De versnipperde rijkdommen van Karel de Stoute

Expositie ‘Karel de Stoute’, Historisch Museum, Helvetiaplatz 5, Bern, Zwitserland. Tot 24 augustus. Info: www.bhm.ch.

Karel de Stoute, hertog van Bourgondië en een van de rijkste heersers die Europa ooit gekend heeft, bezat een breedgerande gouden hoed vol edelstenen. Toen de hertog in 1476 ten strijde trok tegen de Zwitserse Confederatie, had hij die hoed bij zich. Als hij reisde, reisden wandkleden, sieraden en vele andere kostbaarheden uit zijn hofhouding vaak mee.

Karel de Stoute had tot dan toe vrijwel alle veldslagen gewonnen. Zijn rijk strekte van Amsterdam tot Macon, nu wilde hij doorstoten tot de Middellandse Zee. Maar ditmaal kreeg de hertog klop. Het Bourgondische leger werd bij Grandson en Murten (vlakbij Bern) in de pan gehakt. Alle mee gereisde rijkdommen vielen in handen van de Zwitsers. Die begonnen zowat een burgeroorlog over de buit. Uiteindelijk belandden de kleden in Bern, de gebedenboeken in Luzern en de gouden hoed in Bazel.

Bazel had geld nodig voor openbare werken en verkocht de hoed aan een bankier. De neef van die bankier sloopte de hoed. Hij verpatste stukjes goud, parels en edelstenen een voor een aan de hoogste bieder. Als er eeuwen later niet in Duitsland een miniatuurschildering van die hoed was opgedoken, had niemand er nog van geweten.

Op de tentoonstelling ‘Karel de Stoute’ in het Historisch Museum in Bern is deze hoed te zien, helemaal nagemaakt. Ook zijn er de schitterendste wandkleden, dolken, schilderijen en maliënkolders bijeengebracht, 280 in totaal (uit zeker veertig musea, waaronder het Rijksmuseum), die een beeld geven van de Bourgondische hofhouding. Samen vertellen deze objecten, die na Karels dood in 1477 – toen het Rijk versnipperde – in diverse landen terechtkwamen, een fascinerend Europees geschiedenisverhaal dat voor veel mensen in de vergetelheid is geraakt.

Karel de Stoute was een onverschrokken veldheer en veroveraar. Onder zijn heerschappij beleefden schilderkunst, handnijverheid en handel een periode van ongekende bloei. En: de hertog had klasse. Aan opzichtige protserigheid had hij een hekel. Maar hij imponeerde zijn voornaamste tegenstrevers, die hem geografisch inklemden – de Franse koning Lodewijk XI aan de westkant en de Duits-Roomse keizer Frederik III aan de oostkant – graag met objecten van de beste kwaliteit. Door zijn portretopdrachten verbond het Hof zich met Vlaamse meesters. Hij liet vijf mensen jaren weven aan één kleed, zoals dat van de Duizend Bloemen, die op een plechtig zwart fond Bourgondië afbeelden als een paradijs. Of het nu om kettingen van de Orde van het Gulden Vlies gaat, mantels of nieuwe spelregels voor riddertoernooien: alles ademt die aristocratische, ingehouden chic.

Maar de kostbaarheden die nu in Bern liggen (en in maart 2009 naar het Groeningemuseum in Brugge verhuizen, waar de hertog in zijn praalgraf ligt) weerspiegelen ook een bestuurlijke moderniteit die Lodewijk en Frederik vreemd was. Karel de Stoute had het eerste beroepsleger van Europa. Hij installeerde een soort parlement. En hij liet een spoor van documenten na; in een kelder in Lille liggen nog honderden dozen met paperassen waarop hij in de kantlijn opmerkingen krabbelde. Ook daarvan toont het museum voorbeelden.

Zwitserse schoolkinderen zingen nog steeds een liedje dat ongeveer zo gaat: ‘Bij Grandson verloor de hertog zijn goed, bij Murten zijn moed, bij Nancy zijn bloed’. Dit ‘goed’, dat zijn de spullen van Karel de Stoute. Ze symboliseren zowel zijn grandeur als de hubris die hem uiteindelijk noodlottig werd. In 1477, het jaar nadat de Zwitsers de Bourgondiërs bijna tot de laatste man hadden afgemaakt - een van de bloeddorstigste episodes uit de Zwitserse geschiedenis – en hun spullen hadden geroofd, sneuvelde Karel in Nancy.

Het ultieme bewijs van zijn vernedering ligt overigens ook in Bern. Het is niet de gouden hoed, maar een gouden zegel voor brieven en decreten. Toen Karel die kwijt was, kwamen staatszaken compleet tot stilstand. Pas toen een Florentijnse meester-médailleur een nieuw zegel had gemaakt, kwamen die weer op gang. Voor eventjes dan.