‘Servië zette met uitlevering een belangrijke stap’

De Bosnisch-Servische leiders Mladic en Karadzic zijn binnen het bereik van de Servische overheid, zegt aanklager Brammertz. „Het is zeker zo.”

Serge Brammertz Foto Roel Rozenburg hoofdaanklager van het Joegoslavië-tribunaal Den Haag : 11.6.2008 Brammertz. © foto Roel Rozenburg Rozenburg, Roel

De vorige hoofdaanklager van het Joegoslavië tribunaal, Carla Del Ponte, noemde de Bosnisch-Servische leiders Radovan Karadzic en Ratko Mladic ‘oorlogsmisdadigers’. Als landen niet genoeg deden voor de arrestatie van die twee, dan was Del Ponte woedend en noemde het ‘een schande’. En bijna elk jaar, in de herfst, zei Del Ponte dat Karadzic en Mladic nog vóór Kerst in de gevangenis in Scheveningen zouden zitten.

Voor Serge Brammertz, die Del Ponte begin dit jaar opvolgde, zijn Karadzic en Mladic „heren op leeftijd”. Hij noemt zichzelf „diplomatisch”, hij wil graag „goed samenwerken” met Servië, het land dat ook volgens Brammertz de twee belangrijkste verdachten van het tribunaal zou kunnen oppakken als het echt wil. En wanneer Karadzic en Mladic in Den Haag zullen zijn? „Een voorspelling daarover zult u van mij nooit horen.”

Serge Brammertz (46), een Duitstalige Belg, is vriendelijk en voorzichtig. Hij houdt ervan, zegt hij, om te luisteren. En ‘politieke uitspraken’ doet hij niet. „Ieder heeft zijn eigen stijl”, zegt hij als het over Del Ponte gaat, tijdens een gesprek in zijn werkkamer in Den Haag. Wat zijn stijl dan is? Stilte. Dan zegt Brammertz: „De situatie nu is anders dan vijftien jaar geleden, toen dit hof werd opgericht. De gesprekspartners in de regio zijn anders. Het is een evoluerend proces.” Daar hoort, bedoelt Brammertz, een ander soort hoofdaanklager bij. Iemand die „luistert en overtuigt”.

Uit zichzelf begint hij over het tribunaal. Daar werken, vindt Brammertz, internationaal gezien de meest deskundige onderzoekers van oorlogsmisdaden. Maar die weten allemaal dat het Joegoslavië-tribunaal in 2010 dichtgaat. Dus zoeken ze een andere baan. Brammertz: „Ik probeer ze te motiveren om hier te blijven. Dat is een uitdaging.”

Hoe doet u dat?

„We proberen samen met de VN een oplossing te vinden, waardoor er voor mensen uitzicht is op een job bij een andere VN-instelling. En ik probeer ervoor te zorgen dat collega’s steeds te horen krijgen dat ze belangrijk werk doen. Er zijn nog veel moeilijke dossiers.”

In een recent verslag aan de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties klaagt u over de gebrekkige samenwerking van Servië met het tribunaal. Vorige week arresteerde de Servische politie een belangrijke verdachte, de Bosnisch-Servische politiecommandant Zupljanin. Hoe denkt u nu over Servië?

„De verschillende diensten in Servië hebben goed werk gedaan. Dit is absoluut een belangrijke stap. Maar er zijn nog altijd drie belangrijke verdachten voortvluchtig [onder wie Mladic en Karadzic, red.], er is geen reden om mijn verslag te wijzigen. Over zes maanden kom ik met een nieuw verslag. Ik kan zeggen dat de nieuwe periode voor Servië goed is begonnen.”

Hoe belangrijk is het volgens u dat de Europese Unie aan landen die EU-lid willen worden de voorwaarde stelt dat ze met u samenwerken?

„Dat heeft in het verleden tot goede resultaten geleid. Ik zie dat deze voorwaarde nog steeds in het centrum van de discussies staat.”

Toch vonden de EU-landen, met uitzondering van Nederland en België, begin dit jaar dat Servië snel een samenwerkingsakkoord met de EU moest krijgen, ook al deed dat land te weinig om Ratko Mladic te vinden.

„Mijn analyse van de situatie is: alle 27 landen zijn akkoord gegaan met de voorwaarden. Daar zijn we heel tevreden over. Servië krijgt pas de voordelen van het akkoord met de EU [dat er nu wel is, red.] als het volledig met ons samenwerkt. Verder moeten wij buiten de politieke discussie blijven. Ik ben echt van de scheiding der machten.”

Was u blij met de eisen die Nederland en België aan Servië bleven stellen: eerst samenwerken met het tribunaal?

„Wij zijn altijd blij met landen die ons op de een of andere manier steunen.”

U volgt vast met argusogen wat in Servië gebeurt nu de verkiezingen voorbij zijn. Als er een pro-westerse regering komt, vergroot dat de kans dat Mladic uitgeleverd wordt.

„Natuurlijk kijken wij ernaar. Maar elk land, elke regering is verplicht om met ons samen te werken. Ik probeer een vertrouwensrelatie op te bouwen met de justitiële autoriteiten in de regio waar het ons om gaat. De collega’s daar zitten nog altijd in een moeilijke politieke omgeving.”

Probeert u ook zo’n vertrouwensrelatie op te bouwen met politici?

„Ik heb al verschillende keren de ministers van Buitenlandse Zaken en andere verantwoordelijken ontmoet. Om hen te leren kennen, en om hun te vragen de justitiële autoriteiten in hun land te steunen.”

De Servische minister van Buitenlandse Zaken, Vuk Jeremic, zei eind maart dat Mladic snel gepakt zou worden. Dat betekent dat de Serviërs hem dus kunnen vinden als ze willen.

„Ja.”

Dat schreef u ook in uw verslag aan de VN-Veiligheidsraad: Mladic en Karadzic zijn ‘binnen bereik’ van de Servische autoriteiten.

„Ik kan daarover geen details geven, maar het is zeker zo: indien je je zoveel jaren kunt verbergen, heb je steun nodig en die kun je vinden waar je wortels zijn, je familie, waar de mensen wonen die loyaal aan je zijn.”

Wat moet er gebeuren als Mladic en Karadzic nog niet zijn gearresteerd vóór 2010, het sluitingsjaar van het tribunaal?

„Het is in het belang van iedereen dat het niet zover komt: van Servië, van de slachtoffers en van Europa – omdat het allemaal op Europees grondgebied is gebeurd. Het gaat om de geloofwaardigheid van de hele internationale gemeenschap. Ook als teken aan andere tribunalen kun je niet accepteren dat zulke mensen ongestraft rondlopen. Maar lukt het niet vóór 2010, dan zou ons scenario-B zijn dat er een mechanisme wordt bedacht waardoor er een internationaal proces kan worden gevoerd als ze worden gearresteerd. Het tribunaal zal met een aantal taken hoe dan ook doorgaan. Er zijn mensen in hechtenis, er worden getuigen beschermd, de regio zelf moet ondersteund worden.”

Stel dat Mladic (66) en Karadzic (62) komen, maar te ziek zijn om te worden berecht. U moet hen laten gaan. Zou dat erger zijn dan het scenario dat ze nooit worden gevonden?

„Daar kan ik geen antwoord op geven. Ik weet dat deze heren op leeftijd zijn. Maar ons mandaat is dat ze worden berecht. Het is een verplichting dat men hen vindt, arresteert en naar Den Haag brengt.”

    • Petra de Koning
    • Cees Banning