Pipolisation en Europa

De komende maanden kan iedereen in Europa een beetje oefenen met een Europese president. En niemand zal het ontgaan, want zoals ook in zijn eigen land Frankrijk zal het Europese programma van Nicolas Sarkozy met één woord kunnen worden samengevat: Actie.

Hoe het zal bevallen?

Een veilige voorspelling op voorhand is toch: minder dan Obama. Schouwspel, taal, media-aandacht en celebrity-voyeurisme maken een Amerikaan eigenlijk eindeloos veel geschikter als onderwerp van identificatie, ook voor Europeanen. Obama is dichtbij, Sarkozy ver weg. Geen live-beelden op Europese zenders van de begrafenis van Yves Saint Laurent – met toch op de eerste rij de heer en mevrouw Sarkozy en Catherine Deneuve. Stilte ook buiten Frankrijk rondom het net in de Parijse boekhandels uitgestalde, verse ontboezemingen van Carla Bruni: „La véritable histoire de Carla et Nicolas”. Bij Michelle Obama haddden Europese uitgevers gevochten om de vertaalrechten, in de show van Oprah Winfrey had de wereld al even kunnen voorproeven. In de wereld van de dagelijkse beeld- en geluidimpressies is Amerika nu eenmaal overal, Europa nergens.

Maar desalniettemin gaat Sarkozy het proberen. Na Tony Blair wordt het een tweede aanloop tot zoiets als een Europees gezicht. Blair had de taal aan zijn kant, maar smoorde uiteindelijk in de mankementen van het eigen, Britse beleid en hij bleek ook niet in staat om die nationale zwaktes te vertalen in Europese sterktes. Zijn land bleef een buitenstaander, Blair ook.

Aan zwaktes in Frankrijk ook geen gebrek. Het land zit middenin een sociaal-economische moderniseringsfase. Bovendien is het gat tussen de mythe van Franse grandeur en de werkelijkheid onoverbrugbaar geworden. Eerst de Duitse hereniging en daarna de uitbreiding van de Europese Unie naar het Oosten hebben Frankrijk in Europa kleiner gemaakt. Het oude Franse spel met de stilzwijgende rolverdeling, waarin Duitsland de economische macht en Frankrijk de politieke macht in Europa wist te belichamen, is uitgespeeld. Wat vroeger wel genoemd werd, de Frans-Duitse as, bestaat nauwelijks meer.

De vraag zal het komende half jaar zijn hoeveel Frankrijk en hoeveel Europa Sarkozy in zijn voorzitterschap zal weten te stoppen.

Op markante manier heeft hij al meteen een einde gemaakt aan het geleidelijk wat atavistisch ogende anti-Amerikanisme van Frankrijk. Dat was verstandig want het haalt Frankrijk uit een isolement. Maar er waren ook riskante solo’s. Op eigen houtje meende hij de Europese Unie in een speciale alliantie met de Arabische landen te kunnen manoeuvreren. „Een rendez-vous met de geschiedenis”, noemde hij het en ten slotte moest hij onder Duitse druk inbinden. Het project gaat door, maar op een lager pitje.

Zijn objectieve manco heet Duitsland. Hij weet er weinig van, heeft er weinig mee en in zijn omgeving heeft hij geen echte Duitslandkenner. Bondskanselier Merkel noemde hij een tijdje terug de vrouw van de stilstand. Zij op haar beurt zou hem hebben vergeleken met vuurwerk: het knalt en schittert, maar het is vervlogen voordat het de grond raakt. Je ziet dit duo dus nog niet meteen hand in hand bij de oorlogsgraven van Verdun staan, zoals ooit hun voorgangers Kohl en Mitterrand.

Natuurlijk gaat het om meer dan stijl en smaakverschillen. Duitsland is halverwege een groot, moeizaam project om zijn natuurlijke positie in Midden-Europa terug te vinden, de binnenlandse verhoudingen zijn te fragiel om het eigenlijk vanzelfsprekende leiderschap in de Europese Unie naar zich toe te kunnen trekken. Frankrijk is lid van de Veiligheidsraad, is een kernwapenmogendheid, maar het land doet er in de wereld steeds minder toe. Voldoende ingrediënten dus voor kwetsbare trots of zelfs minderwaardigheidscomplexen. Maar dus evenzeer voor een nieuw rendez-vous met Europa.

Vast staat dat Sarkozy veel Sarkozy in dit voorzitterschap stopt. Hij heeft Frankrijk tot nu toe getrakteerd op een onnavolgbare show. Het Frans is inmiddels vertrouwd geraakt met de term blingbling, wat staat voor al die nieuwrijke parafernalia waarmee een man zich zoal kan omhangen: dure pakken, rolex aan de pols. Grappig is ook pipolisation, wat zoiets betekent als trivialisering of popiejopie. Allebei zijn het begrippen die aan dit staatshoofd kleven. Zijn privé-leven heeft hij binnenstebuiten gekeerd, een beetje genant hier en daar zoals bij de Clintons en dus in zekere zin westers-modern, gevangene van het eigen narcisme en derhalve moeilijk in staat boven zichzelf uit te stijgen.

Maar anderzijds is Sarkozy een opgejaagd man, opgejaagd door de angst, zoals hij het zelf uitdrukt, „om door het systeem in slaap te worden gesust”. Hij noemt zichzelf een „ongeduldig president” en dit is een understatement. En hij put tomeloze energie uit het feit dat hij als halve immigrant zonder de juiste elite-diploma’s zichzelf voortdurend moet bewijzen. Aan zijn zijde heeft hij inmiddels een kosmopolitische Italiaanse, oud geld en soeverein en ook overigens een vrouw met wie je als Fransman – blingbling – voor de dag kunt komen. Haar nieuwe CD is in aantocht en in haar jongste boek meldt ze onder meer: „Hij zit goed in elkaar. Drie zonnestralen en hij vindt het leven geweldig.” Tweederde van de Fransen waardeert haar inmiddels, meldde Le Figaro maandag. Dat helpt ook.

Gaat deze man ons, Europeanen, een beetje een gezicht geven, gaat hij de mensen onderhouden, een paar daden verrichten, over zijn schaduw springen? Of zullen Europeanen hem niet zien staan – geobsedeerd door wat er in ons andere binnenland, genaamd Amerika, in de politieke celebrity branche gebeurt?

Reageren kan op nrc.nl/knapen