Weerbaar over straat na twee uur trainen

Weerbaarheidstrainingen en handhavingscursussen overspoelen het land. Ontwikkelingspsycholoog Pont vindt dat kinderen wel erg worden beschermd.

Kinderen oefenen op zelfverdediging in het Frans Otten Stadion in Amsterdam. De populariteit van weerbaarheidstrainingen en -cursussen neemt toe. Foto Roger Cremers Nederland, Amsterdam, 24-05-2008 Cursus fysieke weerbaarheid Leer in 4 lessen eenvoudige doeltreffende technieken om jezelf fysiek weerbaarder te maken. Tijdens deze cursus krijg je praktische tips en training in: Loskomen wanneer je wordt vastgepakt ofÊtegengehouden Afweren van slagen en stoten Effectieve trap- en stoot technieken Vlucht techniekenÊ De cursus is geschikt voor iedereen die zich fysiek weerbaarder wil voelen. Alle technieken worden op persoonlijk niveau aangeleerd en zijn daarom voor iedereen toegankelijk. PHOTO AND COPYRIGHT ROGER CREMERS Cremers, Roger

Wat doe je als jouw tramhalte nadert en je moet ergens op tijd zijn en de jongens naast je laten je er niet langs? De vraag komt van Jim – elf jaar, tenger, kort blond koppie. Jim is vaak gepest, zegt hij, en buiten school geregeld in een hoek gedreven door onbekende jongens. „Je kijkt die jongens strak aan en vraagt of je er door mag”, antwoordt instructrice Aleid Bouten van Tulen Training & Coaching. „Zo niet, dan schreeuw je dat, zodat iedereen het hoort.”

In een zaaltje van het Frans Otten Stadion in Amsterdam-Zuid volgen acht kinderen tussen de elf en vijftien jaar op zaterdagmiddag een weerbaarheidscursus volgens de methode ‘Poekoelan Zelfverdediging’. Het zijn zes jongens en twee meisjes, stuk voor stuk zachtaardige types. Ze dragen een tenue en nemen heel serieus deel aan de oefeningen. Ze leren effectief slaan en schoppen, tegen een stootkussen, ze leren hard en zonder aarzeling nee te zeggen en zelfverzekerdheid uit te stralen.

Misschien nog belangrijker is dat deze kinderen leren zich te ontworstelen aan honderd verschillende grepen, van de pols of de hals tot de enkels. Dat hebben ze nodig, zeggen ze, om zich veilig te voelen op school en op straat. In totaal heeft het bureau Tulen Training momenteel 80 cursisten. Kosten: 60 euro per maand, voor twee lessen per week van een uur.

Overal in Nederland krijgen kinderen les om zich te handhaven op straat en op school. Ze ervaren de buitenwereld als een onveilige jungle, vol dreigende groepjes jongeren en andere potentiële gevaren. Vooral in de leeftijd dat ze de basisschool in de buurt verruilen voor een brugklas ver weg. Ze moeten verder fietsen dan ze gewend waren, of ze moeten met de bus of de tram. En vooral: zonder ouders op pad.

Sommige cursussen zijn er speciaal op gericht om kinderen te leren zich te verdedigen tegen groepsdruk. Om niet te drinken, te blowen of aan seks te doen als ze dat niet willen. Maar ook tegen andere belagers. Zoals ‘Love Limits’, dat kwetsbare tienermeisjes wapent tegen loverboys, die hen gedwongen willen prostitueren. Die cursussen worden verzorgd door Scharlaken Koord, een christelijke hulpverleningsorganisatie voor prostituees. Ze worden gegeven van Hengelo tot Rotterdam.

Bovendien is er een waslijst aan lesmateriaal en websites voor basisscholen op dit gebied, met titels als ‘Kom maar op als je durft!’. Het zijn spelletjes, kringgesprekken, rollenspelen en opdrachten. Ze gaan over zelfvertrouwen opbouwen, grenzen stellen en hoe je moet reageren als je vindt dat iemand te dichtbij komt. Soms betalen de ouders de cursus, soms worden ze gegeven op school of in een buurthuis.

Worden kinderen niet meer vanzelf streetwise? Nee, zegt ontwikkelingspsycholoog en gezinstherapeut Steven Pont. „Kinderen spelen veel minder buiten dan vroeger. Als ze dat doen, is dat onder toezicht van ouders of een professional. In de speeltuin treden ouders op als scheidsrechter, waardoor kinderen hen ook zo zien. Ze komen steeds zeggen: hij pakt dit af! Maar kinderen leren zich beter te handhaven én minder ruzie te maken als er geen volwassenen bij zijn, doordat ze dan de hiërarchische verhoudingen beter leren inschatten.”

De beste manier voor kinderen om te leren zich weerbaar op te stellen, zegt Pont, is door veel ervaring op te doen met andere kinderen. „Je kunt wel zeggen dat de kachel heet is, maar een kind leert het af om die aan te raken als hij zich even pijn doet. Dat geldt ook voor sociale contacten. Uit onderzoek blijkt zelfs dat kinderen nooit echte vriendschappen kunnen aangaan als ze niet proefondervindelijk hiërarchisch besef ontwikkelen.”

Pijnlijke ervaringen worden kinderen tegenwoordig ontnomen, zegt Pont. „Vroeger had een ouder acht kinderen en die konden ze echt niet allemaal tegelijk beschermen. Als je er twee hebt, of zelfs één, concentreer je je zorgzaamheid op die twee kinderen.” Die beschermingsdrift komt ook doordat ouders nu meer te verliezen hebben. Pont: „Als dat ene kind iets overkomt, is het hele project mislukt”.

Mislukken, dát kan niet. Pont: „We zijn er achter dat de samenleving niet maakbaar is. In plaats daarvan geloven we nu in de maakbare mens. Elk individueel kind moet zijn potentieel waarmaken. Je kunt alles worden wat je wilt. En alles sturen. Ouders laten dus minder zaken op hun beloop, ze grijpen in. Heeft een kind leesproblemen? Dan krijgt hij extra leesles. Heeft hij faalangst, dan wordt hij behandeld. En kan hij zich niet handhaven in de groep of op straat, dan krijgt hij een weerbaarheidstraining.”

De samenleving feminiseert bovendien. „Meesters zijn er niet meer zoveel in de hoogste klassen van de basisschool. Mannen, vaders, zijn zorgzamer en eigenlijk vrouwelijker dan vroeger. Ze zeggen niet meer: ‘stel je niet aan’. Ze nemen elke valpartij of ruzie serieus.”

De fijnmazige manier waarop ouders tegenwoordig naar hun kinderen kijken, heeft ook voordelen, vindt Pont. „Hoe beter je kijkt, hoe preciezer je kunt ingrijpen als dat nodig is. Gelukkig heeft men bijvoorbeeld dyslexie ontdekt en is er hulp voor gekomen. Vroeger werden dyslectische kinderen voor dom versleten. En als een kind echt erg wordt gepest of is aangevallen, kan een weerbaarheidstraining zinvol zijn.”