Excellentie, maestro!

Dit najaar komt de VVD met een ‘betuttelingsindex’ voor dit kabinet. Het CDA is ze vóór, en presenteerde tijdens haar congres een lijst die identiek is. Op de titel na: ‘Beschavingsoffensief’.

Alleen een wisseltruc van woorden? Welnee, van wereldbeeld! Het CDA zegt: de mens is van nature geneigd tot kontneuken in publieke parken, comazuipen en blowen. Verboden en sancties brengen beschaving.

Daar lacherig over doen is volstrekt terecht, temeer omdat het beschavingsgebrek ons land weldegelijk de vernieling in aan het loodsen is, en échte oplossingen dus dringend nodig zijn. Zo meen ik oprecht dat je de minister-president niet met jij aanspreekt, zoals jeugdvoorbeeld Ali B. eens deed.

De meest recente column van Youp van ’t Hek in NRC Handelsblad gaf hoop. Vicepremier Rouvoet (CU) wil dat we hem ‘excellentie’ noemen, schreef hij. Ik vind dat zo gek nog niet. Maar doe het dan wel over de hele linie: de hoogleraar weer ‘professor’, de rechter ‘edelachtbare’, de kunstenaar ‘maestro’.

Alleen een wisseltruc van woorden? Welnee! Eén man noemde mij ooit elke ochtend maestro: de eigenaar van een bar in Rome, waar ik dagelijks zat te schrijven. Het effect: ik werkte er ijveriger.

Aanspreekvormen stimuleren niet alleen de beschaving van de aansprekers, maar ook van de aangesprokenen, die worden herinnerd aan hun taken. Steeds weer dwing je de hoogleraar tot wijsheid, de kunstenaar tot meesterwerken, de minister tot excelleren.

Wat was er van Picasso of Fellini terecht gekomen, als niemand af en toe eens maestro naar ze had geroepen? Wij zouden zeggen: doe maar gewoon, Pablo en Federico, dan doen jullie al gek genoeg.

Ik belde het ministerie van Jeugd en Gezin. Is de aanspreekvorm inderdaad terug? „Dat is echt onzin!” sputterde een woordvoerder van Rouvoet. „André is juist helemaal niet gediend van formele poespas.” Teleurstelling beving mij. André blijft dus André. Niemand zal in dit land ooit excelleren.

Toen ik Youp belde, gaf hij me toch weer hoop: „Ik heb het gecheckt bij iemand die vaak met de regering werkt. Hij steekt er zijn hoofd voor in het vuur! Nee, deze columnist gaat niet over één nachtje ijs!”

Christiaan Weijts