Marco Polo

In zijn artikel (Boeken, 30.05.2008) over de twee boeken die betrekking hebben op de reizen van Marco Polo en Odoric van Friuli naar het rijk der Mongolen in de 13e en 14e eeuw, meldt Roelof van Gelder dat ook anderen omstreeks die tijd zulke reizen maakten, onder wie Johannes van Plano Carpini (Jean Plan Carpin) als afgezant van Paus Innocentius IV.

In dit verband moet ook Willem van Rubroeck, een Vlaamse Franciscaner monnik, worden genoemd. Hij werd in 1253, zeven jaar na Plan Carpin en in het voetspoor van een reis van André de Longjumeau, door de Franse koning Lodewijk IX (Saint Louis) naar de Grote Khan in Karakorum gezonden, waarvan hij in 1255 terugkeerde. Zijn reisverslag aan de koning leest als een roman, maar valt ook op door zijn nuchter en gedetailleerd observatievermogen, waarmee hij zich een vroege geograaf en socioloog 'avant la lettre' toont.

De 19e eeuwse Marco Polo-specialist (Colonel) Henry Yule, (The Book of Ser Marco Polo, The Venetian, Concerning the Kingdoms and Marvels of the East, 1871) noemde Rubroecks reisverslag zelfs veel authentieker dan welk hoofdstuk van Marco Polo dan ook. Een schitterend uitgevoerde Franse vertaling van Rubroeks reisverslag verscheen in 1997 als Guillaume de Rubrouck, Voyage dans l'Empire Mongol, 1253-1255, bij Imprimerie nationale Éditions, Parijs.