Meer speelruimte tegen Somalische piraten

De VN-Veiligheidsraad heeft een resolutie aangenomen die de mogelijkheden verruimt om op te treden tegen piraten voor de kust van Somalië. Resolutie 1816 geeft staten die samenwerken met de Somalische regering het recht om met marineschepen de territoriale wateren van Somalië binnen te gaan en daar „met alle noodzakelijke middelen” op te treden tegen piraten. De resolutie geldt voor zes maanden.

Dit jaar zijn voor de kust van Somalië al zeker 26 schepen aangevallen door kapers die zeelieden gijzelen met het oog op losgeld. Vermoedelijk ligt het werkelijke aantal incidenten hoger omdat rederijen kapingen of pogingen daartoe verzwijgen uit vrees voor reputatieschade en verhoogde verzekeringspremies.

Resolutie 1816 is aangenomen met instemming van de regering van Somalië, dat niet over een eigen marine beschikt. „De kwestie van piraterij ligt buiten onze huidige middelen en capaciteiten”, verklaarde president Abdullahi Yusuf.

De resolutie kreeg pas goedkeuring van alle vijftien landen in de V-raad nadat een passage was opgenomen waarin staat dat het besluit alleen betrekking heeft op Somalië, en geen nieuw maritiem- en internationaal gewoonterecht creëert. Verscheidene landen verklaarden bang te zijn dat een formulering leidt tot situaties waarin landen zichzelf het recht toe-eigenen om in andermans territoriale wateren te opereren.

Het Nederlandse fregat Hr. Ms. Evertsen is gestationeerd in de Keniaanse havenstad Mombasa van waaruit het schepen van het VN-voedselprogramma moet escorteren naar de Somalische hoofdstad Mogadishu. Het is daarom onwaarschijnlijk dat de Evertsen nu actief achter piraten aan zal gaan.

De Somalische piraten die het Nederlandse schip Amiya Scan hebben gekaapt, eisen 1,1 miljoen dollar losgeld. Ze zeggen dat de eigenaren bereid zijn 700.000 dollar te betalen.

Landkaart met overzicht van piraterij op nrcnext.nl/links