Kiri zingt, de zaal hoest

Klassiek Kiri Te Kanawa (sopraan) en Julian Reynolds (piano). Gehoord: 15/6 Dr. Anton Philipszaal Den Haag. Radio 4: opname voor uitzending op nader te bepalen datum.

Het slot van het driedaagse Haagse Festival Classique was gisteravond ook het Nederlandse afscheidsconcert van Kiri Te Kanawa.

De wereldberoemde sopraan, die donderdag in de Ridderzaal een oeuvre-Edison kreeg, heeft slechts een kleine Nederlandse carrière. Bij de Nederlandse Opera zong ze helaas nooit, haar laatste drie optredens waren benefietconcerten in 1998, 2000 en 2002.

Het laatste echte prestigieuze optreden in ons land van Kiri Te Kanawa was in 1991 in het Amsterdamse Concertgebouw bij het Radio Filharmonisch Orkest. Het prachtige programma toen was er een in meditatieve afscheidssfeer: Mozart-aria’s met teksten over vertrek en het begin van een ander leven, en de Vier letzte Lieder van Strauss.

Zo’n expliciete afscheidssfeer was er nu niet: de twintig nummers, onderverdeeld in zes goed opgebouwde groepen, gaven een overzicht van een deel van haar repertoire: barok (Scarlatti, Händel, Vivaldi), Strauss, Liszt, Berlioz, Spaans (Carlos Guastavina, Ginastera) en Puccini. Helaas geen Mozart, een van de beste componisten voor haar, maar weinig geschikt voor pianobegeleiding.

De kille en kale Dr. Anton Philipszaal bleek weer eens de verkeerde sfeer te hebben. Het recital leek wel een auditie in een bioscoop. Het zaallicht was – op uitdrukkelijk verzoek van het management van Te Kanawa – vrijwel steeds gedoofd, waardoor het programmaboekje niet was te raadplegen. En terwijl Te Kanawa uiterst subtiel en fragiel zong, leek het publiek eens graag uit te hoesten.

Verder was het een exemplarisch optreden van Kiri Te Kanawa, gekleed in zwart met glitters. Ze zong met zeer lichte stem gedistingeerd en ingehouden, chic en elegant. Hoogtepunten waren Lascia ch’io pianga uit Händels Rinaldo, een extreem langzaam Morgen van Strauss, een languissant Le spectre de la rose uit Les nuits d’ été van Berlioz en Canción al arbol del olvido van Ginastera: zwoel, sensueel en zelfs heupwiegend!

Sole e amore op muziek die Puccini later gebruikte in La bohème, leverde nog een aardig moment op, toen de gevoelvol begeleidende pianist Julian Reynolds de laatste maat zachtjes meezong. Echte dramatiek ligt Te Kanawa nauwelijks, bleek in de etherisch gezongen aria Signor ascolta uit Puccini’s Turandot, en de eerste toegift, Io son l’ umile ancella uit Cilea’s Adriana Lecouvreur. Te Kanawa’s lichte zangstijl paste weer perfect in haar favoriete toegift: O mio babbino caro uit Puccini’s Gianni Schicchi.

Lees het interview met Kiri Te Kanawa op nrc.nl/kunst