Wel eisen stellen, maar niet betalen

Het arbeidsconflict in het streekvervoer is wel degelijk een zaak van de regering, zegt PvdA-senator Klaas de Vries. Waar blijft staatssecretaris Huizinga?

Als je wilt weten wat de gevolgen zijn van het huidige overheidsbeleid in het streekvervoer, moet je even naar Friesland, zegt Anne Hettinga van de werkgevers uit het regionale busvervoer. Daar heeft nog niet één commerciële vervoerder ingeschreven op de concessie die de provincie nu aanbesteedt.

Het zal Klaas de Vries niet verwonderen. De PvdA-senator zette de afgelopen dagen op verzoek van de sociale partners zijn tanden in het streekvervoer en kwam met harde conclusies. Beknibbelen op de sector voert al jaren de boventoon bij allerhande overheden, het systeem van het openbaar vervoer is nu in het geding.

De Vries spreekt van een onbetrouwbare overheid die afspraken schendt, onverwachts subsidies verlaagt, opbrengsten maximeert en plotseling de marktwerking in het stadsvervoer terugdraait. „Tegen zulke omstandigheden kun je je niet verzekeren bij Lloyds”, aldus zei De Vries gistermiddag.

Dat staatssecretaris Huizinga (Verkeer, ChristenUnie) bij die beslissingen soms de wens van de Tweede Kamer volgde, doet er nauwelijks toe. De Vries: „De Kamer is niet de uitvoerende macht, dat is de regering.”

Kern van de kritiek is dat de overheid ingrijpende beslissingen neemt voor de sector, maar daar niet de verantwoordelijkheid voor neemt. Balkenende IV wil het openbaar vervoer jaarlijks met 5 procent laten groeien, maar schroefde als belangrijkste financier de langjarige subsidie aan het streekvervoer aanzienlijk terug.

Van de 1,7 miljard euro die het rijk jaarlijks aan de provincies verstrekt – de zogeheten Brede Doeluitkering – gaat 70 procent naar het openbaar vervoer. Over deze bijdrage waren in het vorige kabinet langjarige afspraken gemaakt. Maar die zijn bij de jongste kabinetsformatie „om zeep geholpen”, stelt De Vries.

Het kabinet besloot bij zijn aantreden 410 miljoen euro op de uitkering aan de provincies te bezuinigen. Zij mochten zelf weten hoe ze dit oplossen, maar omdat het meeste geld naar de bussen gaat, is bezuiniging daar onvermijdelijk, zegt De Vries. En dat terwijl al het laaghangende fruit volgens de senator in de sector wel geplukt is. „Dan kom je onherroepelijk uit op versobering van de arbeidsvoorwaarden”, terwijl de rek daar uit zou zijn.

De Vries dringt daarom aan op een regierol van de overheid, met extra geld en een overbruggingsperiode om de gemoederen tot bedaren te brengen. PvdA en CDA wezen de suggestie van tijdelijk goedkopere diesel voor de bussen niet bij voorbaat van de hand. Werkgevers en werknemers in het streekvervoer reageerden gisteravond enthousiast op de analyse van De Vries. Ze staan te springen om overleg met Huizinga.

„Het moet over zijn met het zwabberbeleid van dit kabinet”, zei werkgever Anne Hettinga. Hij wees erop dat werkgevers en werknemers uit het streekvervoer in januari gezamenlijk bij de staatssecretaris waarschuwden voor problemen. „Een halfuurtje kregen we. En nul op het rekest.”

Voor staatssecretaris Huizinga zal het steeds moeilijker worden een rol af te wijzen in het conflict in het streekvervoer. Tot nu toe wees zij iedere verantwoordelijkheid van de hand, net zoals zij dat eerder – vergeefs – bij de problemen met de ov-chipkaart deed. Formeel mag het een aangelegenheid zijn van provincies en busbedrijven, maar in de praktijk heeft de bewindsvrouw een grote rol, volgens de analyse van De Vries.

De vraag is of de staatssecretaris politiek handig opereert door de belangrijkste suggesties van De Vries gisteravond binnen een uur na De Vries’ presentatie af te wijzen. Extra geld zou volgens de bewindsvrouw ongeoorloofde staatssteun zijn, en het conflict is een arbeidsconflict waar zij buiten staat, liet zij gisteravond weten. De komende weken blijkt of de Tweede Kamer die mening deelt.