Olieprijszeepbel staat op knappen

Net als op de markten voor aandelen (in de jaren negentig) en huizen (tussen 2002 en 2006), heeft zich op de oliemarkt een zeepbel ontwikkeld. En die zou binnenkort wel eens kunnen knappen. De oliemarkt lijkt plotseling kwetsbaar.

Net als bij andere zeepbellen heeft het vooruitzicht dat de sterke mondiale groei ertoe zou leiden dat de vraag naar olie het aanbod zou overtreffen, grote hoeveelheden vers kapitaal naar deze nieuwe, door de groei in de opkomende markten aantrekkelijk geworden beleggingsklasse gelokt. Sinds 1999 is de olieprijs verzevenvoudigd.

Maar het fundamentele beeld is aan het veranderen. Hoewel de opkomende markten blijven bloeien, ziet de mondiale groei er door de invloed van de hoge olieprijs minder florissant uit. Het IMF voorspelt een wereldwijde inzinking van de groei van het bruto mondiaal product, van bijna 5 procent in 2006/2007 naar slechts 3,75 procent in 2008/2009. De Amerikaanse Energy Information Administration (EIA) verwacht in 2008 een stijging van de wereldwijde olieconsumptie van slechts 1,2 miljoen vaten per dag, vergeleken met een stijging van gemiddeld 1,7 miljoen vaten per dag tussen 2004 en 2006. De EIA voorspelt dat de wereldolieproductie, die in 2007 stagneerde, in 2008 met 2 miljoen vaten per dag zal toenemen, waarbij het grootste deel van de stijging zich in de tweede helft van het jaar voordoet.

Maar de inschatting van de EIA van de consumptie zou wel eens aan de hoge kant kunnen zijn. De tweede uitdaging voor de olieprijs is zijn eigen recordhoogte, die de consumptie begint te schaden. De Amerikaanse benzineprijs aan de pomp is het afgelopen jaar met 51 procent gestegen en de vraag is met ruim 1 procent gedaald. In het nog steeds bloeiende Azië hebben regeringen steeds meer moeite de consumenten tegen prijsstijgingen te beschermen, omdat de subsidies de overheidsbudgetten schaden. India lijkt binnenkort het voorbeeld van Indonesië en Taiwan te zullen volgen en de binnenlandse benzineprijs te verhogen. Als de brandstofprijzen stijgen, kan de groei van de vraag naar olie afnemen, zelfs in de ontwikkelingslanden.

En er zijn ook veranderingen van technische en wetgevende aard op til. De Amerikaanse Commodity Futures Trading Commission (CFTC) onderzoekt de handel in olietermijncontracten. Sommige partijen op de oliemarkt lopen het risico als speculant te worden aangemerkt, waardoor ze hogere margetarieven moeten betalen en hun posities binnen bepaalde grenzen moeten houden. De vloedgolf aan nieuwe partijen op de oliemarkt zou tot de slotsom kunnen komen dat het tijd is om zich terug te trekken.

De onzekerheid over wat de CFTC zal besluiten, is op zichzelf al bedreigend. Het onderzoek van de CFTC zal beleggers behoedzaam maken. Zevenvoudig opgeblazen zeepbellen kunnen daar niet van leven.

    • Ian Campbell