Het Westen geeft Kabul geld, China doet zaken

Terwijl het Westen op een donorconferentie in Parijs financiële hulp biedt aan Afghanistan, drijft China volop handel met het land. „Dit is pure business”, zegt de minister van Mijnbouw.

Sinds twee jaar is mijnbouwkundig ingenieur Mohamad Ibrahim Adel (58) minister van Mijnbouw in de regering van president Karzai. Hij was deze week niet in Parijs, waar de internationale gemeenschap heeft besloten tot een nieuwe, omvangrijke financiële injectie voor Afghanistan. Maar misschien is zijn bijdrage aan de toekomst van het land wel veel belangrijker dan alle hulpinspanningen uit het buitenland tezamen.

Minister Adel is bezig de omvangrijke bodemschatten van Afghanistan – van ijzererts tot goud en van gas tot kolen – te gelde te maken. Wie belangstelling heeft voor delving en exploitatie, moet zich melden. Met de opbrengst van de concessies kan de wederopbouw van Afghanistan echt beginnen, zegt hij. „Vier, vijf jaar geleden nam niemand dit verhaal serieus. Nu ziet iedereen de mogelijkheden”, zegt Adel in zijn kantoor op zijn ministerie in Kabul.

Minister Adel wijst op een grote kaart van Afghanistan op de muur achter zijn bureau. Olie- en gaspijpleidingen, goed geasfalteerde snelwegen en – voor het eerst in de geschiedenis – spoorlijnen waarover goederentreinen het land zullen doorkruisen, van noord naar zuid en van oost naar west, somt hij op. Ze staan nog niet op de kaart, maar gaan er wel komen. En banen, vooral veel banen voor de gewone Afghanen.

Eind vorige maand zette de minister zijn handtekening onder een omvangrijk contract met een Chinees consortium voor de winning van koper in Aynak, in de Afghaanse provincie Logar. Die overeenkomst, hoewel niet zo uitgebreid belicht in de internationale media als de donorconferentie in Parijs, is baanbrekend voor de nieuwe koers van Afghanistan.

In het gebied rond Aynak, ongeveer vijftig kilometer ten zuiden van de hoofdstad Kabul, bevindt zich de op een na grootste, onaangeroerde kopervoorraad in de wereld. Het consortium, met daarin het vooraanstaande Chinese staatsbedrijf Jiangxi Copper, betaalt 808 miljoen dollar om de kopermijn gedurende dertig jaar te mogen exploiteren – met een optie op verlenging als er dan nog steeds koper is.

Die ‘premie’ van 808 miljoen voor de Afghaanse overheid is niet het belangrijkste deel van het verhaal, legt minister Adel uit. In eerste instantie investeren de Chinezen bijna 2,9 miljard dollar om ‘Aynak’ productierijp te maken. Maar de investeringen zullen de komende jaren toenemen. Er moet een grote elektriciteitscentrale worden gebouwd, gestookt met Afghaanse kolen. Ook de lokale bevolking krijgt daarvan stroom. Er moeten wegen worden aangelegd, en een spoorlijn naar het noorden en naar de Pakistaanse grens. Er zullen toeleverende fabrieken komen, onder andere voor kabels en voor chemicaliën.

[Vervolg AFGHANISTAN: pagina 5]

AFGHANISTAN

Afghanistan blij met investering

[Vervolg van pagina 1] Minister Adel schat dat de kopermijn en de toeleverende bedrijven meer dan achtduizend directe arbeidsplaatsen zullen opleveren. En wat ook heel aantrekkelijk is: het Chinese consortium zal jaarlijks naar verwachting 400 miljoen dollar aan belastinggeld in de Afghaanse schatkist storten. Tweederde van de hulp van internationale donoren gaat buiten de Afghaanse regering om. Maar het Chinese ‘belastinggeld’ kan de regering naar eigen inzicht besteden aan wederopbouw van het land.

„Natuurlijk zijn we dankbaar voor de humanitaire hulp van de internationale gemeenschap”, zegt minister Adel. „Maar wat wij met de Chinezen doen is pure business. Dit is voor ons land een zeer aantrekkelijk model.”

Geen misverstand: het Chinese consortium is niet zo maar gekozen. Het deed het aantrekkelijkste bod, inclusief aanleg van spoorlijnen, in een openbare biedingenstrijd. Ook Russische, Amerikaanse en Canadese gegadigden deden mee. Volgens analisten is China bereid tot grote investeringen in Afghanistan, omdat het de grondstoffen hard nodig heeft voor zijn economische groei. Maar ook geopolitiek heeft het land groot belang bij aanwezigheid in het strategisch gelegen Afghanistan.

Toch blijft het een beetje vreemd. Terwijl de NAVO en enkele westerse bondgenoten strijden in Afghanistan om het land veiliger te maken, gaat een Chinees consortium het koper uit de grond halen.

Het ministerie raadt af om op eigen houtje naar Aynak te reizen. De gouverneur van de provincie Logar laat weten geen verantwoordelijkheid te willen dragen voor de veiligheid van bezoekers in het gebied. Op enkele tientallen kilometers ten zuiden van Kabul is het dus voor buitenstaanders al risicovol om te reizen.

Dat zal het welslagen van Aynak en de aanleg van spoorlijnen niet verhinderen, zegt minister Adel. Over enkele maanden, als het Chinese consortium begint met de voorbereidende werkzaamheden, is de veiligheid in het gebied gegarandeerd, verzekert hij. Volgens het contract moet ‘Aynak’ binnen vijf jaar operationeel zijn.