Voilà

‘De teloorgang van Neêrlands onderwijs houd ik niet meer tegen.” Mijn collega zet een accolade om de scores van de examinator en noteert: idem. Dan een gulle krabbel en klaar is Kees. Het werk zit onaangeroerd in de envelop.

“Van mijn tweede correctie zal het niet afhangen”, smaalt hij. “En van de eerste trouwens ook niet. Laat de blinden de blinden helpen. Wat jij!”

De man geniet al jaren van zijn gepensioneerd gelijk. Het kost me geen moeite om zijn stem nog te horen. “Waarom pietepeuteren op de vierkante millimeter als de minister iedere randdebiel wil laten studeren? Ik ben toch niet helemaal van lotje getikt?”

Nee, dan de dwazen die hun taak serieus nemen. Sommige collega’s zijn dagenlang nerveus. Hun correctiewerk is ingestuurd, elke avond kan de telefoon gaan. Ik ken collega’s die al het werk kopiëren om geen onderhandelingsachterstand te hebben bij de juiste interpretatie van de antwoorden. Want zo gaat het. Leraren controleren elkaars nakijkwerk. Is het correct beoordeeld? “Rekent u dat goed? Er stáát iets anders. Maar, mevrouw, dat is gewoon hartstikke fout. Ja, ik begrijp uw redenering maar bij mijn eigen kandidaten heb ik dat aangerekend en die ga ik echt niet benadelen nu.”

Leraren die leraren corrigeren: het kunnen lange telefoongesprekken worden. Aangenaam als we het eens worden en bovendien samen nog wat te klagen hebben, minder aangenaam wanneer de ander beet heeft en de bal op de man gaat. “Hoe lang zit u eigenlijk al in het vak? Bent u wel bevoegd?”

Want natuurlijk, het gaat om iets. Naam van de docent, naam van de school maar vooral gaat het om mijn leerling. Kom niet aan mijn leerling. Remco bijvoorbeeld. Woorden kan hij opzoeken maar vertalen kan hij niet. Jarenlang hielp ik hem: hoofdzin, bijzin, onderwerp, persoonsvorm. Hij dichtte de prachtigste nonsens uit Latijnse teksten. Hij mailde me proefvertalingen, kwam terug op extra uurtjes, ging ervoor. Tja en daar zit je dan met zijn werk. Hij is zichtbaar in tijdnood geweest. Vanaf zin één raakte hij de logica van de tekst alweer kwijt. Op zo’n moment wordt corrigeren puntjes harken en de tweede corrector de vijand. Hij kent Remco niet. Hij weet niet dat Remco’s onverzettelijkheid Nederland boven water gaat houden straks. Remco verdient zijn diploma alleen al op karakter.

De dagen verstreken. Geen telefoon. Wel een mailtje of ik wil komen tekenen voor de definitieve resultaten. Idem. Ik zet een gulle krabbel.

Voilà.

marijn@marijnbacker.nl