Kunstenaarsjournalistiek toont voorkeur voor zwart-wit

Groot was de verontwaardiging onder fotografen toen begin dit jaar bleek dat er een militair genomineerd was voor de belangrijkste Nederlandse fotoprijs, de Zilveren Camera. Pure propaganda, zo werd de reportage die sergeant Sjoerd Hilckmann had gemaakt in Uruzgan afgedaan door zijn civiele collega’s. Want hoe kan iemand die in dienst is van defensie tegelijk een onafhankelijke en objectieve fotojournalist zijn?

Het zijn geen gemakkelijke tijden voor fotojournalisten. Media als Nu.nl en De Telegraaf maken naar hartelust gebruik van foto’s die door burgers worden ingestuurd. En hoewel de website Skoeps.nl vorige maand alweer stopte wegens gebrek aan interessant materiaal, is de opmars van de burgerjournalistiek niet meer te stuiten. Broodroof, klagen de fotografen. Al zijn er ook die handig op de nieuwe ontwikkelingen inspringen. Zoals Geert van Kesteren, die in zijn fotoboek Baghdad Calling beelden opnam die gevluchte Irakezen met hun mobieltjes van het oorlogsgeweld hadden gemaakt.

Concurrentie is er ook uit de hoek van de beeldende kunst. Op grote internationale tentoonstellingen als de Biënnale van Venetië en de Documenta viel de afgelopen jaren op dat steeds meer kunstenaars verslag doen vanuit de brandhaarden op deze wereld. Met hun documentaire foto’s en video’s laten ze zien wat er aan de hand is in bijvoorbeeld Israël, Zuid-Afrika en Darfur.

Op de groepstentoonstelling Reportage: Between Representation and Reality in het Haagse kunstcentrum Gemak is werk van vijf van die kunstenaarsverslaggevers te zien. Mooi zijn de foto’s die Rachel Corner maakte van Noord-Afrikaanse vluchtelingen die na een lange reis aankomen op Fuerteventura. De beelden van kapot gelopen voeten, van bange ogen in de nacht, of van rijen wachtenden in een Canarisch politiebureau passen helemaal in de documentaire traditie en zouden op een voorpagina niet misstaan.

Wat vooral opvalt is dat veel beeldend kunstenaars een grote voorliefde hebben voor zwart-wit fotografie. In Heden, een andere Haagse kunstruimte, toont de Letse kunstenaar Inta Ruka haar prachtige serie Amalias Street 5a, over de bewoners van een huizenblok in Riga. De kleurrijke types zijn in stemmige grijs-tinten geportretteerd, met een Rolleiflex-camera die uit 1937 stamt. Hoewel de foto’s recent gemaakt zijn, lijkt het daardoor of ze uit de tijd van Dorothea Lange of Diane Arbus stammen. Het is alsof het zwart-wit de foto’s diepgang geeft, ze minder vluchtig maakt.

Zou dat de bijdrage van beeldende kunst aan de fotojournalistiek kunnen zijn? Met oog voor oude technieken een tegenwicht bieden aan de homemovie-kwaliteit van mobieltjes? Want wat is het eigenlijk jammer, zo besef je na het zien van de twee tentoonstellingen in Den Haag, dat nieuwsfoto’s tegenwoordig altijd in kleur zijn.