Nuon zoekt buitenlandse fusiepartner

Energiebedrijf Nuon gaat op zoek naar een buitenlandse fusiepartner. Bestuur, commissarissen en aandeelhouders van het bedrijf zijn het daarover eens geworden.

Daarmee lijkt de vorming van een ‘nationale kampioen’ op energiegebied, met Essent, definitief van de baan. „Samengaan met Essent is een gepasseerd station”, laat een woordvoerder van Nuon weten.

Begin vorig jaar kondigden Essent en Nuon aan te gaan fuseren. De vorming van een nationale energiekampioen was bedoeld om de concurrentie op de Europese markt te kunnen blijven aangaan.

Energiebedrijven zijn daar aan het clusteren, als gevolg van de liberalisering van de energiemarkt. Het nieuwe fusiebedrijf, dat Nusent moest gaan heten, kwam er uiteindelijk toch niet wegens een gebrek aan onderling vertrouwen. Nuon ging niet akkoord met een belang van 45 procent in de nieuwe onderneming.

Nuon zoekt nu een buitenlandse partner voor het productie- en leveringsdeel. Het transportnet blijft in publieke handen, en moet volgens de Nederlandse wet uiterlijk voor 2011 zijn afgesplitst. De voorbereidingen voor die splitsing zijn bijna afgerond, laat Nuon via een persbericht weten. Daarom gaat het „strategische vervolgstappen” nemen.

Nuon wil samengaan met een bedrijf dat ongeveer even groot is, dat gasvelden bezit en zich sterk richt op duurzame energie. Veel genoemde potentiële fusiekandidaten zijn het Deense Dong, het Zweedse Vattenfall en het Britse Centrica. Nuon verwacht minstens zes maanden nodig te hebben om een geschikte partner te vinden.

Om straks de koers van het gefuseerde bedrijf te kunnen blijven bepalen, zullen de provincie Gelderland en de gemeente Amsterdam hun belang in Nuon, respectievelijk 45 en 9 procent, voorlopig niet verkopen, aldus de woordvoerder van Nuon. Friesland heeft eerder aangegeven zijn belang van 13 procent van de hand te willen doen. Ook kleinere aandeelhouders zouden hun belang kwijt willen. Noord-Holland (9 procent) heeft eerder aangegeven aandelen te willen bijkopen.