Ingebed activisme

In Peking werkt de succesvolle Nederlandse architect Rem Koolhaas aan het nieuwe onderkomen van de Chinese staatstelevisie. De kritiek op samenwerking met de Chinese machthebbers verwerpt hij. „China verandert in hoog tempo.”

Zicht op de het nieuwe onderkomen van de Chinese staatstelevisie, nog in aanbouw. De constructie, 234 meter hoog, is klaar in 2009. foto AFP Staatstelevisie Het nieuwe onderkomen van de Chinese staatstelevisie wordt gebouwd naar een ontwerp van Rem Koolhaas. 12-13 View of the new CCTV Tower under construction in Beijing 23 March 2008. The two steel cantilevers of the new CCTV Tower were recently connected completely. The whole construction of the 234 meters high tower will be finished in 2009 and will be put into operation in the same year. Imaginechina

Wat zegt de architect die de prestigieuze opdracht kreeg om het nieuwe onderkomen van de machtige Chinese staatstelevisie te ontwerpen? „Ik heb niet de illusie dat ik het Chinese politieke systeem kan veranderen, maar ik kan mijn keuze door mijn manier van bouwen wel voor mezelf verantwoorden.”

Aldus Rem Koolhaas, de Nederlandse architect die onlangs door het Amerikaanse tijdschrift Time werd gekozen in de top 100 van de meest invloedrijke mensen ter wereld. De uitverkiezing komt op een nieuw belangrijk moment in zijn loopbaan; samen met OMA (Office for Metropolitan Architecture) werkt hij aan twee grote projecten in China: het nieuwe beursgebouw in de zuidelijke metropool Shenzhen en het nieuwe centrum van de Chinese Centrale Staatstelevisie (CCTV) in Peking.

Het CCTV-gebouw staat in het hart van de stad en torent hoog boven alle gebouwen uit. Het bestaat uit twee scheefstaande torens die aan de bovenzijde verbonden zijn door een hangende brug. Het is een controversieel project waar hij veel lof voor heeft geoogst maar ook veel kritiek op heeft gekregen.

Koolhaas’ uitspraak is niet alleen een reactie op de kritiek van anderen op zijn keuze om in China te gaan werken maar ook op de bewering die hijzelf twee jaar geleden deed. Toen zei Koolhaas in een programma van de VPRO-televisie dat hij, wanneer over twee jaar zou blijken dat de mensenrechtensituatie in China niet zou verbeteren, spijt zou hebben van de bouw van de CCTV-torens. Dat was weer een reactie op uitlatingen van Ian Buruma in The Guardian. De Brits-Nederlandse schrijver en sinoloog zette vlak na de uitverkiezing van Koolhaas’ ontwerp in een artikel uiteen waarom westerse architecten als Koolhaas niet moeten deelnemen aan de prijsvraag voor het CCTV-kantoor.

Een westerse architect kan in China woonwijken en ziekenhuizen bouwen, vindt Buruma, maar niet het hoofdkwartier van de staatstelevisie. China heeft immers nog altijd een repressief regime, en de staatstelevisie bedrijft bij uitstek propaganda. Buruma vergeleek China met het Chili uit de jaren zeventig van de vorige eeuw waar generaal Pinochet aan het roer van eenzelfde soort regime stond. Tot zijn verdediging zegt Koolhaas dat hij door de ingenieuze gangen en de open ruimtes het gebouw toegankelijk wil maken voor publiek.

Deze zondagochtend is het rustig

voor het bouwterrein van de CCTV-torens van Koolhaas. Bewakers staan voor een slagboom en achter witte hekken is een wereld van bedrijvigheid. Meer dan duizend werklieden met gele en rode helmen lopen als werkmieren over het terrein. Even later beent van ver een lange man, gekleed in een zwarte leren jas richting poort. Met een mengeling van afstandelijkheid en voorkomendheid stelt hij zich voor.

De zoon van schrijver Anton Koolhaas werd in 1944 geboren in Indonesië. Na de Filmacademie in Amsterdam volgde hij architectuurstudies in Londen en New York. In 1975 richtte hij OMA (Office for Metropolitan Architecture) op. In 1992 brak hij internationaal door als architect met zijn ontwerp voor de Kunsthal in Rotterdam. In 2000 won hij de Pritzkerprijs voor architectuur, maar 2004 is hét jaar van Koolhaas en OMA. Toen kwamen vijf belangrijke gebouwen gereed: de bibliotheek in Seattle, het Casa da Musica in Porto, een campusgebouw in Chicago, een Pradawinkel in Los Angeles en de Nederlandse ambassade in Berlijn.

Onder het oorverdovende geluid van getimmer op metaal gaat Koolhaas voor naar een krakend oranje bouwliftje dat tergend langzaam naar de zevenendertigste verdieping kruipt. Voor de migrantenbouwvakkers dagelijkse routine maar voor bezoekers met hoogtevrees is het even wennen.

Naast het CCTV-gebouw staat het rechthoekige culturele studiogebouw (TVCC), dat met de torens over een jaar operationeel wordt.

Koolhaas hoopt dat het complex een stad op zichzelf wordt, waar dagelijks tienduizend mensen eten en drinken, films en tv-programma’s maken. Alle functies van het televisie maken worden ondergebracht in het gebouw: van de perskamer en de marketingafdeling tot de meisjes die de thee rondbrengen. De torens in zakencentrum Guo Mao, niet ver van het Plein van de Hemelse Vrede, schoten de afgelopen maanden de lucht in.

Aan de voorzijde van de brug wijst Koolhaas op twee ronde gaten die bedekt zijn met netten. „Dit worden straks glazen kijkgaten van viereneenhalve meter waardoor je honderdvijftig meter naar beneden op straat kijkt. Niet alleen moet het gebouw contact houden met de buitenwereld, personeel en bezoekers zien elkaar en kunnen elkaar ontmoeten.” Hij legt uit dat het gebouw volgend jaar, wanneer het zijn deuren opent, toegankelijk zal zijn voor het publiek. Iedereen kan een kaartje kopen en lopend door het labyrint van gangen deelgenoot worden van wat zich binnen afspeelt.

Koolhaas brengt me naar het TVCC-studiogebouw waarin een hotel, restaurants, spa’s maar ook weer opnamestudio’s en een theater met vijftienhonderd zitplaatsen komen. De architect is regelmatig in Peking om de voortgang van de bouw te begeleiden. Zijn architectenkantoor OMA houdt sinds een paar jaar kantoor in de wijk Soho in Peking, op een steenworp afstand van het CCTV-gebouw. In het strakke en witte Pekingse kantoor wordt ook op zondag hard doorgewerkt. In kasten en nissen staan gekleurde maquettes.

Achter een geribbelde plexiglazen wand zit zijn compagnon Ole Scheeren, de jonge veelbelovende Duitse architect die dagelijks bij het project is betrokken. Scheeren woont sinds twee jaar in Peking. Zijn spectaculaire verhouding met de beroemde Chinese filmster Maggie Cheung wordt breed uitgemeten in de Chinese pers.

Koolhaas: „In 2002 kwamen we hier voor de presentatie van ons project. Toen duidelijk was dat we grote kans maakten in de prijsvraag voor het gebouw, startten we met onderhandelingen over het contract. Eind 2004 konden we beginnen.” OMA werkt samen met het Chinese bedrijf East China Architectural Design & Research Institute (ECADI) dat ook deelnam aan de prijsvraag en als derde eindigde.

Koolhaas: „Het is zo prettig om met Chinezen samen te werken omdat ze doortastend, humorvol en intelligent zijn en ook flexibeler dan we aanvankelijk verwachtten. Nu ga ik elke zes weken naar Peking. Architectuur is een proces van veranderingen, waarbij tekeningen steeds moeten worden bijgesteld. Bij dit project is dat voortdurend veranderen nog sterker omdat er technische mogelijkheden zijn die we een paar jaar geleden niet konden voorzien. Zo waren we bang dat de ruitvormige glaspartij aan de façade moeilijk aan te brengen zou zijn. Maar door nieuwe technieken en computerberekeningen hebben we daar in een later stadium oplossingen voor gevonden.”

Koolhaas loopt naar de kast en pakt een rood boek: Great Leap Forward. Het is een stedebouwkundig en sociaalmaatschappelijk onderzoek dat onder zijn supervisie in 2001 is uitgevoerd door de universiteit van Harvard in de Pearl River Delta. „Ik kom al sinds 1992 in China en was direct gefascineerd. Die combinatie van massief, groots stalinisme en armoedige, grauwe maar functionele gebouwen vond ik spannend.”

De ruimte, de symmetrie waarmee

de steden in China zijn opgezet en de wijze waarop die brede en weidse straten met veel beton zich transformeerden tot moderne metropolen zetten Koolhaas aan het denken. Hij legt uit dat zijn ontwerp als winnaar uit de bus kwam juist omdat hij geen wolkenkrabber had ontworpen. Terwijl Koolhaas een paar flatgebouwen tekent om te illustreren hoe andere ontwerpen er uitzagen, zegt Scheeren: „Wij wilden een variatie maken op het thema wolkenkrabber. Dat China lid werd van de Wereld Handel Organisatie en de Olympische Spelen kreeg toegewezen, was een historisch moment. Ons gebouw moest de overgang naar die moderne periode weerspiegelen.”

Koolhaas: „We gingen uit van een collectivistisch gebouw dat tegelijk een werkplaats is. Niet alleen de vorm en de gebruikte materialen zijn Chinees, maar ook de steeds veranderende manier waarop het is ontworpen. Zowel van binnenuit als van buitenaf veranderen de vormen als je erlangs rijdt of doorheen loopt. Het gebouw past naast een krot maar ook naast een modern gebouw.”

De architecten benadrukken dat de praktische bruikbaarheid bij hun ontwerp voorop stond, maar ook dat ze bewust hebben gebroken met bestaande bouwtradities. Koolhaas: „Geen van de CCTV-torens neemt veel ruimte in beslag en het complex trekt de activiteiten als het ware naar zich toe doordat het transparant en toegankelijk is. We hebben de naam maatschappelijk te bouwen. Maar functionaliteit is ook enorm belangrijk. Op het gebied van duurzaamheid legden de Chinezen direct hun eisen op tafel.”

Ole Scheeren: „Het duurzame en transparante karakter van het gebouw was een voorwaarde om achter dit gevoelige project te staan. Toen we hier kwamen, zagen we dat de Chinezen echt de ambitie hadden te veranderen. Ook op het gebied van de mensenrechtensituatie is er nog steeds voldoende aanleiding om te veronderstellen dat China op de goede weg is.”

Koolhaas: „Heb je Embedded activism gelezen van de Nederlandse professor Peter Ho? Hij stelt dat er in China sprake is van een soort gecontroleerd collectief sociaal activisme met weinig kans op sociale onrust en repressie door de regerende elite. Het is niet zo dat het Chinese volk zich niet kan uitspreken en mobiliseren. De open wijze waarop China bijvoorbeeld over de aardbeving heeft bericht, geeft aan hoe snel China vooruit gaat. Wij volgen die veranderingen en proberen een bijdrage te leveren aan de economische en sociale ontwikkeling van het land.” Dat doet Koolhaas niet alleen met de bouw van het CCTV-complex. Hij adviseert de gemeente Peking ook over het behoud van het culturele erfgoed van de stad.

Volgens Koolhaas zal China de komende decennia de leidende rol van de VS in de wereld overnemen. „We kunnen niet meer om China heen. Mijn idee is dat je vertrouwen moet kweken en in contact moet komen met het hart van de macht en met beleidsmakers. Ik wil om de tafel zitten met de hoogste autoriteiten .” Het boek Wat China denkt van Mark Leonard is voor Koolhaas uitgangspunt voor zijn standpunten over China. Leonard schrijft dat China verschillende machtscentra kent en dat er geen publieke, maar wel degelijk een interne discussie wordt gevoerd over het beleid. Koolhaas: „Ik denk dat we gebaat zijn bij een creatief proces waarbij China en het Westen zich moeten herdefiniëren en zich aan elkaar moeten aanpassen. Dat geldt ook voor mijn vakgebied. Er zijn projectontwikkelaars die zich op de borst kloppen omdat ze weigeren in China te bouwen. Zelf denk ik in termen van samenwerking, niet in termen van macht.”