Thuis staat de verwarming ook aan

Thuiswerken wordt in Nederland sterk gestimuleerd door bedrijven.

Maar volgens critici blijven de files even lang en wordt het milieu niet gespaard.

Thuiswerken Illustratie Merlijn Draisma Draisma, Merlijn

Blijf vandaag maar lekker thuis. Die boodschap zullen Nederlandse werknemers van hun baas niet gauw horen. En dat is opvallend, want bedrijven, aangevoerd door de ondernemingsorganisatie VNO-NCW, pleiten krachtig voor thuiswerken. Ze zien hun werknemers liever met de laptop thuis dan op kantoor.

Volgens directeur Niek-Jan van Kesteren van VNO-NCW is het een goede manier om de files te bestrijden. Wie thuis werkt, hoeft immers de weg niet op. De oplossing voor een kostbaar probleem: tenslotte wordt de economische schade van de files in Nederland geschat op jaarlijks 2 tot 2,5 miljard euro. Thuiswerken kan de files met zeker 3,5 procent verminderen, heeft het VNO-NCW uitgerekend. Op de 69 miljoen uren die Nederlanders jaarlijks in de file staan, scheelt dat bijna 2,5 miljoen uren. Maar dan moet de fiscale regeling die thuiswerken stimuleert (de zogeheten anti-filebonus) worden verruimd, zegt Van Kesteren, die dat in een brief aan staatssecretaris De Jager (Financiën, CDA) krachtig bepleit.

Philip Todd, directeur van Ewerkforum, een onafhankelijke stichting die lobbyt voor thuiswerken, vindt de schatting van Van Kesteren „nog conservatief”. Op basis van eigen onderzoek denkt hij zelf eerder aan een reductie van 5,5 procent file-uren (op basis van één dag in de week de auto thuislaten).

Volgens Milieu Centraal, een voorlichtingsorganisatie voor consumenten, zou het jaarlijks netto 715.000 ton aan CO2-uitstoot schelen als iedere werkende Nederlander één dag per week thuis zou werken. Ter vergelijking: „Dat is ongeveer evenveel als 80.000 huishoudens per jaar aan CO2 uitstoten door verwarming, elektriciteit, warm water en vervoer”, zegt woordvoerder Hans van Dijk van Milieu Centraal.

Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) voorspelde tien jaar geleden al in een rapport dat thuiswerken dan ook „de duurzame economie dichterbij brengt”.

Rabobank is een van de bedrijven die thuiswerken onder het personeel stimuleren. Projectmanager Henny van Egmond van Rabo: „Mensen willen het, ze zitten klem tussen werk en privé. Thuiswerken biedt daar een oplossing voor.” Het voordeel voor de bank daarbij is dat tevreden werknemers productiever zijn, zegt hij. Bovendien hoeven werknemers ook niet meer zo nodig op kantoor te zijn. „Tijdens de industriële revolutie was het misschien efficiënt om met z’n allen bij elkaar te zitten, dat is nu niet meer zo”, zegt Van Egmond.

Er zijn ook critici. Bert Van Wee, hoogleraar transportbeleid van de TU Delft, gelooft er niet in. „Thuiswerken mag dan misschien een goede manier zijn om het fileprobleem te verzachten, het helpt het klimaat nauwelijks.” Iemand die de hele dag thuis heeft gezeten, gaat ’s avonds gemakkelijker nog even op pad, soms met de auto. „Mobiliteit zit nou eenmaal in onze genen.”

Ook zouden thuiswerkers volgens de hoogleraar over het algemeen verder van hun werk wonen of een baan verder van huis accepteren. Als er dan op de rest van de werkdagen wel gereisd moet worden, is het meteen ver. Dat kost allemaal energie, wat het voordeel weer teniet doet.”

Hoogleraar energie en duurzaamheid Catrinus Jepma van de Rijksuniversiteit Groningen sluit zich hierbij aan. Ook hij denkt dat het uiteindelijke milieueffect van thuiswerken „vrij gering” zal zijn. De transportsector in zijn geheel is wereldwijd goed voor zo’n 12 procent van de totale emissies. Dat is al weinig, zegt hij. „En het woon-werkverkeer maakt daar weer een fractie van uit.”

De Britse energieconsultancy WSP Environmental is feller in zijn kritiek. Meer thuiswerkers leiden volgens het bureau juist tot een groei van de totale uitstoot van broeikasgassen. Iemand die het hele jaar door geregeld een dag thuis werkt, stoot jaarlijks bijna anderhalf keer zoveel CO2 uit als iemand die vijf dagen per week op kantoor zit. Die persoon zet de cv thuis aan, de verlichting, zet water voor thee of koffie. In een bedrijf wordt dat energieverbruik uitgesmeerd over meer werknemers en is het dus minder groot, zegt WSP.

En de files dan? Consultant Ernst & Young zegt in een recent onderzoek: hoewel het aantal thuiswerkers het afgelopen jaar met 4 procent is gegroeid, heeft dit geen enkel gevolg gehad voor het fileprobleem. In tegendeel, de totale lengte van de files in Nederland is in 2007 met 15 procent toegenomen. Zonder thuiswerken zou dit misschien iets hoger zijn geweest maar niet veel, stelt Ernst & Young. Zolang de groei van het aantal thuiswerkers achterblijft bij de groei van de economie en het aantal werkenden, zal het mobiliteitsprobleem blijven bestaan, zegt het bedrijf.

Het aantal thuiswerkers in Nederland is nog betrekkelijk gering en groeit niet hard. Volgens onderzoeksbureau Heliview gaat het om zo’n 300.000 mensen, ruim 4 procent van de totale beroepsbevolking en sinds 2004 is dat aantal in totaal „maar” met 20.000 gegroeid. Hoewel het potentieel groot is: van de 7 miljoen banen is meer dan de helft kantoorwerk dat zich – met het groeiende elektronicagemak – volgens Heliview goed zou lenen voor thuiswerk. Slechts 11 procent van de Nederlandse bedrijven biedt volgens Heliview op dit moment zijn personeel de gelegenheid tot thuiswerken.

Volgens Todd zit de weerstand vooral bij managers die de angst hebben dat, als ze niemand op de werkvloer zien, er ook niets gebeurt. „Ze vragen zich af of hun thuiswerkers wel écht werken of dat ze de hond uitlaten.” Onderzoek van de Radboud Universiteit Nijmegen toont aan dat thuiswerkers juist harder werken en daardoor meer last hebben van stress.

De opvatting bij veel ondernemingen dat werknemers die bij elkaar zitten productiever zijn, noemt Todd „ouderwets”. Van Egmond van de Rabobank is het daarmee eens. „Ik denk dat er ook een heleboel mensen zijn die de hele dag op kantoor naar buiten kijken. Omdat ze er zijn, denken managers dat ze aan het werk zijn. Een goede manager weet dondersgoed wie er hard werkt en wie niet.”

Lobbyist Todd vindt dat ook werknemers in dit opzicht behoudend zijn. Dat het aantal thuiswerkers nog klein is, komt volgens hem deels door „gewoontegedrag”. Als voorbeeld noemt hij het weeralarm voor 28 maart en de enorme verkeerschaos met 880 kilometer aan autofiles rond half negen ’s ochtends. „Het is toch onbegrijpelijk dat een weldenkend mens dan achter het stuur plaatsneemt en niet thuis gaat werken?”