Een tuinpaviljoen als studentenhuis

Een tuinhuis dat zelfs in ’t Gooi niet zou misstaan. (Foto’s Walter Herfst) Alblasserdam, 11 juni 2008 Aankoop tuin paviljoen. Foto: Walter Herfst Herfst, Walter

Vijf jaar geleden kocht Peter van Breemen (42) zijn droomhuis in Alblasserdam. Landelijk gelegen, met schapen vrijelijk lopend rondom het zwembad. Daar hoorde in zijn optiek ook een landelijk tuinhuis bij.

Er stond al een ander tuinhuis?

„Ons huis staat op een eiland en het zwembad en het tuinpaviljoen op een ander eiland. Voorheen stond er een oranjerie, in de zomer te warm en in de winter ongezellig, dan was het net een vogelkooi.”

Dus jullie wilden wat nieuws.

„We zijn eerst langs een aantal bouwmarkten gegaan. Maar als je daar een tuinhuis koopt, kun je over tien jaar opnieuw beginnen. Mijn vrouw zag dit paviljoen bij een show. Je denkt nog, zullen we er foto’s van nemen en dan zoeken we uit of we het op een alternatieve wijze kunnen laten maken? Maar dit is vakmanschap. Dit kun je niet zomaar namaken.”

Alleen hangt aan vakmanschap wel een prijskaartje.

„Het geheel kostte 30.000 euro. Maar het is prachtig. Het had ook in ’t Gooi kunnen staan. We zitten er vaak, hebben er televisie, draadloos internet en er hangt een interne telefoon. ’s Avonds zit ik er vaak en als het eten klaar is, word ik gebeld. Overigens staat er ook een bed. Mijn kinderen van 15 en 17 slapen er graag.”

Zij willen daar natuurlijk wonen.

„Dat lijkt ons een goed plan, bijvoorbeeld als ze gaan studeren. Als je hoort hoe duur die studentenkamers zijn... Ze kunnen er wonen, het huisje staat er toch.”

Worden ze dan nog steeds gebeld als het eten klaar is?

„En de was kunnen ze ook nog brengen. We kunnen het goed met onze kinderen vinden. Overigens moet zo’n paviljoen wel bij je huis passen. We hebben 3.500 vierkante meter grond, maar zoiets neerzetten als je minder dan 1.000 vierkante meter hebt, is een beetje raar.”

Is het paviljoen bedoeld als meerwaarde voor het huis?

„Dat is in deze streek een beetje lastig. Op een gegeven moment raak je hier aan een taks qua huizenprijs. We moeten het huis nog wel kunnen verkopen. Dat is anders in de Randstad, daar worden huizen toch wel verkocht.”

Hoe kwam u eigenlijk aan dit huis?

„We woonden in een prachtig huis dat we zelf hadden gebouwd, maar dit huis ligt zo mooi. Toen het te koop werd aangeboden, hebben we er twee jaar omheen gelopen. De eigenaar wilde er op een gegeven moment vanaf, omdat hij naar Amerika emigreerde. Zodoende konden we onderhandelen.”

En krijgt het hoofdhuis nog een rieten hoed?

„Daar zitten we nu aan te denken. We hebben zojuist een offerte aangevraagd. Het is prijzig, maar riet isoleert uiteindelijk beter dan dakpannen.’

U bent zeker ondernemer?

„Dat heeft u goed gezien.”

Willemijn van Benthem