Rouvoet haalt gelijk over de rug van zieken

Het gen BRCA veroorzaakt niet bij 100 procent van de draagsters borstkanker. Het heeft in families wél voor 100 procent een rampzalig effect, stelt J.L.H. Evers. Sta hier embryoselectie toe.

Bij het aantreden van het kabinet Balkenende IV vroeg menigeen zich af wat de ChristenUnie daarin te zoeken had. Over het algemeen echter was de conclusie dat deze partij van christenfundamentalisten het kabinet aan een Kamermeerderheid hielp, maar verder weinig kwaad kon. Men legde vast dat bestaande praktijken met betrekking tot gevoelige onderwerpen als abortus, embryo-onderzoek en euthanasie niet ter discussie stonden, maar dat bij nieuwe ontwikkelingen een zorgvuldige afweging van ieders belangen zou volgen.

Het gevolg daarvan hebben we afgelopen week van nabij kunnen meemaken. Staatssecretaris Jet Bussemaker, die in de bres sprong voor vrouwen met een verhoogd risico op erfelijke borst- en eierstokkanker (een van de gemeenste kankers), werd door minister Rouvoet publiekelijk teruggefloten. De leider der ChristenUnie eiste dat de staatssecretaris haar brief over embryoselectie terugnam. Immers, mensen die het kanker-gen BRCA-1 of BRCA-2 dragen krijgen niet altijd borstkanker, maar slechts in 60-90 procent van de gevallen. Als je dus goede embryo’s selecteert om in de baarmoeder te plaatsen gooi je embryo’s weg die in 10-40 procent van de gevallen nooit tot kanker geleid zouden hebben. En embryo’s weggooien, dat is pril menselijk leven vernietigen, en daar is de ChristenUnie tegen.

In Nederland worden 10.000 IVF-behandelingen per jaar uitgevoerd. Bij iedere behandeling selecteert men embryo’s. De goede worden in de baarmoeder geplaatst of ingevroren, de slechte worden weggegooid. Dat zijn er enkele tientallen per dag.

In Nederland gebruiken 150.000 vrouwen een spiraaltje als anticonceptiemiddel. Het spiraaltje werkt door te verhinderen dat het embryo in de baarmoeder innestelt. Per maand gaan er aldus 150.000 goede embryo’s verloren. Dat zijn er enkele duizenden per dag. Voor de ChristenUnie waren de afspraken hierover geen beletsel om aan dit kabinet deel te nemen. Zij accepteerde dat. Macht corrumpeert.

Onlangs had ik een patiënte die IVF nodig had vanwege haar onvruchtbaarheid, terwijl ze tevens het BRCA-1 gen droeg. Bij de IVF mochten we de embryo’s wel op uiterlijk selecteren (om de mooiste terug te plaatsen) maar niet op dragerschap van het gen. Een absurde situatie. Wij hadden in één behandeling zowel haar kinderloosheid kunnen oplossen als de kanker voorgoed uit haar familie kunnen bannen (zij zou dan namelijk alleen embryo’s, dus kinderen, zonder het kankergen gekregen hebben), maar dat laatste vindt de ChristenUnie niet goed.

Slechte embryo’s weggooien mag, want dat is in het regeerakkoord zo afgesproken, en de ChristenUnie wilde per se mééregeren, dus die concessie moest zij wel doen. Maar slechte embryo’s met het kankergen weggooien mag niet, want daarover waren namelijk geen afspraken gemaakt.

Over de rug van mensen met een afschuwelijke ziekte in de familie haalden de christenpolitici hun gelijk. Het argument was zogenaamd dat het hier geen gen betrof dat altijd onder alle omstandigheden, dus in 100 procent van de gevallen, tot kanker leidt, maar ‘slechts’ in 60-90 procent.

Iedereen weet dat in de natuur 100 procent niet bestaat. Zelfs bij mensen met het gen voor de ziekte van Huntington (die op betrekkelijk jonge leeftijd tot dementie leidt) komt het wel eens voor dat iemand de ziekte niet krijgt. Maar de ziekte van Huntington komt wél voor embryoselectie in aanmerking. Daar mogen wij in Maastricht Pre-implantatie Genetische Diagnostiek (PGD) voor doen.

Het gaat er overigens helemaal niet om dat het BRCA-gen ‘slechts’ in 60-90 procent van de gevallen borstkanker en in 20-60 procent eierstokkanker veroorzaakt. Het gaat erom dat dit gen bij 100 procent van de getroffen families een rampzalig effect heeft. In ieder van deze families komen diverse vrouwen voor die jong aan kanker sterven. En dan ook nog iedere generatie eerder, oma op 50-jarige leeftijd, moeder op 42-jarige leeftijd, jijzelf nog vóór je veertigste? Hoe kun je een gezin starten met dit zwaard van Damocles boven je hoofd? Hoe kun je kinderen krijgen als zij hun moeder al zo snel moeten missen?

Met PGD kunnen we dit voorkomen, maar het mag niet. Wat in dit land wél mag is spontaan zwanger worden, een vruchtwaterpunctie laten doen, en, als de vrucht het kankergen heeft, na 16 weken zwangerschap een abortus laten uitvoeren. Dat is zo afgesproken in het regeerakkoord.

Vrouwen die dit al twee of drie keer hebben moeten laten doen willen dat niet nóg eens meemaken. Hoe wreed is het deze herhaalde abortussen te eisen van vrouwen die graag kinderen willen? Enkel omdat de Haagse heren dat in Beetsterzwaag zo hebben afgesproken.

Dan maar geen kinderen? Was het niet diezelfde Rouvoet die onlangs vond dat vrouwen juist méér kinderen zouden moeten krijgen? Dan maar sperma- of eiceldonatie? De spermabanken zijn leeg in Nederland en eiceldonatie stuit op vele praktische bezwaren.

Wat in dit land ook mag is je kind laten inenten om kinkhoest te voorkomen (al hoef je daar geen gebruik van te maken als je in de bijbelgordel woont). Wat in dit land ook mag is een uitstrijkje laten maken om baarmoederhalskanker te voorkomen. Maar ook daarin word je door niemand gedwongen. Per 10.000 uitstrijkjes voorkom je één kanker. Dat mag. Met tien PGD’s voorkom je 6-9 borstkankers en 2-6 eierstokkankers. Dát mag niet.

Een van de patiënten met het borstkankergen zei de vorige week: „Ik kan de staatssecretaris wel zoenen”. Ik ook. De staatssecretaris is een moedig persoon die opkomt voor de belangen van een kleine, maar kwetsbare groep vrouwen. Zonder de belangen van anderen te schaden. En zonder iemand te verplichten van deze diagnostiek gebruik te maken. Van dat soort politici zouden wij er in Nederland meer moeten hebben.

Prof.dr. J.L.H. Evers is Hoofd Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde van het Academisch ziekenhuis Maastricht.

    • J.L.H. Evers