‘Esten drinken voor de promillen’

In de afgelopen jaren is de alcoholconsumptie in Estland verdrievoudigd. „Wat de Sovjet-Unie nooit is gelukt – de Esten te gronde richten – zal alcohol alsnog voor elkaar krijgen.”

De drie jongens in het havencafé van Tallinn zijn er beroerd aan toe. De een heeft een blauw oog, de ander krassen in het gezicht en nummer drie dreigt elk moment om te vallen. Het is tien uur ’s ochtends, na een zware nacht, maar toch gaan er drie vingers omhoog. „Nog een rondje, graag.”

„Een alledaags tafereel”, zegt Lauri Beekmann, voorzitter van de Estse unie van geheelonthouders (AVE). „Wat de Sovjet-Unie nooit is gelukt – de Esten te gronde richten – zal alcohol alsnog voor elkaar krijgen.”

Sinds het begin van de jaren negentig is de alcoholconsumptie hier verdrievoudigd, tot 12,2 liter per capita in 2007. Daarmee behoren de Esten intussen tot de topdrinkers van de Europese Unie. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) is 6 liter redelijk. „We zijn meer gaan drinken, omdat we meer geld hebben en – door de vrije markt – ook meer stress en frustratie”, zegt Beekmann.

Zijn lobby voor strengere wetten was jarenlang aan dovemansoren gericht: na de val van het communisme was regulering taboe. Maar nu heeft de politiek alsnog besloten tot actie, want het loopt de spuigaten uit. Drankmisbruik eist in Estland (1,3 inwoners) elk jaar tweeduizend doden, net zo veel als in buurland Finland, waar ook heel stevig wordt gedronken (10 liter per inwoner) maar waar wel bijna vijf keer zoveel mensen wonen. Van alle kwetsuren die jaarlijks worden geregistreerd, houdt maar liefst 75 procent verband met alcohol, een percentage dat bij de buren veel lager ligt.

„Het is een groot sociaal probleem”, erkent Ragnar Kits, salesmanager van Liviko, een van de belangrijkste producenten van sterke drank in Estland. „In dit land wordt niet gedronken voor de lol, maar voor de promillen.” Beekmann: „Er schort iets aan onze mentaliteit: we drinken en we stappen de auto in. De Finnen doen dat niet of in ieder geval veel minder.”

Om het tij te keren, heeft de regering van Andrus Ansip een accijnsverhoging doorgevoerd, 10 procent in januari, 20 procent in juli. Het ziekenfonds is een voorlichtingscampagne begonnen: overal in Tallinn hangen borden, met een plaatje van hersenen waar een rietje uitsteekt en een waarschuwende tekst. Vanaf november mag er overdag op tv en radio geen drankreclame meer worden gemaakt. Wodka verdwijnt van de billboards, bier mag nog wel.

De basis voor het nieuwe beleid werd gelegd in april vorig jaar, toen Tallinn het toneel was van straatrellen, waarbij zelfs een dode viel. Estland bestaat voor ongeveer eenderde uit Russischtalige inwoners, kolonisten die na de teloorgang van de Sovjet-Unie in het land zijn achtergebleven. En in die kringen werd woedend gereageerd op het regeringsbesluit om een sovjet-monument uit de binnenstad naar een andere locatie te verplaatsen.

De 32-jarige Beekmann kan zich de rellen nog goed herinneren. Hij is uitbater van het enige alcoholvrije café in de binnenstad en al zijn ruiten gingen aan diggelen. „We zitten vlak naast een politiebureau, dat doelwit werd van de volkswoede”, zegt hij, terwijl uit de luidsprekers een liedje van Pink Martini schalt. „Het was doodeng, maar daarna gold een week lang een totaal alcoholverbod.” Beekmann was een week lang in de wolken.

En hij was niet de enige: voor ziekenhuizen en politiebureaus was het verbod een verademing. Even geen bloedneuzen, gebroken kaken en kots. Vooral de politie drong daarna aan op strengere regels en sinds vorig jaar geldt in grote delen van het land een nachtverbod op drankverkoop. Nachtwinkels moeten de vakken met bier afschermen met rode linten. Tijdens de recente viering van Kinderdag gold een totaalverbod.

Ook drankproducent Liviko is voor strengere regels, maar volgens Kits dreigt het alcoholbeleid nu inzet te worden van een wedloop tussen politieke partijen. „Elke politicus is opeens begaan met de volksgezondheid”, zegt de salesmanager. „Dat het adverteren aan banden wordt gelegd is goed, maar al die accijnsverhogingen en verboden slaan nergens op. Mensen kopen nu dozen in plaats van flessen wijn en wie wil rijdt door naar Letland. We prijzen ons uit de markt.”

De wedloop gaat tussen Ansips Reformierakond en Keskerakond (Centrumpartij), de belangrijkste oppositiepartij, die het gemeentebestuur van Tallinn controleert. „In Tallinn zijn de regels het strengst en de nationale regering kon niet achterblijven”, zegt Kits. Liviko verwacht weer een toename van eigen stook en illegale drankhandel, twee fenomenen die juist in de afgelopen jaren grotendeels waren verdwenen.

Beekmann geeft toe dat de motieven voor het strengere alcoholbeleid niet helemaal zuiver zijn. „Maar dat kan mij niet zo veel schelen”, zegt hij. Een totaalverbod streeft hij niet na. Zijn ideaal is Noorwegen, waar een staatsmonopolie op alcohol rust, waar je niet op elke straathoek bier kunt kopen en waar drankreclames verboden zijn. „Maar wat Noorwegen doet is geheel in strijd met de interne marktregels van de EU. Het kan er maar beter geen lid van worden.”