Het gaat nu om Barack en John

Obama kwam uit het niets en versloeg de ‘zekere winnaar’ Hillary Clinton.

Zijn mentor, Mike Kruglik, vertelt hoe dat komt.

2 Hillary Clinton (60), kan de gelederen bij de Democraten sluiten. Maar Obama heeft de (dominante) Clintons liever niet in het Witte Huis. Hillary Clinton: „Senator Obama heeft zo veel Amerikanen geïnspireerd met zijn aandacht voor politiek, en kracht gegeven aan zo velen meer om betrokken te raken. Democratic presidential hopeful New York Senator Hillary Clinton speaks at her election night event on the day of the Montana and South Dakota Democratic presidential primary, at Baruch College in New York, NY on June 3, 2008. Clinton said she had made no decision yet on the future of her candidacy for president after her rival Barack Obama clinched the Democratic party nomination. AFP PHOTO / ROBYN BECK AFP

Op de kamer van Barack Obama in de Senaat, achter zijn bureau, hangt een foto waarvan alleen zijn vrienden de diepere betekenis kennen. Een licht gebogen Muhammad Ali – toen nog Cassius Clay geheten – kijkt in de boksring neer op het lichaam van de tegenstander die hij zojuist heeft gevloerd, Sonny Liston. Het is een beeld uit 1964, Clay heeft tot ieders verrassing de wereldkampioen van zijn troon gestoten.

Mike Kruglik, die de jonge opbouwwerker Obama 25 jaar geleden in Chicago leerde kennen en hem wegwijs maakte in de rauwe achterbuurt van de stad, vertelt dat Obama die foto daar bewaart in herinnering aan de uitspraak die Ali deed na zijn zege: „I shook the world”, ik heb de wereld op zijn kop gezet.

Voor Obama, zegt Kruglik, is dat altijd een stil verlangen geweest: de wereld op zijn kop zetten. Uit het niets komen, je grondig voorbereiden, en toeslaan als het te laat is voor de tegenstander. Zo zag Mike Kruglik destijds Obama zijn werk doen als opbouwwerker, zo boekte dezelfde Obama begin januari zijn zege in Iowa.

Het was dé gebeurtenis van de campagne, zegt Kruglik nu. Twee weken eerder stond hij in peilingen nog 20 procentpunt achter op Hillary Clinton, de zekere winnaar. Ineens, mede dankzij een verfijnd netwerk van medewerkers en vrijwilligers dat zich aan het oog van zijn tegenstanders onttrok, schoot hij omhoog. „En zette hij de wereld op zijn kop.”

Dinsdagavond kwam een einde aan de strijd waarin Obama een van de machtigste politieke machines van de VS, de Clintons, wist te verslaan. Na de laatste twee van 58 voorrondes en dankzij tientallen supergedelegeerden die hun steun aan hem bekendmaakten, kwam vast te staan dat op de partijconventie komende zomer zal Obama over een meerderheid van de afgevaardigden beschikken.

Clinton prees Obama en zijn aanhangers „voor alles wat ze hebben bereikt”, maar weigerde haar verlies te erkennen. Formeel kan ze nog beroep aan tekenen tegen een beslissing over over de verdeling van gedelegeerden in Florida en Michigan. Maar zij voedde zelf speculaties over een vicepresidentschap met de uitspraak dat haar miljoenen kiezers „het recht hebben te worden gehoord”.

In de ogen van Kruglik waren er, na Iowa, vier andere momenten van invloed op het verloop van de campagne. Allesbeslissend was de gebrekkige organisatie van Clinton in vergelijking met die van Obama na Super Tuesday (5 februari), toen ze globaal gelijk eindigden. Clinton ging er vanuit dat ze na die dag gewonnen zou hebben. En Obama was er, legt Kruglik uit, op gespitst dat hij een tweede schok zou uitdelen; het leverde hem een beslissende voorsprong op.

Al vanaf voorjaar 2007 was Kruglik betrokken bij het trainen van vrijwilligers die zich met duizenden via het web aanmeldden. „Kamp Obama”, noemde hij de trainingskampen. Een combinatie van discipline en messianisme. „Ik zei: ‘Stop met je bewondering voor Obama, stop met het opscheppen over Obama, stop met het prijzen van Obama. Nu is het moment gekomen om zelf Obama te zijn. Wordt óók opbouwwerker, organiseer mensen zoals hij dat heeft gedaan’. Barack vond het schitterend dat ik het zo deed.”

De eerste klap voor de campagne kwam half januari, toen na vrouwen (New Hampshire) ook latino’s (Nevada) beducht bleken op Obama te stemmen. Een patroon dat niet meer zou veranderen. In combinatie met de omstreden beelden van dominee Wright („dat ongeluk móest een keer gebeuren”, zegt Kruglik) dreigde Obama een Jesse Jackson te worden, een kandidaat die zijn politieke identiteit aan zijn huidskleur ontleent.

„Daarom waren die opmerkingen over bittere plattelandsbewoners ook zo dom”, zegt Kruglik. Het verband dat Obama legde tussen verbitterde werknemers en het „vastklampen” aan religie en wapens, ontkent de cultuur van de Amerikaanse arbeidersklasse, zegt Kruglik, die vreest dat hij hierop dit najaar het zwaarste aangevallen wordt. „Daar is hij kwetsbaar.”