Met andermans pensioen is het goed boekhouden

Pensioen kost geld. Toch kunnen bedrijven er dankzij rekentrucs winst op maken. Dat mag. Maar superbelegger Warren Buffett blijft uitermate sceptisch.

Illustratie Rhonald Blommestijn Spaarvarken Blommestijn, Rhonald

Het is een van de best bewaarde geheimen van het Nederlandse bedrijfsleven. Hoe maak je als werkgever van het pensioengeld van je werknemers een regelrechte winstbron voor je aandeelhouders?

Bijna iedereen kan het. De enige voorwaarden zijn een eigen pensioenfonds en een zonnige kijk op de toekomstige rendementen op dat pensioengeld. Mochten er vragen rijzen: weet je beschermd door de alom geaccepteerde internationale boekhoudregels. [Zie: Hoe werkt de hocus pocus?] Want het mooie is: het mag gewoon.

Voor u als werknemer is uw pensioen hét appeltje voor de dorst. Leuk voor later. Maar uw pensioengeld is ook een appeltje voor de dorst voor uw werkgever. Niet voor later. Maar voor nu.

Neem Philips. De regel is: pensioen is een kostenpost. Pensioen is de duurste secundaire arbeidsvoorwaarde. Maar Philips maakt op zijn pensioenregeling voor Nederlandse (ex-)werknemers winst. Het voordeel zit in het verschil tussen de reguliere pensioenkosten en het verwachte rendement op het pensioengeld. Bedrijven mogen dat verwachte rendement als opbrengst tellen, of ze dat rendement nu echt maken of niet. Hoe meer verwacht rendement, hoe sneller je uit de kosten komt.

Het gunstige verschil stroomt naar de bedrijfswinst. In 2005 was dat bij Philips voor zijn Nederlandse pensioenen 60 miljoen euro, in 2006 192 miljoen, vorig jaar 194 miljoen. Let wel: Philips doet geen greep in de pensioenkas. Het pensioenfonds maakt ook geen geld over naar Philips. Het is boekhouden. Met echt geld. Doordat Philips winst maakt op het pensioen van zijn Nederlandse werknemers drukt het concern de loonkosten en valt de winst hoger uit. Gunstig voor beleggers. Gunstig voor de bedrijfstop, die via aandelenopties belang heeft bij stijgende winsten en beurskoersen.

Ook Shell maakt inmiddels winst op zijn personeelspensioen: 191 miljoen dollar.

Wie door de jaarverslagen van de grote Nederlandse bedrijven bladert kan met eigen ogen zien hoe het pensioenspaarvarken de winst spekt. Nederland heeft zelfs een voordeeltje. Amerikaanse bedrijven rekenen met verwachte rendementen van gemiddeld 8 procent. Nederlandse bedrijven zitten een stuk lager, blijkt uit een inventarisatie. Maar doordat er honderden miljarden in de pensioenpotten zitten, heeft een lager rendement al een gunstig effect.

Koploper verwacht rendement op pensioengeld is TNT, het post- en vervoersbedrijf: 7,9 procent. Tot 2002 was het verwachte rendement 9,5 procent. Mede dankzij de hoge prognose dalen de pensioenkosten van het bedrijf jaar in, jaar uit. Vorig jaar waren de kosten 45 miljoen euro, in 2005 was het nog 149 miljoen.

Duidelijke regels van bijvoorbeeld accountants of toezichthouders als de Autoriteit Financiële Markten voor de gebruikte rendementen in pensioenboekhouden zijn er niet, weet Dennis Jullens, als analist bij UBS gespecialiseerd in het onderwerp. „De accountant toetst voor zover ik weet niet wat de realiteitszin is van het verwachte rendement op pensioengeld.”

Maar bedrijven en hun accountants beseffen dat de keuze van het verwachte rendement cruciaal is. Veel ondernemingen geven aan wat er gebeurt als een van de veronderstellingen wijzigt, zoals het verwachte rendement op pensioengeld. Als TNT zijn verwachte rendement met 0,5 procentpunt zou verlagen, zouden de pensioenkosten meer dan 50 procent stijgen, blijkt uit het jaarverslag.

Deze openheid geeft het beleggende publiek duidelijkheid en verlaagt de kans op manipulatie, vindt Jullens. „Je kunt als analist zien wat een bedrijf doet.”

Verwachte rendementscijfers als die van TNT zitten superbelegger Buffett al jaren dwars. [Zie: Wat zegt het Orakel uit Omaha?] Hij ziet het als manipulatie door managers. „Op die manier kunnen zij hogere resultaten rapporteren.”

Lukt het TNT om de verwachte rendementen waar te maken? Bij mooie beursjaren presteert het pensioengeld beter. Maar in slechte jaren ontstaat een kloof tussen feit en verwachting. Een blik op de prestaties in een cyclus van beurshausse, koersval en hausse (2000-2007) leert dat in slechte jaren meer wordt verloren dan in mooie jaren extra wordt verdiend. TNT dacht in deze periode meer dan 2,4 miljard euro te verdienen. In de praktijk was het bijna 1,1 miljard.

In een reactie zegt een woordvoerder dat het TNT pensioenfonds sinds de oprichting in 1989 gemiddeld 7,9 procent rendement heeft gemaakt. „Er is derhalve geen reden om te veronderstellen dat dat in de toekomst niet gehaald zou worden, al zullen er altijd jaren zijn die daarboven of daaronder uitkomen.”

Ook met een lager rendement dan TNT is het goed boekhouden. Zie ING, zelf een superbelegger. ING verwachtte in 2007 een rendement van 6,2 procent op zijn pensioengeld. Ook voor ING pakken de boekhoudregels gunstig uit. In 2005 waren de pensioenkosten 666 miljoen euro, vorig jaar 195 miljoen euro.

Maakt ING het verwachte rendement waar? Van 2000 tot en met 2007 verdiende ING 3,2 miljard euro. Maar het verwachte rendement was 5,7 miljard euro.

In een reactie zegt een ING-woordvoerder dat acht jaar te kort is voor een een langetermijnbelegger. Vijftien tot twintig jaar is beter. Hij zegt verder dat de pensioenverplichtingen van het concern dalen en dat het niet raar is dat de kosten van die pensioenregeling meedalen.

Maar ook overleg met een accountant kan positief uitpakken. De Nederlandsche Bank verhoogt het verwachte rendement op het pensioengeld van 4,55 procent naar 5,8 procent. Is De Nederlandsche Bank, de waakhond van de financiële wereld, opeens optimistischer over het beursklimaat?

Nee. De rendementsverhoging is het gevolg, zo blijkt uit een reactie van een woordvoerder, van „technisch overleg” met de accountant, waaruit naar voren kwam dat meer rekening moet worden gehouden het de (hogere) rendementen op obligaties van bedrijven. Het levert 10 miljoen euro extra op en drukt de pensioenkosten met een derde.

De boekhoudregels voor pensioenen hebben nog een verassend effect in petto. De gestegen pensioenvermogens en de positieve rendementen kunnen dit jaar de pensioenkosten nog eens extra drukken. Zegt analist Jullens: „Het kan een welkome winstbijdrage geven in moeilijke tijden.”