‘Het gaat mis bij de lidstaten’

Na boeken over genocide en de VN leek niemand het mijnenveld van de internationale arena beter te kennen dan Samantha Power. ‘Ik doe alles wat Obama vraagt.’

Samantha Power: ‘Hoe maken we het beter voor mensen met gebroken levens?’ Foto Freddy Rikken 3/6/2008 Foto Freddy Rikken Samantha Powers Rikken, Freddy

Een uur spreken we over VN-man Sergio Vieira de Mello, zijn veertigjarige carrière in de modder van alle grote recente conflicten en de lessen die daaruit te leren vallen. Dat immers is het onderwerp van Samantha Powers jongste boek. Onvermijdelijk rijst dan de vraag naar dat moddergevechtje waar Samantha Power zelf, hoogleraar aan Harvard in ‘De Praktijk van het Wereldleiderschap’, onlangs bij betrokken raakte.

Begin maart liet Power, toen nog buitenlandadviseur van presidentskandidaat Barack Obama, zich ontvallen Hillary Clinton een ‘monster’ te vinden. Off-the- record ammehoela: de krantenkop was geboren en de bijdrage van Power aan de Obama-campagne afgelopen. Wat heeft Samantha Power geleerd van die eerste kennismaking met de praktijk van wereldleiderschap in wording?

„Ik denk,” zegt ze, „vooral dat alle afgewogen opvattingen die ik heb over senator Clinton – dat ze voor vrouwen een wegbereider is geweest, en dat ze op politiek gebied de gouden standaard is – dat al die opvattingen zomaar het raam uit kunnen vliegen in de hitte van een campagne. Dan kan kennelijk alles wat ik vind veranderen in zo’n kwetsende opmerking. Ik neem dat vooral mezelf kwalijk en weet nu dat ik, als ik ooit weer actief word in de Obama-campagne, vooral mijn verstand erbij moet houden, veel yoga moet doen en kamillethee drinken. Minder cola en meer slaap.”

Dat is één. Les twee openbaart zich wanneer we terugkeren naar het onderwerp: Sergio Vieira de Mello. Meer in het bijzonder: zijn dood door een bomaanslag in het Irak van augustus 2003 – het Irak van de regering-Bush. Heeft Power gehoord van de mislukte poging tot aanhouding in Engeland van John Bolton, voormalig VS-ambassadeur bij de Verenigde Naties en havik der haviken in de regering-Bush? En wat vindt zij eigenlijk van de aansprakelijkheid en eventuele vervolging van dit type regeringsfunctionarissen in de nabije toekomst, zeg onder een president Obama?

Tot dit moment heeft Power eloquent en ontspannen geantwoord. Nu sluit zich een virtueel rolluik. Na een denkpauze besluit ze deze vraag voorbij te laten gaan. Alles om te voorkomen dat de Obama-campagne opnieuw in de problemen komt door een antwoord van Samantha Power.

De meeste gesprekken met Samantha Power sinds die omineuze opmerking gaan vooral over haar wedervaren met levende held Obama, en maar in beperkte mate over de dode held De Mello aan wie ze meer dan 500 pagina’s wijdde. En dat is jammer. Want ze weet eloquent en vol vuur duidelijk te maken welke lessen De Mello zelf heeft getrokken uit, achtereenvolgens, zijn betrokkenheid bij Unifil in Libanon, de repatriëring van Vietnamese bootvluchtelingen, zijn werk onder Rwandese vluchtelingen, als VN-vertegenwoordiger in belegerd Sarajevo, als nation-builder namens de volkerenorganisatie in Kosovo en op Oost-Timor en tijdens die laatste fatale missie in Bagdad. Power: „Sergio is veertig jaar lang bezig geweest met de vraag: hoe maken we het beter voor mensen met gebroken levens. Dat is ook de vraag die mij bezighoudt, en in het verlengde daarvan: hoe verbeteren we onze buitenlandpolitiek. Vieira de Mello heeft in 14 oorlogsgebieden gewerkt, sprak vijf talen, en was altijd bezig te leren van zijn ervaringen en die lessen door te geven.

„We worden momenteel geconfronteerd met allemaal nieuwe vragen: wat doen we met mislukte staten? Wat doen we met terroristisch geweld? Er zijn weinig richtlijnen. Ik heb geprobeerd om uit de puinhopen van dat VN-gebouw waar Sergio gestorven is, de lessen op te diepen die hij ons daarbij zou kunnen leren.”

Maar wat heeft hij nou eigenlijk bereikt?

„Moeilijke vraag. Er is heel veel. 400.000 Cambodjaanse vluchtelingen thuisbrengen. Oost-Timor op weg helpen naar onafhankelijkheid. Dat is allemaal echt niet niks op zulke gevaarlijke plekken. Zoals ik vind dat de VN in het algemeen zwaar ondergewaardeerd worden als het gaat om bijvoorbeeld vluchtelingenwerk, hiv, aids en de bestrijding van tuberculose en malaria, noem maar op. Maar ik vind vooral dat we succes opnieuw moeten definiëren. Dat we moeten leren dat succes tegenwoordig niet bestaat uit overwinningsparades en glorieuze helden. Het is allemaal veel rommeliger en vager en diffuser. Wat dat betreft moeten we vooral ook leren van wat hij níét heeft bereikt. En dan is de belangrijkste les toch dat hij zelden de middelen kreeg die nodig waren om succes te bereiken. Dat hij eigenlijk altijd geïsoleerd was. En dat is niet de schuld van de VN, maar van de lidstaten.”

Maar De Mello zou toch de eerste zijn om te erkennen dat er ook binnen de VN, met hun bureaucratie, corruptieschandalen en politieke patstellingen, veel misgaat?

„Zeker, en we zouden eindeloos kunnen praten over institutionele verbeteringen, zoals de samenstelling van de Veiligheidsraad. Maar echt, de dingen die binnen de VN misgaan zijn zoveel onbelangrijker dan wat er misgaat bij de lidstaten. Want schaf de VN eens af, zoals John Bolton zou willen. Dan heb je nog China, Rusland en de VS met elk hun eigen opvattingen over staatsmacht. Poetin die met zijn oliegeld ellende veroorzaakt in de buurlanden, Amerika dat zich afvraagt of waterboarding toch niet moet kunnen, en China dat mensenrechten irrelevant vindt. Hoe zorgen we dat Europa meer wil bijdragen aan vredesmissies? Hoe dat China zich het lot aantrekt van Birma en Darfur? Dat zijn de vragen. Er zijn geen institutionele oplossingen voor onverschilligheid.”

Maar als er binnen de VN minder mis zou gaan, zou de bereidheid van lidstaten om zich voor de VN in te spannen toenemen.

„Er is absoluut sprake van een kip-ei-probleem. Betere prestaties zouden meer middelen genereren en met meer middelen zou je meer bereiken. Maar sinds Irak weten de Amerikanen ook dat drama’s zoals Rwanda en schandalen zoals de Oil-for-Food-campagne in Irak niet aan de VN zijn voorbehouden. De les is: het is gewoon heel erg moeilijk om ergens als buitenstaander verandering te brengen.”

„Ik verwacht niet dat er opeens een besef doorbreekt dat de VN een fantastische organisatie vormen en dat alle kritiek verstomt. Maar ik hoop wel op een soort welbegrepen eigenbelang. Het besef dat de grote problemen waar we voor staan – klimaatverandering, economische recessie, nucleaire proliferatie, geweld en vluchtelingenstromen – mondiale problemen zijn die alleen op te lossen zijn wanneer we internationale instituties als de VN versterken.”

Goed, en dan is het de dag na de presidentsverkiezingen. En dan gaat de telefoon: ‘Samantha, Barack hier. Wil jij mijn nationale veiligheidsadviseur worden?’

„Punt één: dat gaat niet gebeuren. Punt twee: ik zal het een voorrecht en een plicht vinden om voor hem te werken, dus ik zal alles doen wat Obama me vraagt. Maar ik zal hem vooral ook adviseren om, na alle incompetentie van de laatste zeven jaar, met zéér ervaren mensen te werken. En alleen schríjven over buitenlands beleid lijkt me voor zo’n hoge positie niet genoeg.”

Samantha Power: De man die de wereld wilde redden, het leven van Sergio Viera de Mello. Vertaald door Annoesjka Oostindïer en Ronald Kuil. Contact, 688 blz. € 59,90