Noorden eist opschorting busstaking

Reizigersvereniging Rover en de provincies Groningen en Drenthe eisen in een kort geding dat de busstakingen per direct worden opgeschort. In ieder geval moeten er in de spits weer bussen rijden, vinden zij.

Vanmiddag diende in de Groningse rechtbank het kort geding van Rover en de provincies tegen vervoersbedrijven Arriva en Connexxion en de vervoersbonden. De buschauffeurs voeren sinds eind april actie voor een betere cao. Na beperkte acties werd op 1 juni een algehele staking afgekondigd.

Volgens Patrick Koerts, advocaat van de eisers, is sprake van grote maatschappelijke ontwrichting. „En het einde is nog niet in zicht.” Voor duizenden reizigers die aangewezen zijn op het openbaar vervoer, gaat volgens hem de rek er een keer uit. „Ouders kunnen hun kinderen wel een paar dagen naar school brengen, maar op een gegeven moment houdt dat op. Zeker als ze daardoor zelf te laat op hun werk komen.”

Als het kort geding door de provincies – waarbij Friesland zich vermoedelijk vanmiddag zou aansluiten – en Rover wordt gewonnen, zal dat volgens advocaat Koerts „zeker” effect hebben op andere provincies. Want de argumenten die hij aandraagt, gelden ook voor de andere delen van het land waar het busvervoer plat ligt. „Al maken de dunbevolkte gebieden in de noordelijke provincies de situatie wel nijpender dan in bijvoorbeeld de Randstad. Maar ook daar worden dagelijks veel reizigers gedupeerd door de stakingen.”

Janny Koppens van FNV Bondgenoten ziet het kort geding vol vertrouwen tegemoet. „Er is misschien een bepaalde mate van maatschappelijke ontwrichting, maar er zijn genoeg alternatieven voor het openbaar vervoer zoals lopen, fietsen, taxi of carpoolen.”

Volg de zaak op nrc.nl/binnenland