Straks beslist een clubje ethici dus over leven en dood

De regering overweegt een commissie van ethici in te stellen die zich per geval gaat buigen over embryoselectie.

Het is dan democratischer de burger zelf te laten kiezen.

Illustraties Sebe Emmelot Emmelot, Sebe

De kans is groot dat een commissie van ethici nu het probleem van de embryoselectie moet oplossen. Zo doen we dat in Nederland, wanneer de regering er niet uitkomt. Sinds 1991 werden er door de overheid maar liefst 91 commissies ingesteld, lopend van het pachtbeleid (2000), taxivergunningen (2001), tot en met Srebrenica (1998) en de WAO-problematiek (2001). Schiphol alleen al was goed voor maar liefst vijf commissies (twee in 1998, een van 2000, een van 2002, en een die nog loopt).

Soms valt er voor de instelling van een commissie best wat te zeggen. Bijvoorbeeld wanneer we er zeker van kunnen zijn dat de wetenschappelijke waarheid als een rots in de branding van het politiek debat staat. Neem de commissie thoraxchirurgie (1996), de commissie joodse tegoeden(1998) en de commissie computernetwerken politie (2000). In zulke gevallen kan een commissie van wetenschappelijke experts een eind maken aan uitzichtloze politieke touwtrekkerij.

Maar daarvan is in dit geval geen sprake. Hier gaat het immers om een commissie van ethici. En, met alle respect, de ethiek is nu een keer geen wetenschap. Integendeel, ethiek en politiek liggen heel dicht bij elkaar. Je kan er daarom donder op zeggen dat de socialistische en liberale ethici in die commissie voor embryoselectie de dingen doorgaans anders zullen zien dan hun christelijke collega’s. Alles zal dus afhangen van de samenstelling van die commissie van ethici: hoeveel christenen (en islamieten) zitten dan tegenover hoeveel goddelozen? De politieke partijen die nu over die embryoselectie bakkeleien, snappen dat natuurlijk zelf ook. Die zullen daarover dus met elkaar van mening verschillen. En dan zijn we weer terug bij af. Het politieke besluit dat de politiek nu niet nemen kan, krijgt de politiek dan alsnog op het bordje.

Maar er is meer aan de hand. Meestal is het met die commissies zo dat zij lange tijd peinzen over het probleem dat de regering hun voorlegde. Daarna komen ze met een advies. Nu kan je adviezen overnemen, of naast je neerleggen. De beslissing daarover is een zaak van de overheid. Met andere woorden, ook als zo’n commissie aan de gang is geweest, blijft de uiteindelijke politieke verantwoordelijkheid wel degelijk bij de overheid liggen.

Dat is hier dus anders. Want die commissie van ethici waar de regering nu aan denkt, krijgt tot taak om zelf van geval tot geval te beslissen wanneer vrouwen in aanmerking komen voor embryoselectie bij een ernstige erfelijke aandoening, en wanneer niet. Die commissie krijgt dus een stukje van de macht van de staat toebedeeld, en dat is raar.

Als Nederlandse bevolking kiezen we op gezette tijden een nieuwe regering om onze sociale en politieke problemen op te lossen. Stel dat die door ons gekozen regering dan met zichzelf in de knoop raakt over een of ander probleem, zoals nu het geval is. En stel vervolgens dat de regering dan een clubje mensen de volledige bevoegdheid geeft om over dat probleem te beslissen. Buiten het parlement om en zonder dat iemand daar controle over heeft. Dat is eigenlijk te gek voor woorden, helemaal wanneer het niet gaat om iets onnozels als de vergunningen voor dakkapellen, maar om een kwestie die voor ouders en hun nageslacht van het allerhoogste belang is.

Als politici niet uit de voeten kunnen met het mandaat dat wij hen gaven, dan moeten zij dat ons dat deemoedig berichten. Dan moeten zij bekennen dat zij helaas een bepaald probleem niet voor ons konden oplossen en dat zij daarom die kwestie aan onszelf overlaten. Daar zijn dan weer twee mogelijkheid voor. In de eerste plaats kan de overheid ons de vrijheid laten om te doen wat wij zelf verstandig vinden. Christenen kunnen dan afzien van embryoselectie, terwijl niet-christenen daar in veel gevallen juist wel voor zullen kiezen.

Aangezien de christelijke partijen zich nu juist zeer gaarne bemoeien met de keuze van hun niet-christelijke medeburgers, zullen zij daar niet voor voelen.

Dan resteert de tweede mogelijkheid: een referendum over embryo-selectie. Wanneer de representatieve democratie een probleem niet op kan lossen, zul je terug moeten naar het volk en dan moet het probleem met de directe democratie worden opgelost.

Wat in ieder geval niet kan is, is een soort van extra rechtsprekende macht instellen die over ons beslist zonder daar verantwoording over af te hoeven leggen. Die commissie van ethici is dus een puur slecht idee en moet meteen van tafel.

Frank Ankersmit is hoogleraar intellectuele en theoretische geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Bekijk het nieuwsdossier over embryoselectie op nrcnext.nl/embryoselectie