‘Marktwerking moet niet te snel’

Marktwerking in de gezondheidszorg moet niet te snel gaan. Dan loop je het risico dat er ongelukken gebeuren en prijzen uit de hand lopen omdat de verzekeraar te veel moet betalen. Dat zegt Frank de Grave, voorzitter van de Nederlandse Zorgautoriteit in Utrecht in een vraaggesprek met deze krant.

Sinds de liberalisering in de zorg met de introductie van de Zorgverzekeringswet in 2006 begon, is de sector flink opgeschud, concludeert het Onderzoek Marktwerkingsbeleid, dat het ministerie van Economische Zaken eerder dit jaar publiceerde. In het onderzoek zijn elf sectoren in de publieke sector beschreven waar de afgelopen jaren vormen van marktwerking zijn doorgevoerd, variërend van het postbedrijf en de luchtvaart tot de kinderopvang, de energie en de ziekenhuiszorg.

„Het gaat de goede kant op, maar we moeten nog heel veel slagen maken”, zegt De Grave. Zijn zorgautoriteit is in het leven geroepen om de marktwerking in de zorg te regisseren en toezicht te houden. In de zorg is maar een klein gedeelte van de markt geliberaliseerd. Twintig procent van de ziekenhuisproductie kent vrije prijsvorming waarbij ziekenhuizen en verzekeraars over de prijs onderhandelen. Dat wordt in 2009 voorzichtig opgevoerd naar 34 procent. „Er zijn nog belangrijke belemmeringen die volledige vrijgave van de markt voor ziekenhuisproductie in de weg staan”, zegt De Grave. Zo hebben noch verzekeraars, noch patiënten voldoende inzicht in de prijs en kwaliteit van de door het ziekenhuis te leveren diensten. „Er is meer openheid nodig over de kosten die ziekenhuizen maken”, stelt De Grave.

De Inspectie voor de Gezondheidszorg zou een keuringsdienst voor ziekenhuizen moeten instellen, zegt Erik Veldhuizen, radioloog en directeur van het MRI Centrum in Amsterdam, in een gesprek in deze krant.

Marktwerking: pagina 25