Vos weet zelf wel wat het beste voor haar is

Voorspelbaar eigenlijk, dat wielrenster Marianne Vos de afgelopen dagen schitterde in de zware Baskische rittenkoers Emakumeen Bira. Eerste in het eindklassement, winst in vier van de vijf ritten. Maar vooral: afgetekend de beste in de tijdrit, vóór de Duitse wereldkampioene Hanka Kupfernagel én Mirjam Melchers, die onlangs werd aangewezen om Nederland te vertegenwoordigen op de olympische tijdrit. In tegenstelling tot Vos, die van de wielerbond en sportkoepel NOC*NSF niet mag meedoen.

De 21-jarige alleskunner rijdt in Peking al de wegwedstrijd en de puntenkoers op de baan. De tijdrit zou daarbij een te grote belasting vormen, vindt bondscoach Johan Lammerts. De oud-prof laat liever een startplaats open dan dat hij Vos inschrijft. „Begrijpelijk en moedig”, noemde Charles van Commennée, technisch directeur van NOC*NSF, die beslissing. De renster zelf denkt daar heel anders over. Ze overwoog een moment om helemaal niet meer naar Peking te gaan, en kondigde vorige week aan dat haar advocaat tot het uiterste zal gaan om haar ook in de tijdrit aan de start te krijgen.

Vos is een supertalent dat op ongecompliceerde wijze uitblinker bleek met skeeleren, schaatsen en wielrennen; op de mountainbike, in het veld, op de weg en de baan. Op die laatste drie terreinen werd ze zelfs wereldkampioen. Want naast haar veelzijdigheid heeft ze nog een cruciale eigenschap voor een topper: ze staat er als het echt moet. Welke keuzeheer kan haar mogelijkheden beter inschatten dan zij zelf? Nog voordat haar advocaat in actie komt, heeft Vos het pleit al gewonnen met tijdritwinst in Spanje. Eigenlijk voorspelbaar.

Maarten Scholten