Hij werd geronseld voor de strijd, Tanja ging zelf

De Venezolaanse president Chávez riep de FARC op de guerrilla te staken. Een deserteur blikt terug op zijn tijd bij de FARC en zijn ontmoeting met de Nederlandse Tanja.

Tanja Nijmeijer Foto AP This video grab made from an undated video distributed by the Colombian Army Friday, Sept. 7, 2007, allegedly shows Tanja Nijmeijer, 29, of the Netherlands, an alleged member of the Revolutionary Armed Forces of Colombia, FARC. Army officials say they obtained the video in a laptop they found abandoned during an army raid on a rebel camp. (AP Photo/Colombian Army) Associated Press

Toen Arnold twaalf jaar was, werkte hij op de cocavelden in El Llano in de Colombiaanse provincie Antioquia. In het gebied was de guerrillabeweging FARC (Revolutionaire Strijdkrachten van Colombia) sinds jaar en dag aanwezig. Op een dag stonden de guerrillero’s ook voor zijn neus. Hij mocht kiezen: vrijwillig of gedwongen meegaan.

Samen met een paar vriendjes ‘sloot’ hij zich daarop aan bij de FARC. Op zijn veertiende was hij al drie keer naar het front geweest en had hij een van zijn vrienden, een leeftijdgenoot, verloren. Een keihard leven.

Een paar jaar geleden raakte hij tijdens een acht dagen durend vuurgevecht met het leger gewond, waarop hij het front moest verlaten. Na zijn herstel deed hij een cursus explosieven. Daarna werd hij toegevoegd aan het Antonio Nariño Front, gespecialiseerd in stedelijke guerrilla en onderdeel van het zogeheten Oostelijke Blok van de FARC.

Zo belandde Arnold (nu 20) in 2005 in een kamp in de provincie Meta waar ook Tanja Nijmeijer zat – de Nederlandse die zich in 2002 aansloot bij de oudste en grootste guerrillagroep van Colombia. Vorig jaar werd ze wereldnieuws, toen haar dagboeken werden gevonden in een verlaten kamp.

In het kamp noemden ze haar ‘la holandesa’, de Nederlandse, vertelt hij. Maar Arnold dacht aanvankelijk dat het om een alias ging, zoals alle guerrillero’s die hebben. Totdat hij haar voor de eerste keer zag: een lange blonde vrouw. „Ik vroeg aan een collega: komt zij echt uit Holland?”

Verbijsterd was hij vervolgens toen het antwoord bevestigend was. „We begrepen niet wat zij daar deed en ik begrijp het nog steeds niet.”

Zelf had Arnold zich al regelmatig afgevraagd wat hij daar eigenlijk aan het doen was, diep in de jungle, ver van de normale bewoonde wereld. „En ik kom uit dit land, terwijl zij een buitenlander is.” Het contrast met de wijze waarop Arnold in de gelederen van de FARC belandde, is groot. Hij wilde graag van haar weten waarom zij, een buitenlandse vrouw die gestudeerd had, zich uit vrije wil bij de FARC had aangemeld. Maar een antwoord bleef uit.

De ex-guerrillero omschrijft haar als iemand die erg op zichzelf was. „Ze sprak bijna nooit met andere kameraden. Slechts met één andere, van indiaanse afkomst, ging ze wel om.”

Vervolg FARC: pagina 4

Bij de FARC was ‘la holandesa’ exotisch

Tanja, vertelt hij, was in het kamp onder meer verantwoordelijk voor les in radiocommunicatie, een cursus die Arnold ook volgde. Ze werd volgens hem niet anders behandeld, deed wat de anderen ook moesten doen, van wachtlopen tot koken.

Via haar dagboeken leerde ook de wereld buiten de FARC de guerrillera Tanja kennen. Delen van de notities werden gepubliceerd door de Colombiaanse krant El Tiempo en in de internationale pers. De Groningse ex-studente laat zich herhaaldelijk kritisch uit over de FARC. Ook lijkt ze teleurgesteld te zijn dat ze zo weinig in actie mag komen.

Ze schrijft dat ze zich eenzaam voelt, steeds stiller en bitterder wordt. Arnold: „Meestal zonderde zij zich af. Ik dacht eerst dat ze verveeld of gedemoraliseerd was. Maar zo was ze gewoon.”

Tijdens de radiocursus liet Tanja zich kennen als serieuze en gemotiveerde instructeur. „Geduldig was ze, tot op zekere hoogte. Voor grappenmakers had ze geen tijd. Wie niet goed oplette tijdens de les, werd door haar gerapporteerd bij de commandant. Dat betekende meestal ook het einde van de cursus voor die persoon.”

Onder guerrillero’s – als er geen commandanten in de buurt waren – was Tanja regelmatig onderwerp van gesprek. En dan ging het niet alleen over haar deelname aan de beweging. Tanja was ook exotisch. „Ze is lang, blond en mooi. Ik vond haar ook aantrekkelijk, maar ik heb nooit iets geprobeerd, want dat is volgens de regels van de FARC verboden.”

Op een dag, toen de radiocursus buiten het kamp had plaatsgehad, liep Arnold terug met haar. Voor het eerst was hij alleen met Tanja en hij vroeg naar haar achtergrond – bij de FARC mogen de guerrillero’s uit veiligheidsoverweging niet over hun geschiedenis praten.

Nijmeijer vertelde hem dat ze naar Colombia was gekomen om les te geven. Via een ‘hulporganisatie’ was zij met de FARC in aanraking gekomen, in de gedemilitariseerde zone waarover de FARC in het kader van vredesonderhandelingen toen de beschikking had.

In de wereld van de FARC zou ze nu door het leven gaan als ‘Ellen’ of ‘Eillen’. Volgens Arnold werd ze ‘Alexandra’ of gewoon Tanja genoemd. Als buitenlandse hoefde zij niet te vrezen dat haar familie bijvoorbeeld zou worden lastiggevallen door Colombiaanse paramilitairen, die jagen op FARC-leden.

Arnold wil liever niet met zijn achternaam in de krant. Omdat de FARC geen genade kent voor deserteurs – anderhalf jaar geleden verliet hij de guerrillagroep. Op overlopen naar de ‘vijand’, zoals het heet, staat de doodstraf.

Anderhalf jaar geleden besloot hij toch te deserteren. Niet omdat hij er genoeg van had. Nee, hij had problemen met zijn commandant. Diens vriendin zat achter Arnold aan, waarop de commandant hem het leven zuur begon te maken. Tevergeefs vroeg Arnold om overplaatsing.

Eenmaal ontsnapt uit de jungle, gaf Arnold zich over aan het Colombiaanse leger. Dat dwong hem meteen in een helikopter, een Amerikaanse Black Hawk, te stappen, om naar zijn oude kamp toe te vliegen, hoewel hij had aangegeven niet meer te willen vechten. Toen ze daar landden, was het kamp inderhaast verlaten, iets wat de FARC meestal doet nadat iemand is overgelopen.

Dezer dagen volgt Arnold een kookopleiding in Bogotá, waar hij woont. Het was voor hem een vreemde gewaarwording toen Tanja en haar dagboek vorig jaar ineens de landelijke nieuwsprogramma’s domineerden.

Natuurlijk, de publicaties van haar dagboek heeft hij wel bekeken. „Ik heb het laten zien aan enkele nieuwe vrienden van de kokschool. Ik kende haar. Het was een gek verhaal.”