Leden CU geven ruimte voor heikele punten

Homoseksuelen kunnen straks de ChristenUnie vertegenwoordigen. En de partij hoopt op een compromis over de embryoselectie.

Wat was voor leider van de ChristenUnie André Rouvoet het mooiste moment uit de EK-wedstrijd Nederland-Frankrijk vrijdagavond? Dat kwam pas ná de „daverende overwinning”, toen „de spelers direct hun gezin opzochten en trots hun kinderen het veld ronddroegen”.

Eén dag voor Vaderdag vond Rouvoet het gepast om bij de afsluiting van het voorjaarscongres van zijn partij aandacht te vragen voor de „positieve rol van vaders in de opvoeding en verzorging van hun kinderen”. Op datzelfde congres stemde een grote meerderheid van de aanwezigen voor een nieuwe gedragscode voor CU-politici. Door die code wordt het voor de ChristenUnie mogelijk om homoseksuele kandidaten als vertegenwoordigers te accepteren.

De nieuwe gedragscode is over de levenswijze van homoseksuele politici beknopt. Er staan ook geen zondenlijstjes in. De beoordeling van de geschiktheid van de homoseksuele kandidaat wordt overgelaten aan lokale selectiecommissies. De partij blijft wel tegen het homohuwelijk: in het nieuwe programma komt te staan dat het huwelijk „door God bij de schepping is ingesteld als een in beginsel onverbreekbare relatie van één man en één vrouw”.

Ook Yvette Lont was in Zwolle, het Amsterdamse stadsdeelraadslid dat vorige zomer de discussie over homoseksualiteit in de partij aanzwengelde. Zij proefde „onzekerheid” in de zaal, zei ze na afloop van de stemming. „Er is een heleboel níét gezegd.” Lont had aangekondigd haar lidmaatschap op te zeggen als de gedragscode zou worden aangenomen, maar hield nog een slag om de arm.

Het tweede belangrijke onderwerp van de dag was de discussie over embryoselectie. Partijvoorzitter Peter Blokhuis, Tweede Kamerfractievoorzitter Arie Slob en André Rouvoet leken de achterban voorzichtig in de richting van een compromis te dirigeren. Blokhuis wees op de „realiteitszin” die de ChristenUnie van meet af aan heeft gekenmerkt, naast haar „christelijke radicaliteit”.

Slob zei over embryoselectie: „Hoewel de praktijk nog niet zo ver is, staat juridisch gezien de deur sinds Balkenende II [2003, red.] wagenwijd open. (...) Hem volledig in het slot gooien is – zo reëel moeten we zijn – geen optie. Maar hem wagenwijd open laten staan ook niet.”

Rouvoet zelf zei er vertrouwen in te hebben dat het kabinet zal komen „tot een gezamenlijk gedragen, evenwichtig standpunt over inkadering van de toepassing van embryoselectie”.

Meer over de congressen op het weblog nrc.nl/actueel