eis van de EU om het politieapparaat te hervormen. Brussel eiste dat de Bosniërs een nationaal politieapparaat zouden oprichten, dat bevoegdheden zou hebben in allebei de ‘entiteiten’ van het land. Bosnië is verdeeld in twee gebieden met verregaande autonomie, de moslim-Kroatische federatie en de Servische Republiek.

In een interview met de Frankfurter Allgemeine Zeitung gaf de EU-vertegenwoordiger voor Bosnië, Miroslav Lajcak, vandaag toe dat de centralisering van de politie maar gedeeltelijk is geslaagd. Een bescheiden hervorming die in april door het parlement werd afgekondigd, is „het maximaal haalbare”, gebleken, zei Lajcak. De oorspronkelijke EU-eis van één federale politiemacht is volgens hem „niet te verwezenlijken”.