De durf is er uit bij Citroën

Citroën C5 Tourer 27/5/2008 Foto Freddy Rikken Citroen C5 Tourer Rikken, Freddy

Twee jongetjes op een Parijse stoep vragen, wanneer ik uitstap, met bedeesde stemmetjes: meneer, meneer, is dit een nieuwe Ford? Daarmee genadeloos het imagoprobleem blootleggend van Citroën, het automerk dat ooit model stond voor vrije geesten en techniekfanaten.

Het huidige modellengamma oogt tam. Het is een allegaartje van stijlen dat ons aanstaart vanuit de folders met een almaar uitdijend bedrijfslogo dat ondertussen bijkans de gehele voorzijde beslaat. De durf is er na Peugeots overname in 1976 uit bij Citroën, dat destijds klinisch dood was en vervolgens in leven werd gehouden met stereotiepe ontwerpen. Desondanks zet het merk bij elk nieuw model hoopvol in op de mantra’s stijlvol en innovatief. Maar het enige Citroën-model dat daar momenteel nog aanspraak op kan maken is de vierdeurs C4.

De eerste versie van de C5 was volgens Citroën-kenners een saaie bastaard. Terwijl – kenmerkend voor een goed ontwerp – de auto steeds geraffineerder werd naarmate je er langer naar keek. De smakeloos uitbundige facelift uit 2004 maakte daar abrupt een einde aan. Versie twee straalt weer een andere vormtaal uit dan versie één. Waarvoor inspiratie werd opgedaan bij de Duitse concurrentie en dan vooral bij de succesvolle Ford Mondeo. Gaat u daarom uw dure geld aan een C5 spenderen, of wordt het een Mondeo of voor de verandering een van de andere, naar uw gunsten lonkende mededingers? De C5 heeft een te lange neus die hem, evenals de Peugeot 407, op rotondes en in woonwijken in de weg zit. Onder de motorkap houdt zich een forse loze ruimte op tussen motorblok en voorbumper.

De botsproefmaffia heeft weer eens ongenadig toeslagen en deze C5 beloond met vijf sterren, die de verkopen ongetwijfeld zullen bevorderen. Deze overdaad maakt ook deze auto onnodig groot en zwaar. Waardoor het brandstofverbruik oploopt en de rijdynamiek – lees het rijplezier – afneemt.

Over het uiterlijk van zowel Citroën C5 als Peugeot 407 kan men twisten, maar hun respectievelijke interieurs maken ditmaal het verschil. De Fransen hebben hun best gedaan om ergonomie en bouwkwaliteit op te waarderen en dat is gelukt. Ga niet voor donkere tinten, het interieur oogt dan wat sombertjes. De waarschuwingssignalen laten – hoe innovatief – muziek van Philip Glass en het aloude Hamertje Tik horen. Rij- en motorgeluiden blijven tot een minimum beperkt.

Om de koper extra te laten betalen voor het fameuze, al 55 jaar oude en qua ontwikkelingskosten afgeschreven veersysteem, is een marketingfout van jewelste. Het is zo ongeveer het laatste geniale dat nog herinnert aan de opwindende Citroën-tijd van weleer en zou daarom standaard behoren te zitten onder elke inmiddels braaf geworden middenklasser van Citroën.

Freddy Rikken

Freddy Rikken is fotojournalist en rijdt in een Ford Tourneo.

Lees eerdere testritten op nr.nl/wielen