Ontslagrecht wordt zorgvuldig vermeden

Nieuwsanalyse

Om niet in een diepe la te belanden moest het advies van de commissie-Bakker breder zijn dan het politiek beladen ontslagrecht. Dat lijkt gelukt.

Het was de commissie die een einde moest maken aan de impasse in het kabinet over het ontslagrecht. Maar in het vanmorgen gepresenteerde eindrapport speelt dat beladen begrip maar een ondergeschikte rol. Het is een breed rapport geworden, gemaakt door een commissie van onafhankelijke deskundigen, die „zonder beperkingen” aanbevelingen mocht doen aan het kabinet. Met als enige opdracht: ervoor zorgen dat de komende decennia meer mensen aan het werk gaan – en blijven, zodat de Nederlandse verzorgingsstaat houdbaar blijft.

De commissie wilde vernieuwend zijn. De acht deskundigen die door het kabinet waren aangezocht waren zich bewust van de hypotheek die er op de discussie over het ontslagrecht rustte. Nieuwe voorstellen formuleren over dit politiek beladen thema zou onherroepelijk tot een nieuwe loopgravenoorlog leiden. Dus als de commissie wilde dat het advies niet meteen in een diepe la zou verdwijnen, moest het veel breder, veel omvattender zijn dan alleen een nieuw ontslagplan.

Dat lijkt te zijn gelukt.

Vanochtend leek het erop dat de discussie over het ontslagrecht niet opnieuw zal gaan oplaaien. CDA, PvdA en ChristenUnie reageerden eensgezind positief op het rapport. Ook minister Donner (Sociale Zaken, CDA) vindt het geen probleem dat het ontslagstelsel niet wordt aangeroerd. En de meeste voorstellen die wel worden gedaan, vormen geen groot politiek gevaar. Eén van de weinige punten die overblijft is de AOW. De commissie wil de AOW-leeftijd verhogen naar 67 jaar. Het CDA is hier tegen; de PvdA wil rijkere ouderen laten meebetalen aan de AOW. De commissie wil pas na 2011 ouderen laten meebetalen en pas vanaf 2016 de leeftijd verhogen, waarmee ook dit onderwerp niet tot conflicten in de coalitie zal leiden.

De commissie-Bakker werd eind vorig jaar in het leven geroepen toen het meningsverschil tussen met name CDA en PvdA over het ontslagrecht zo hoog was opgelopen dat de regeringscoalitie in gevaar kwam. Langdurige sessies in het Catshuis en elders, waarbij Donner probeerde zijn collega’s van de andere partijen te overtuigen dat modernisering van het ontslagrecht echt nodig was, hadden niets opgeleverd. De PvdA-fractie in de Kamer had in navolging van de vakbeweging ‘nee’ gezegd tegen de plannen, en dus gingen ook de PvdA-bewindslieden niet om.

Dat het rapport niet draait om het ontslagrecht, was daardoor van tevoren al wel duidelijk. Het onderwerp komt wel voor in het advies, maar speelt geen hoofdrol. In de visie van de commissieleden is ontslagrecht ook lang niet het belangrijkste onderwerp waarover zij moesten adviseren.

Vervolg Ontslag: pagina 13

Bakker gaat veel verder dan Donner heeft aangedurfd

Tot 2040 daalt de beroepsbevolking met maar liefst 1 miljoen mensen, terwijl er alleen al tot 2015 600.000 banen bij komen, en nog eens 2,6 miljoen vacatures doordat mensen met pensioen gaan of arbeidsongeschikt worden. Waarom zou je het dan alleen maar hebben over ontslag?

Vanochtend presenteerde de commissie haar eindrapport, Naar een toekomst die werkt. Naar verluidt stelde voorzitter Peter Bakker, topman van postbedrijf TNT, aan het begin van de besprekingen van de commissie voor dat de leden zich moesten voorstellen dat ontslag ‘verboden’ is. Hoe zorg je er dan voor dat er nog dynamiek is op de arbeidsmarkt en mensen van baan wisselen?

De oplossing ligt volgens de commissie in het vergroten van de inzetbaarheid van mensen. „We krijgen de komende decennia te maken met meer werk en minder mensen”, zo luidt een van de twee hoofdconclusies van de commissie. De tweede is: „Door de globalisering nemen de eisen aan het kennisniveau en aanpassingsniveau van de beroepsbevolking toe. Nederland heeft snel iedereen nodig en iedereen moet voortdurend inzetbaar zijn.”

Dat is op zichzelf een positieve boodschap. Een boodschap die „hoop in plaats van angst” moet wekken, zoals de commissie wil. Wat niet betekent dat alles dus bij het oude kan blijven en werknemers niet hoeven vrezen dat er aan hun ‘verworven rechten’ wordt geknabbeld. Wie het rapport goed leest, ziet dat de commissie eigenlijk veel verder gaat dan minister Donner vorig jaar heeft aangedurfd. Er zijn in het advies van Bakker wel sporen te vinden van zijn plannen, zoals de scholingsplicht die werknemers krijgen opgelegd. Maar Bakker wil nog veel meer.

Het ontslagrecht is weliswaar geen hoofdthema in het rapport, maar komt er wel in voor. De commissie wil af van het gegeven dat mensen achteraf een ontslagvergoeding krijgen, als het eigenlijk al te laat is en zij hun baan kwijt zijn. Die vergoeding moet naar voren worden gehaald, in de vorm van een ‘werkbudget’. Werknemers kunnen daar scholing van betalen, zodat ze toegerust zijn voor een eventuele overstap naar ander werk, mocht hun baan ophouden te bestaan. Naast scholing kunnen er ook periodes mee worden overbrugd waarin werknemers minder inkomsten hebben.

Op voorhand een thema waar strijd over valt te verwachten, is verder het voorstel om de WW om te vormen tot een ‘werkverzekering’ die korter gaat duren dan de huidige WW. Of de vakbeweging staat te juichen bij het plan om werknemers het eerste half jaar geen uitkering meer te geven maar het recht op begeleiding door hun werkgever bij het zoeken van alternatief werk, is de vraag.

En dan ‘langer doorwerken’, waarmee de commissie-Bakker wil bereiken dat de arbeidsparticipatie op termijn structureel op 80 procent van de beroepsbevolking ligt. Verhoging van de AOW-leeftijd heeft de Sociaal-Economische Raad ook al eens geopperd. Maar er is nog een lange weg van discussie te gaan voor zulke voorstellen werkelijkheid worden.

Te verwachten valt dan ook dat het kabinet vooral werk zal maken van de 42 voorstellen voor de korte termijn die minder omstreden zijn en gedeeltelijk al in gang zijn gezet. Pas bij de volgende verkiezingen zal duidelijk worden of de politiek ook oor heeft voor de rest van het advies.