Werk aan de winkel

Studenten in Arnhem en Nijmegen leren in de praktijk wat het is om zelfstandig ondernemer te zijn.

Martine Zuidweg

Het studentenbedrijf EDIMoves, dat de communicatie tussen bedrijven met zogeheten EDI-berichten versoepelt, werkt nu nog vanuit de zolderkamer van Jacob Dill – of, bij goed weer, vanuit een parkje. foto Flip Franssen Nederland, Nijmegen, 2-6-2008 Jacob Dill,links, en Patrick Bley werken aan hun software-programma. Foto: Flip Franssen Franssen, Flip

Jacob Dill (22) is tweedejaarsstudent bedrijfscommunicatie aan de Radboud Universiteit (RU) in Nijmegen én zelfstandig ondernemer. Hij runt het bedrijfje EDIMoves, samen met twee andere studenten van zijn universiteit en een Duitse student uit Berlijn. Nu werken ze nog vanuit Dills kamertje op een studentenflat. Maar ze hebben grote plannen.

Hun product is goed, weet Dill. Ze helpen bedrijven om hun elektronische communicatie te verbeteren. Het gaat daarbij niet om e-mails, maar om zogeheten EDI-berichten, automatische gegevensuitwisseling tussen de administratieafdelingen van bedrijven. Administratieafdelingen van veel bedrijven kunnen elkaar daarmee bijvoorbeeld facturen en bestellingen sturen, die zonder tussenkomst van mensen kunnen worden verwerkt. Dat zou goedkoop moeten zijn, maar in de praktijk gaat er vaak iets mis, omdat die EDI-berichten nog niet goed gestandaardiseerd zijn. Als het misgaat, moet de ontvanger alsnog expliciet met de zender communiceren. Soms krijgt de zender dan zelfs een boete.

Dill en zijn medestudenten hebben bedacht hoe organisaties hun EDI-berichten kunnen standaardiseren. “Wij maken gebruik van de software van een Duits bedrijf over hoe de berichten eruit moeten zien, welke structuur ze bijvoorbeeld moeten hebben. Die software passen wij vervolgens op maat toe op de klant.”

Een gat in de markt, zegt Dill. Alleen: hoe bereik je de beslissende personen in organisaties? En: hoe organiseer je een groeiende onderneming?

De tweedejaarsstudent gaat het binnenkort gewoon vragen aan de mensen die het weten kunnen: accountants, advocaten, bankmedewerkers en belastingadviseurs. Dat kan met de ‘start&go!’-pas die hij onlangs ontving tijdens de aftrap van het project Gelderland Onderneemt! (‘GO’), een gezamenlijk initiatief van de HAN , de RU en ArtEZ, hogeschool voor de kunsten in Arnhem. Het project wil studenten vertrouwt maken met het ondernemerschap en kreeg afgelopen januari een kleine drie miljoen aan rijkssubsidie. De start&go!-pas maakt deel uit van het project en geeft de eigenaar het recht op zes uur gratis advies en begeleiding van bij het project aangesloten bedrijven en organisaties.

De HAN timmert al langer aan de weg als het gaat om het stimuleren van ondernemerschap. In 2002 zette Geert-Jan Sweers er het Centrum voor Ondernemerschap op. Dat centrum geeft cursussen, trainingen en persoonlijke begeleiding aan studenten. Op het gros van de opleidingen van de hogeschool schrijven studenten nu een ondernemersplan. En ze kunnen kiezen voor een minor ondernemerschap, volgens Sweers de minor met de meeste aanmeldingen aan de HAN.

Sweers ziet een taak weggelegd voor het onderwijs als het gaat om de kweek van eigen bazen. “In Nederland is een op de tien mensen zelfstandig ondernemer. Dus het leeft echt. Maar de meesten hebben er tijdens hun opleiding nauwelijks iets over gehoord. Ondernemerschap gaat over kansen zien, open staan voor nieuwe ontwikkelingen. Dat is een houding die je moet hebben. En die houding aanleren gaat makkelijker als je jong bent.”

De HAN, de RU en ArtEZ hebben afgesproken dat hun studenten bij alle drie de instellingen cursussen kunnen volgen over ondernemerschap. ArtEZ heeft daarnaast de winkel Coming Soon, initiatief van de collegevoorzitter, als broedplaats van ondernemende studenten. Hoewel de etalage van Coming Soon in Arnhem geen werk van beginners laat zien. Wel een trenchcoat van Jeroen van Tuyl voor 855 euro en een ‘dress’ voor 649,90 euro van Spijkers en Spijkers. “Studenten spiegelen zich graag aan iconen”, zegt Judith ter Haar, creatief directeur van Coming Soon. “Maar we hebben hier ook werk liggen van mensen die net zijn afgestudeerd. Die geven we een platform. Op het moment dat je dat doet naast een Victor & Rolf geef je aan de buitenwereld meteen een signaal af over de kwaliteit.”

Ter Haar wil niet aan ‘pampering’ doen, zoals ze het noemt. “Studenten moeten leren dat ze onderscheidend moeten zijn en echt kwaliteit moeten bieden. Het behelst nogal wat om je product op de markt te brengen. Want je moet wel klanten hebben, wel kunnen communiceren, jezelf wel in de markt kunnen zetten.”

Studenten en afgestudeerden van ArtEZ die in Coming Soon exposeren, moeten zelf de communicatie en catering verzorgen. En na afloop zelf de kopjes afwassen. In de ruime kelder van het pand worden ook cursussen gegeven voor studenten en pas afgestudeerden. Ter Haar nodigt daarvoor graag ontwerpers van naam uit, zoals de creatief directeur van Diesel, een internationaal jeansmerk “waarvan bijna de hele club uit Arnhem komt”.

Het winkelpersoneel van Coming Soon is ook afkomstig van ArtEZ. Jan-Peter Scheen (26) studeerde vorig jaar af en staat nu vijf dagen in de winkel. Leerzaam, vindt hij. “Je wordt je heel bewust van hoe klanten aankijken tegen de producten die hier liggen. Je ziet het prijsniveau, de administratie die erbij komt kijken, je merkt wat loopt, wat werkt. Dat zijn dingen waar ik op de academie niet mee bezig was. Op de academie draait het heel erg om het ontwikkelen van een eigen stijl.”

Maar dat moet met Gelderland Onderneemt dus veranderen. Doelstelling van het project is om zeker vijfentwintigduizend studenten de komende vier jaar te laten kennismaken met ondernemerschap. Overigens denkt Scheen er zelf ook over om eigen baas te worden. “Misschien op stylinggebied of anders in de modebladenbusiness, dat weet ik nog niet.”