Voortbestaan wielerploeg op ’t spel

De belangen zijn groot bij de rechtszaak van renner Michael Rasmussen tegen zijn voormalig werkgever Rabobank. De Deen eist 5,5 miljoen euro en zet het voortbestaan van de Rabo-wielerploeg op het spel.

In de rechtszaak die de Deense wielrenner Michael Rasmussen gisteren begon tegen zijn voormalig werkgever Rabobank staat het voortbestaan van de Nederlandse wielerploeg op het spel. Rasmussen eist namelijk 5,5 miljoen euro van Rabobank, omdat hij zijn ontslag tijdens de Tour van vorig jaar onterecht vindt.

Als de Deen gelijk krijgt van de rechter zal Rabobank stoppen als sponsor van de wielerploeg, verwacht Henri van der Aat. De interim-directeur van Rabobank Wielerploegen stelde na de zitting dat een schikking daarom uitgesloten is. „Voor ons is een settlement nooit aan de orde geweest. Wij willen graag dat deze zaak over is, maar het gaat ons om het principe. Rasmussen is terecht ontslagen. Het ergste zou voor ons zijn als de rechter oordeelt dat de ploeg wist dat hij heeft gelogen. Dat zou het einde van de Rabobank Wielerploegen betekenen.”

Geletruidrager Michael Rasmussen werd tijdens de Ronde van Frankrijk van 2007 door zijn eigen ploeg in gewonnen positie uit de wedstrijd gezet en een dag later ontslagen. De Deen had gelogen over zijn verblijfplaats in de voorbereiding op de Tour, en had daarmee dopingcontroles ontlopen. Aan de internationale wielerunie UCI gaf hij op in Mexico te zijn, terwijl hij in Italië en Frankrijk verbleef. Volgens Rasmussen was zijn ploeg overal van op de hoogte. In een door Rabobank gefinancierd onderzoeksrapport van oud-politiecommissaris Peter Vogelzang bleek daarvoor in november vorig jaar geen bewijs. De 34-jarige wielrenner, die geen ploeg meer heeft en nog altijd in afwachting is van een eventuele schorsing, probeert nu zijn gelijk alsnog te halen via de rechter.

Zijn advocaat André Brantjes betoogde dat Rasmussen eigenlijk nog altijd niet weet waarom hij precies is ontslagen. De brief met ontslag op staande voet was volgens hem onvoldoende onderbouwd. Uit afspraken, sms’jes, fax- en telefoonverkeer blijkt volgens Brantjes dat de ploegleiding wist dat zijn cliënt niet in Mexico was. „Rasmussen heeft nooit aan Rabo kenbaar gemaakt dat hij in Mexico zou zijn. Theo de Rooij, Erik Breukink [ploegleider], Geert Leinders en Jean-Paul van Mantgem [ploegartsen] hebben geweten dat Rasmussen altijd in Italië en Frankrijk is geweest.” Dus zou zijn cliënt niet hebben gelogen tegen zijn werkgever, wat door Rabobank als de voornaamste reden voor het ontslag werd aangevoerd.

Volgens Harro Knijff, advocaat van de Rabobank, heeft Rasmussen bij verschillende gelegenheden juist wel tegen de ploegleiding gezegd dat hij in Mexico was geweest. Als voorbeeld noemde hij de voorbereiding op een persconferentie tijdens de Tour in Pau, waar Rasmussen samen met Knijff en De Rooij uitleg zou geven over zijn verblijfplaats in juni. „Rasmussen herhaalde toen dat hij in juni in Mexico was geweest.” De Deen bevestigde dit na een vraag van de kantonrechter. Ter verklaring voegde hij er aan toe dat hij de pers al tien dagen had verteld dat hij in Mexico was. „Die lijn moesten we blijven volgen.”

Zo voerden de partijen twee uur lang een welles-nietesstrijd zonder nieuwe feiten op. De zaak wordt voortgezet op 2 juli, vlak voor de start van de Tour in Brest. De kantonrechter kan beslissen nieuwe getuigen op te roepen voordat hij een oordeel velt.