Lehman met rug tegen muur

Van een hele reeks financiële instellingen is Lehman Brothers de minst voor de hand liggende kandidaat om onafhankelijk te blijven, aldus een op een conferentie van The Wall Street Journal gehouden enquête. Ken Lewis, de topman van Bank of America, zei tijdens diezelfde conferentie dat hij niet van plan is zijn „kleingeld” uit te geven aan de overname van een zakenbank. Toch konden andere potentiële kopers Lehman wel eens een koopje gaan vinden als de vertrouwenwekkend bedoelde maatregelen van die firma niet snel een einde maken aan de afkalving van de aandelenkoers.

De jongste kapitaalinjectie van Lehman – de 6 miljard dollar (3,9 miljard euro) van maandag – heeft de beurskoers niet kunnen stabiliseren. Die daalde diezelfde dag nog met 9 procent, dinsdag met 7 procent en woensdag nog eens met 14 procent. Na de recente afschrijvingen bedraagt de koers nu nog slechts driekwart van de boekwaarde.

Dat kan net zoveel te maken hebben met zorgen over verwatering en lagere toekomstige winstverwachtingen als met de angst dat de firma daadwerkelijk failliet zal gaan. De jongste geruchten luiden immers dat Lehman naar nog meer kapitaal op zoek is, wellicht van Koreaanse beleggers.

Toch heeft de kredietcrisis de twijfel nieuw leven ingeblazen of zakenbanken – vooral de kleinere – kunnen overleven zonder toegang tot de balansen van grote banken. Voor Lehman lijkt een grote campagne om haar financiën te verstevigen en haar verhaal naar buiten te brengen niet veel vruchten af te werpen.

Topman Dick Fuld, die tot nu toe het meeste pr-werk heeft overgelaten aan financieel directeur Erin Callan, zou nog op de proppen kunnen komen met nieuwe ideeën. Maar ondanks zijn strijdlustige staat van dienst zou het de 62-jarige op een gegeven moment vergeven kunnen worden als hij besluit de handdoek in de ring te gooien en de firma aan de hoogste bieder te verkopen.

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaaruit Londen: www.breakingviews.com