Troebel Macedonië

Zondag zijn in Macedonië de parlementsverkiezingen ontspoord. In een aantal districten blijkt herstemming noodzakelijk omdat er is geknoeid. Dat moet onder meer in Tetovo, het bolwerk van de Albanese minderheid die een kwart van de bevolking uitmaakt. Ernstiger is het geweld waarmee de verkiezingsdag gepaard ging. Bij schietpartijen werd één burger gedood en raakten negen anderen gewond. Dat gebeurde in een land dat zich in het hart van de conflictueuze Balkan bevindt en dat tegelijkertijd als kandidaat-lid van NAVO en EU op de drempel van het Westen staat.

Dat de coalitie van zittend premier Gruevski een meerderheid heeft verworven in het parlement is tegen deze gewelddadige achtergrond een schrale troost. Het geweld in Macedonië reikt verder dan het land zelf. Het heeft repercussies voor de buurlanden, maar raakt ook het Westen.

Alleen al het feit dat er tussentijdse verkiezingen moesten worden gehouden, was daarvan een voorbode. De regeringscoalitie stond na de onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo eerder dit jaar onder druk, omdat Gruevski de nieuwe staat niet wilde erkennen. Zijn Albanese coalitiepartner kon daarmee niet leven. Gruevski schreef medio april tussentijdse verkiezingen uit, nadat de NAVO had besloten dat Macedonië in de wachtkamer van het bondgenootschap moest blijven zitten zolang het dispuut met Griekenland over de naam van de republiek niet was opgelost. De NAVO wilde zo de druk op Skopje en Athene opvoeren. Gruevski calculeerde dat de volkswoede over deze ‘dubbele standaard’ van de NAVO zijn partij electoraal in de kaart zou spelen. Die laatste taxatie was correct. Maar ze ging wel voorbij aan de spanningen in het land zelf. In de aanloop naar de verkiezingen waren er al schermutselingen, zoals een mislukte aanslag op de leider van de Albanese oppositiepartij die niet aan de coalitie van Gruevski deelneemt en zondag net iets groter werd dan de regeringspartij.

De Europese Commissie heeft bezorgd gereageerd op de verkiezingschaos en gewaarschuwd dat deze eventuele onderhandelingen over toetreding tot de EU in de weg staat.

Daarmee is niets te veel gezegd. Maar formele eisen zijn niet genoeg. De ervaring met bijvoorbeeld de toetreding van Bulgarije en Roemenië, en in mindere mate met de eerdere uitbreidingen, leert dat het niet zaligmakend is dat de kandidaat-leden keurig aan de eisen van de EU voldoen. Als het lidmaatschap eenmaal binnen is, plegen ze de moeizaam gerealiseerde hervormingen vaak weer te laten sloffen. Per saldo worden zo vooral façades gebouwd.

Het omgekeerde dreigt nu in Macedonië te gebeuren. Juist nu het land door NAVO en EU aan het lijntje wordt gehouden, lijken er krachten vrij te komen die het uiteindelijke doel in de richting van het Westen belemmeren.

Een pasklaar antwoord is er niet. Maar Europa zou er goed aan doen Macedonië niet alleen met formele eisen om de oren te slaan. Een succesvolle integratie van Macedonië is ook in het politieke belang van NAVO en EU.