Zeg uw luxe leven alvast maar gedag

Door de verschuiving van wereldmachten en onze eigen consumptiedrang is een derde oliecrisis aanstaande.

Welke leider bereidt ons hier nu eindelijk op voor?

Illustratie Daisy Erades Erades, Daisy

Stel je voor dat in de strijd om het Amerikaanse presidentsschap een kandidaat de zuivere waarheid over de beste energiepolitiek zou vertellen, schrijft columnist Thomas L. Friedman in de International Herald Tribune. Het zal niet gebeuren, maar laat je fantasie even de vrije loop. Die mythische kandidaat zou zeggen dat we zullen moeten leren leven met de hoge brandstofprijzen en dat dit voor de natie het beste is. In andere bewoordingen doet de Britse premier Gordon Brown in The Guardian een voorspelling van dezelfde strekking.

Er staat ons opnieuw een grote olieschok te wachten: de derde oliecrisis. Dit mondiale vraagstuk vergt een alomvattende oplossing. In 1972 publiceerde Dennis Meadows al zijn Grenzen aan de groei, waarin hij betoogde dat door industrialisatie, bevolkingsgroei, vervuiling en voedselschaarste een mondiale crisis onvermijdelijk zou zijn. Van dit boek zijn 12 miljoen exemplaren verkocht.

In 1973 brak na de Jom Kippoeroorlog tussen Israël en een aantal Arabische staten de eerste oliecrisis uit. Wegens hun steun aan Israël werden vooral de VS en Nederland door een olieboycot getroffen. We kregen de autoloze zondag. Premier Den Uyl maakte zich onvergetelijk door te verklaren dat het nooit meer zou worden als het geweest was. Dat bleek mee te vallen. Wel bezorgde hem dit de haat van heel gemotoriseerd Nederland.

In 1978 kwam de tweede oliecrisis. Premier Lubbers gaf het volk de raad de gordijnen dicht te doen en vroeg naar bed te gaan om brandstof te sparen. Weer bleek het loos alarm te zijn.

Misschien staan we nu al aan de vooravond van de derde oliecrisis. De factoren die Dennis Meadows als oorzaken van de uiteindelijke ramp beschouwde, zijn exponentieel in kracht toegenomen. China en India zijn de nieuwe economische giganten, beide met een bewind dat er niet aan denkt om grenzen aan de groei te stellen. In sommige werelddelen meer dan in andere, maar overal blijft de bevolking toenemen. Sinds het verdrag van Kyoto wordt er wel meer aan de beperking van de vervuiling gedaan, maar lang niet voldoende om de klimaatverandering te doen keren. En de olieprijs blijft stijgen. Afgelopen vrijdag steeg de prijs per vat naar een record van 139 dollar.

Die voortdurende stijging is het gevolg van twee duurzame ontwikkelingen. De eerste is dat sinds het einde van de Koude Oorlog de mondiale invloed van het Westen relatief gestaag vermindert. China en India zijn economische grootmachten geworden, Rusland beseft zijn macht als producent van gas en olie. En vooral is de Amerikaanse invloed op olieproducerende staten in het Midden-Oosten afgenomen. President Bush is in Saoedi-Arabië vriendelijk ontvangen, maar de koning denkt er niet aan om productie te verhogen.

De andere duurzame ontwikkeling ligt in het Westen zelf. Hier is ongeveer een halve eeuw geleden de cultuur van de consumptie ontstaan. De twee oliecrises hebben daar niets aan veranderd. Na de Koude Oorlog braken de Roaring Nineties aan – tien jaar van onophoudelijk stijgende welvaart. Eerst kwam Francis Fukuyama tot de conclusie dat ‘het einde van de geschiedenis’ was aangebroken. Het was afgelopen met de Hegeliaanse tegenstelling tussen de ideologieën. Tegen het einde van het decennium ontdekten geleerden van naam de Nieuwe Economie van de eeuwige groei. Daarmee leek de consumptiecultuur die al een paar generaties eerder was ontstaan, zich onverwoestbaar te hebben gevestigd.

Deze cultuur heeft een ‘nieuwe mens’ doen ontstaan. Een geweldige productie staat dag en nacht klaar om al zijn wensen zo veel en zo vlug mogelijk te vervullen. En hij heeft geleerd dit als zijn onvervreemdbaar recht te beschouwen.

De elfde september – het begin van ‘de oorlog tegen het terrorisme’ – heeft daar niets aan veranderd. Het heeft hem alleen geleerd dat er een nieuwe vijand is – ‘de moslims’ – die hem van zijn paradijs wil beroven. De consumptieve burger zal zich tot het uiterste tegen deze inbrekers in zijn consumptieparadijs verdedigen. Dit is per slot van rekening het enige politieke doel dat zijn voorstellingsvermogen aanspreekt.

In deze situatie komen de nieuwe profeten die hem vertellen dat de voorraden van zijn paradijs uitgeput raken en dat er nieuwe machten zijn. Voor het eerst wordt er een beroep gedaan op zijn politieke verbeeldingskracht. Er kan een situatie ontstaan waarin hij niet tijdelijk ‘een stapje terug’ zal moeten doen, maar moet wennen aan een nieuwe schaarste die hem volstrekt vreemd is.

Het zou de taak van de politiek moeten zijn hem op deze mogelijke toekomst voor te bereiden; een samenleving die misschien radicaal verschillend zal zijn van die waarin hij tot nu toe zijn leven heeft geleefd. Die waarheid wil er ook bij onze politici nog niet in. Iemand met gezag die bij ons deze boodschap voor zijn rekening wil nemen, is even denkbeeldig als Friedmans mythische president.

H. J. A. Hofland is oud-hoofdredacteur en columnist van NRC Handelsblad.

Lees de column van Thomas Friedman via nrcnext.nl/links