Opluchting per vonnis

Niet alles wat mag, moet ook gezegd worden. Maar dat is nog wat anders dan er meteen straf voor willen opleggen. Het is in het maatschappelijk verkeer in het algemeen raadzaam om zich te matigen. Om géén grove woorden of grievende uitspraken te doen. Maar in een democratische samenleving is er terecht grote ruimte om toch dergelijke uitlatingen te doen en niettemin straffeloos te blijven.

Het algemeen belang is alleen onder zeer strenge voorwaarden gediend met een beperking van de vrijheid van meningsuiting. Normen daarvoor staan in de wet. En het Openbaar Ministerie heeft terecht de vrijheid om die normen te testen door de rechter in bepaalde zaken te laten oordelen. Eergisteren lagen er dan ook vijf vonnissen, van de Europese strafkamer van de rechtbank Amsterdam. Die waren zo uitgesproken dat het Openbaar Ministerie nu hopelijk weer op koers is. Het vervolgen van radicale politieke tekenaars, agressieve columnisten, provocerende flyer-uitdelers, haatzaaiers in verstopte internethoekjes en boze perswoordvoerders van zakenclubs, is verspilling van tijd en geld. En het geeft blijk van een onjuiste rechtsopvatting.

De Amsterdamse rechters bakenen de vrijheid van meningsuiting gelukkig ruim af. Zij vonden bij alle emotionele en vaak betrekkelijk halfgare opvattingen van de aangeklaagde burgers geen rol voor het strafrecht. Dat is en blijft in een democratische samenleving het uiterste redmiddel. Als de staat echt geen kant meer op kan en een veroordeling bewezen noodzakelijk is.

En dus bleven ook de „onmiskenbaar homofobe, racistische, islamofobe, antisemitische” teksten van een anonieme haatverspreider op een moeilijk vindbare website onbestraft. Dat laatste redde hem overigens – de man preekte voor een kleine eigen parochie, dus hij deed zijn uitlatingen niet in het openbaar. En dan is beperking van zijn beledigingen in een democratische samenleving niet noodzakelijk. Zo werd ook de vrijheid van een „agressief kritische” columnist in een Hogeschoolblad bevestigd. De rechtbank waarborgt verder het uitdelen van provocerende flyers. Sterker – de politie krijgt te horen dat ze beter burgers die provocerende uitlatingen doen kunnen beschermen tegen dreiging uit het publiek dan ze preventief op te pakken. De woordvoerder van een zakenclub die een Amsterdamse wethouder via een persbericht allerlei persoonlijke verwijten had gemaakt, handelde te goeder trouw en in een algemeen belang. Verder dient een wethouder als „publieke figuur” meer publieke kritiek te kunnen incasseren dan privépersonen.

Te hopen valt dat het Openbaar Ministerie hieruit concludeert dat een vervolging van de politiek tekenaar Gregorius Nekschot niet opportuun is. Het vooronderzoek met huiszoeking, inbeslagnames en voorarrest had al een verkillend effect op het klimaat van vrijheid dat voor een democratie essentieel is. De rechtbank heeft nu met deze vrijspraken voor opluchting gezorgd. Eindelijk gezichtsverlies voor het Openbaar Ministerie waar de samenleving baat bij heeft.