Ayaan Hirsi Ali

Je kunt makkelijk badinerend doen over de jongste pennevrucht van Ayaan Hirsi Ali. Een kinderboek over een Marokkaans jongetje en een joods meisje is dan ook wel een héél kort doorsteekje naar de Verlichting, voor een auteur die in de voetsporen van Spinoza wil treden.

Maar zo gek is het niet. Hirsi Ali is per slot van rekening een hervormer die de wereld wil verlossen van de islam, en die daarbij ook gebruik maakt van de beproefde slagzin dat wie de jeugd voor zich wint, de toekomst op zak heeft.

Met een cameraploeg op sleeptouw verscheen het toenmalige Kamerlid in 2003 al eens in de klas en op het schoolplein van de islamitische basisschool Bilal in Amersfoort, voor een geruchtmakende stoomcursus religiekritiek. Ze confronteerde de leerlingen met wat volgens haar de prangende vraag moet zijn aan alle moslims in Nederland: „Wat is volgens jullie belangrijker, Allah of de Grondwet?” Vervolgens werd de schooljeugd onderworpen aan een pesterig kruisverhoor door de liberale politica, die de hoofddoekjes probeerde los te trillen met vragen als ‘maar als Allah bestaat, waar is hij dan?’ De kindertjes hoorden het braaf aan, maar veel indruk leek het niet te maken.

Misschien heeft dat Hirsi Ali gesterkt in haar idee dat de eerste, tweede en derde generatie allochtonen in Nederland verloren zijn (heel gek, na zeven jaar hameren op het multiculturele drama, de pedofiele profeet en de gevaren van de islam). Voor de vierde is er dan nu gelukkig: Adan & Eva (Gruppo Creativo, vertaald door Hannah van Wijngaarden, 74 blz. € 14,95).

Maar er is nog iets anders. Behalve een politieke activiste is Ayaan immers ook een sociaal vaardige celebrity, voor wie de cover van Time en de catwalk van intellectueel Parijs even bekende omgevingen zijn als de vergaderzaal van de Tweede Kamer. En voor de jet set hoort het schrijven van een kinderboek er tegenwoordig bij, zoals een politiek manifest helemaal en vogue was in de late jaren zestig. Kortom, wat Street Fighting Man (1968) betekende voor de Rolling Stones – een alerte poging om zich van hun geëngageerde kant te laten zien, geheel in lijn met de destijds geldende maatschappijkritische codes – dat was het kinderboek De Engelse rozen (2003) voor die meest ultieme moderne ster, Madonna. De zangeres die gezegend is met de fijnste tijdgeestgevoelige neus van allemaal, bewees met dat boek, het eerste in een succesvolle serie van vijf, dat ze behalve over een commercieel ook over een pedagogisch kloppend hart beschikt.

En dat doet ons goed, in een tijd waarin de markt concurreert met mannenmoed en moederliefde. De moderne ster wil óók een weldoener zijn, die zo niet op de hele maatschappij, dan toch in elk geval op de kleintjes let.

Sjoerd de Jong