Dit zijn de jaren waarin het moet gebeuren

Fanny & Alma staan elke maandag stil bij dingen die heel gewoon lijken en voor iedereen herkenbaar zijn.

Vandaag: het is niet leuk om geen vriend te hebben.

Illustratie Het Harde Potlood Het Harde Potlood

„Maar ik wil helemaal geen vriend”, zegt Alma. „Je moet. Dat hoort nu eenmaal. Luister naar oma’s wijsheden: dit zijn de jaren waarin het moet gebeuren. Over vijf jaar ben je allang niet meer zo mooi als nu. Dan vang je alleen nog maar een administratief medewerker, een natuurkundige of websitebouwer. Wil je dat?”, vraagt Fanny. Zelf heeft ze al een fijn exemplaar: blond, stoer, sterk en slim. En ook nog eens heel lief.

„Heel soms doet het pijn”, zegt Alma. „Vooral als het laat is. Als de groep met wie ik terug naar huis fiets steeds kleiner wordt. Uiteindelijk fiets je nog maar met twee anderen, ze slaan links af en kruipen samen in een bed. Ik fiets rechtdoor en zwaai. Mijn hakken schuren over het harde beton van de trap. Niemand ziet hoe erg ik mijn best doe om rechtop te blijven. Niemand lacht. En dan is het eigenlijk helemaal niet leuk. Dan is het gewoon vijf uur ’s nachts en ben ik helemaal alleen en te bezopen om mezelf in bed te leggen.” Alma strijkt een pluk haar naar achteren. Fanny kijkt haar zorgelijk aan.

„Ik wil een vriend van chocolade met bruine krullen. De eerste keer dat ik hem zie, rijdt hij op een wit paard door mijn straat. Heel galant glijdt hij van zijn beest af. Mijn man is lang en iel, want daar hou ik van. Hij is heel knap en stoer. En hij kan iets wat maar heel weinig jongens kunnen…”, fantaseert Alma, maar ze wordt ruw onderbroken door Fanny: „Bestaat niet. Ik heb je ingeschreven voor speeddaten. Vrees niet, ik ga mee.”

Een paar dagen later staan we voor Hotel Arena in Amsterdam. Waar speeddaten voor de leeftijdscategorie 20 tot 30 plaatsvindt. Op internet zagen we dat er ook speeddate-avonden georganiseerd worden voor de categorie 40-50 en zelfs speciaal voor hogeropgeleiden van 30-40. „Wat nu als je een hogeropgeleide man 40-50 bent die op lageropgeleide vrouw 20-30 valt?”, vraagt Fanny. „Dan kun je niet speeddaten”, zegt Alma, „de organisatie keurt dat niet goed.”

Voor de ingang kijken we een paar minuten de kat uit de boom. Een man komt alleen aanfietsen. Gaat Hotel Arena binnen. Komt er weer uit, springt op zijn fiets en rijdt heel hard weg. We zullen nooit weten of hij misschien de man van onze dromen zou zijn. „Ik vind het doodeng”, zegt Alma. Op licht trillende benen lopen we naar binnen. Achter de bar van Hotel Arena vinden we de zaal. Nog even voelen we ons normaal. Maar dan steken we een voet door de zwarte deur en kunnen we er niet meer onderuit: we zijn bewust op zoek naar de liefde van ons leven. Een dooddoener eerste klas.

„Ik dacht dat iedereen hier lelijk zou zijn!”, gilt Alma verheugd. Het blijkt zeer mee te vallen. Niet iedereen is kaal of asymmetrisch. Sommige mannen hebben zelfs bruine krullen. Vooral de meisjes zijn erg knap, en ze dragen allemaal leuke rokjes. „Straks vult er bij ons niemand ja in”, sist Fanny. „Misschien moeten we overal ja invullen zodat we zien wie ons leuk vond”, suggereert Alma. Bij nader inzien besluiten we dat toch niet te doen. Het is sfeervol verlicht, zelfs zo sfeervol dat puisten, rimpels en mascaraklonten onmogelijk te zien zijn. De spelregels worden uitgelegd: de vrouwen krijgen een tafel toegewezen en de mannen schuiven door. Iedereen krijgt een zwart klapboek met daarin alle namen van de dates. De man gaat drie minuten aan een tafeltje zitten en praat met de vrouw. Na drie minuten wordt er gefloten en moet je allebei ja of nee omcirkelen. Als het achteraf een match blijkt te zijn, ontvang je de volgende werkdag elkaars e-mailadressen, zodat je een afspraak kan maken. „Drie minuten kunnen vreselijk lang zijn”, fluistert Alma, „als je uitgaat en er komt een oude man met een gouden ketting tegen je aanhijgen, voelen drie minuten lang. Zelfs een halve minuut kan al te veel zijn.”

Dertig mannen schuiven één voor één bij ons aan. We zitten een tafel van elkaar verwijderd. Alle mannen komen eerst bij Fanny langs voor ze bij Alma aanschuiven. Sommigen vertellen dat ze nog niet toe zijn aan kinderen, anderen melden alvast dat ze zichzelf überhaupt nooit willen voortplanten. „Ik moet natuurlijk wel geheel eerlijk tegenover je zijn”, voegt de desbetreffende man daaraan toe. Fanny knikt en zegt hem heel serieus dat het helaas voor haar dan geen zin heeft om nog een keer af te spreken. Van een ander slag man weet je na de fluit nog steeds niet wat voor werk hij nou doet, maar dat zijn meestal wel de ja’s. Een man is zo zenuwachtig dat hij bij Fanny aan tafel een pen laat ontploffen. Zijn hele handen zitten onder de inkt. „Heb ik weer”, zegt hij blozend. Als Fanny vraagt of ze even een servetje voor hem zal pakken, zegt hij dat hij ze wel aan het tafelkleed afveegt. De leukste man komt voor Alma als laatste. „Ik ben Joep”, zegt hij vrolijk. „Ik werk in de koekjesfabriek. Afdeling Frou- Frou.” Het gezicht van Alma glundert. Ze ziet het plaatje al helemaal voor zich: Joep komt thuis na een lange dag werken met dozen vol Frou- Frou’s. „Weer een productiefout, liefje?” „Speculaas in plaats van wafel gedrukt. Deze zijn allemaal voor jou.” Joep glimlacht en neemt een slok van zijn bier. „Ik mag alle nieuwe koekjes als eerste proeven.” Zijn verhaal klinkt bijna te mooi om waar te zijn. Maar dan spat de zeepbel: „Ik ben afdelingshoofd, ik moderate 6 machines en hou de productietijden in de gaten. Ik verdien zo’n 1500 e’tjes in de maand. Mag niet klagen.”

Alma krijgt na afloop een biertje van Fanny. „Elke man heeft tegen me gezegd dat speeddaten een ervaring is. En dat ze dit gewoon een keer mee willen maken. Niemand hier is werkelijk op zoek naar de liefde van zijn leven.” „Jij toch ook niet?”, zegt Fanny. Het biertje valt somber op de maag. „Jawel. Ik wil een jongen die me meeneemt, in een bed legt, me toestopt en zegt dat alles goed komt.” Het is stil. De mannen in de zaal loeren. Fanny kijkt Alma aan en zegt: „Alles komt goed”.