Leven als Marokkaan in onderschat Rabat

Elke maand een reisverhaal. Vandaag: Rabat.

Hoofdstad Rabat overtreft Casablanca en Marrakech in alle opzichten. Na een weekeinde voel je je er al thuis.

A view of life in Agdal, a modern neighborhood on the outskirts of Rabat. Straatbeeld in Rabat Agdal, een moderne buitenwijk van Rabat. Kakebeeke;Hollandse Hoogte

Rabat is een stad die zijn oude jas van de Hema heeft uitgetrokken, en in niets minder gezien wil worden dan Prada en Gucci. Het heeft Casablanca in alle opzichten overtroffen en zijn status als hoofdstad dubbel en dwars verdiend. Maar iedereen die Marokko aandoet, lijkt op weg naar andere steden als Marrakech of Casablanca. Zelfs voor expats die in Rabat wonen, is een reisje naar een andere toeristische stad een must in het reisprogramma.

Terwijl Rabat juist zeer boeiend is. Het herbergt de Chellah die als ferm fort in de derde eeuw voor Christus is gebouwd, maar in 1146 gebruikt werd om Spanje aan te vallen. Daarna werd Rabat, vanwege zijn positie tijdens de oorlog met Spanje van 1146-1170 Ribatu l-Fath genoemd, oftewel ‘bolwerk van overwinning’.

Wandel in Rabat eens door de straat de France in de wijk Agdal, waar de rijke Marokkanen zich dagelijks ophouden in verschillende cafés. Voor een lekker kopje koffie en mensen kijken is Agdal dé plek. Rabat is een stad van diversiteit. Gescheiden diversiteit. Boven alles kun je huiselijkheid en nieuwe vriendschappen verwachten. Omdat Rabat niet veel toeristen heeft, alleen buitenlandse inwoners, is het woord ‘toerist’ er onbekend. Je wordt niet als gast ontvangen, maar als een vriend(in). Als toerist ben je bovendien in Rabat onzichtbaar. Er wonen zoveel expats en buitenlandse studenten, dat blonde haren niet opvallen. Dat is voor vrouwen een pluspunt: ga je naar bijvoorbeeld Casablanca of Marrakech, dan zullen de hevig opgewonden Marokkaanse mannen door de blonde lokken op hol slaan. Niet in Rabat: daar kun je als toerist infiltreren in het normale leven van een Marokkaan.

En Rabat kent een prettige mix van alle culturen die je in Marokko treft. Het geeft de stad een prettige toegankelijkheid. Waar je in andere Marokkaanse steden blijft zoeken naar bijvoorbeeld een stamkroeg – en die nooit zult vinden – vind je in Rabat binnen de kortste keren je plek. Een gevoel (van thuiskomen bijna) dat je ook als toerist kunt ervaren. Een gevoel dat je de neiging ontneemt om snel door te reizen naar andere steden.

Dat betekent dat je het ‘Marokkaanse leven’ ook kunt leven in Rabat. Natuurlijk bezoek je de dierentuin, het nationale museum dichtbij de grootste televisieomroep RTM (aan te raden om dat aan taxichauffeurs door te geven), het museum van de Oudaya’s en het muntenmuseum bij Bak Al Maghreb in het centrum. Maar heb je dat eenmaal achter de rug, duik dan in het Marokkaanse leven. Vijf tips om je als een Marokkaan in Rabat te voelen.

1. Ga naar het strand

Ga bijvoorbeeld naar de Plage Oued Cherrot of Plage David en ontsnap aan de overbevolkte stranden. Twee rustige stranden met prachtig uitzicht.

2. Bezoek een hammam

Klop, om jezelf na een dagje strand te ontdoen van onaangename zandkorrels, eens aan bij de beste badhuizen van de stad: Hammam Marosse. Daar geven ze je de scrub voor een lifetime, en massages tot je lijf als elastiek aanvoelt. Bij binnenkomst zal je door een oudere vrouw worden benaderd, die de onbereikbare plekjes op je lichaam zal schrobben. En voor je het weet, krijg je een professionele massage als toetje bij de grote schoonmaak. Voor degenen die het niet zo hebben op ruimtes waar naakte mensen elkaar schrobben, is een bezoek aan Moving wellicht aangenamer. Dezelfde faciliteiten, maar Moving is met grotere zalen meer gericht op privacy. Bovendien bezoeken de meeste Marokkanen deze hammam niet dagelijks vanwege de relatief hoge prijs (circa 30 euro).

3. Eet een tajine

Na deze verwennerij is het zeker voor fijnproevers een absolute must om naar de medina (binnenstad) van Rabat te gaan voor het avondeten. Je krijgt ‘tajines’ voorgeschoteld: stoofschotels met heerlijk zacht vlees, pruimen, aardappelen en – afhankelijk van welk soort tajine je bestelt – dadels en walnoten. In de meeste restaurants mag geen alcohol worden geschonken, maar je kan het wel meenemen. Gewoon doen, de Marokkanen doen het zelf ook.

Wil je je helemaal onderdompelen in de Marokkaanse cultuur, ga dan naar Dar Rbatia. Dit restaurant is zelfs voor de Marokkaanse bevolking lastig te vinden, maar de verkopers in de oude medina komen er geregeld (het ligt in de straat Sidi Fateh). In Dar Rbatia ontmoeten vrienden elkaar in een romantische omgeving, terwijl de ‘mama’s’ koken.

En het toetje? Voor nog geen veertig eurocent verkopen ze bij de ingang van de medina typisch Franse toetjes met verschillende lagen van chocolade en aardbei, waarvoor je in Parijs een vermogen betaalt.

4. Dans underground

Dansend kun je vervolgens de nacht ingaan. Rabat heeft een aantal underground clubs, waaronder Yakout, de enige club met Afrikaanse muziek. Een grote zwarte man met een zware stem die weet hoe hij zijn heupen moet wiegen, verzorgt de livemuziek. Het is er magisch en geheimzinnig, waardoor je het gevoel krijgt afgeschermd te zijn van de buitenwereld.

Ook voor de hardcore technoliefhebber is Rabat dé stad om te ontdekken. Tal van discotheken, waaronder Reservoir, Amnesia en Platinum zijn de hele nacht open.

5. Rust uit en geniet

Rust vind je de volgende ochtend aan de rivier in Moulay Bouselham, waar je heerlijk kunt bijkomen. De enige aanwezigen zijn kleine kinderen die hun stoel zullen aanbieden. En dan is het een kwestie van genieten van het prachtige landschap. Als een échte Marokkaan.