Druk van EU op Ierland na ‘nee’

Grote landen in Europa willen het nieuwe EU-verdrag redden na het Ierse ‘nee’.

In Luxemburg is er vandaag een crisisvergadering.

President Nicolas Sarzoky van Frankrijk had het dit weekeinde over „het Ierse incident”. Hij hoopte, zei hij, dat dat ‘incident’ geen crisis zou worden. Maar er zal zeker sprake zijn van een crisissfeer wanneer de EU-ministers van Buitenlandse Zaken vandaag vergaderen in Luxemburg. Een eenvoudige oplossing is er namelijk niet, nadat Ierland donderdag het nieuwe EU-verdrag afwees.

Sarkozy zei dat de andere landen moeten doorgaan met ratificeren. In achttien van de 27 EU-landen hebben de parlementen het verdrag al goedgekeurd. Belangrijk is dat Sarkozy voor zijn oproep de steun zei te hebben van Duitsland én Groot-Brittannië. De Britten zijn nog niet klaar met ratificeren. En Gordon Brown, de Britse premier, zal nu door eurosceptici in zijn land onder druk worden gezet om daarmee te stoppen.

Maar wat als álle landen – behalve Ierland – het verdrag straks zouden goedkeuren? Dan kan het nog niet in werking treden. Een mogelijkheid is dat de Ieren een tweede referendum houden. Ze deden dat al eens, nadat ze in 2001 de eerste versie van het huidige EU-verdrag hadden afgewezen. Ruim een jaar later zeiden ze alsnog ja.

Ook José Manuel Barroso, de voorzitter van de Europese Commissie, lijkt het liefst te zien dat de Ieren het probleem zelf oplossen. „Het verdrag is niet dood”, zei hij. „Het leeft.”

Maar David Milliband, de Britse minister van Buitenlandse Zaken, klonk dit weekeinde al wat voorzichtiger. „De Ierse premier moet nu beslissen wat de volgende stappen zijn. Hij moet aangeven of het tijd is voor de laatste sacramenten.”

Als de andere 26 allemaal willen doorgaan dan wordt de druk op Ierland groot om een tweede referendum te organiseren. Maar er zullen ook andere ideeën naar voren worden gebracht, vandaag in Luxemburg en later deze week in Brussel wanneer regeringsleiders vergaderen.

Het nieuwe verdrag, de vervanger van de Europese Grondwet, is bedoeld om de EU beter te kunnen besturen. Er zou onder meer een ‘EU-president’ komen. De Luxemburgse premier Jean-Claude Juncker, kanshebber voor die baan, vroeg zich al openlijk af of het verdrag nog kan worden gered. „Het wordt steeds moeilijker om met alle staten overeenstemming te bereiken”, zei hij. „De enige oplossing is waarschijnlijk een ‘kopgroep’.” Zo’n kopgroep van landen zou nauwer kunnen samenwerken, waar andere dat niet willen.