De laatste bespreking

In Hotel Beau-Rivage Palace wist Marco van Basten vanochtend precies hoe hij de jongens mentaal moest voorbereiden. Hij toonde beelden van de nu al historische wedstrijd tegen Italië. Beelden, wel te verstaan, van de Italianen. „Jullie zijn de afgelopen dagen enorm opgehemeld in de media”, sprak de bondscoach terwijl hij het dvd-apparaat aanzette. „Dat gun ik jullie van harte, maar we mogen niet vergeten dat het afgelopen maandag wel aan alle kanten meezat.”

Een door zijn assistenten vervaardigde samenvatting van Italiaanse blunders werd gestart. „Misschien waren jullie in jullie blijdschap over de 3-0 zege alweer vergeten dat de eerste kans voor Italië was. Nou, ik niet.” De spelers zagen hoe de bal vlak voorlangs het Nederlandse doel ging. Ja, die had er zomaar in gekund. „En onze 1-0, voor hetzelfde geld had de scheids hem afgekeurd. Dat weten jullie best. De deskundigen zijn er nog niet uit.”

Ruud van Nistelrooy verschoof ongemakkelijk op zijn stoel, stak zijn vinger op. Van Basten negeerde hem: nu even geen interrupties. De dvd toonde het veel geroemde tweede doelpunt. „Perfecte tegenaanval”, zei Van Basten. „Maar let nu even niet op Wesley en zijn mooie omhaal. Let op de twee centrale verdedigers van Italië. Wes, denk niet dat de Fransen óók van een afstandje zullen toezien hoe jij die bal binnenschiet.”

De internationals keken nog enkele minuten naar Italianen die Nederlandse spelers veel te veel bewegingsruimte gaven. Die zich lieten afbluffen zoals je dat in de Serie A zelden of nooit meemaakt. „In mijn Milanese jaren ben ik zo’n suffe manier van verdedigen nooit tegengekomen”, zei Van Basten. „Er is maar één conclusie mogelijk: ze hebben jullie vreselijk onderschat. Dat hoeven we van de Fransen niet te verwachten. Ze zullen scherp dekken, er bovenop zitten, hard spelen.”

De glimmende schedel van Jack van Gelder kwam in beeld. In een compilatie van Studio Sportzomer viel wel tien keer het woord finale. „Zo ging dat op het EK van 1992 ook”, memoreerde Van Basten. „We hadden in de poule met goed spel van Duitsland gewonnen en opeens had iedereen het over de finale. Daar gingen wij als spelers in mee. Vervolgens werden we uitgeschakeld door Denemarken. We waren toen beter dan in 1988 maar we werden geen kampioen. Zo kan het gaan. En als jullie willen dat het vanavond weer zo gaat als in 1992, dan moeten jullie vooral aan de finale gaan lopen denken.”

Nog eens somde hij de Nederlandse verdedigingsfouten op, waarvan Italië niet wist te profiteren. „Maken we die fouten vanavond weer, dan staan de Fransen snel op voorsprong.” De tv floepte uit. Met bleke koppies verlieten de Oranjehelden het zaaltje van Beau-Rivage. Achter hun ruggen kon Van Basten een glimlach nog net onderdrukken.

Lees het weblog vanAuke Kok op nrc.nl/ek