Met licht steeds kleinere magneetjes ompolen

„Het was moeilijk, man!” Meer dan drie weken mocht de Nijmeegse hoogleraar Theo Rasing (55) niet vertellen dat hij een Spinozaprijs zou krijgen. Voor, aldus de jury: ‘zijn doorbraken op het gebied van de magneto-optica, met name voor zijn werk om met licht magneetjes te manipuleren’. De kroon op jaren onderzoek, zo noemt fysicus Rasing zelf het werk dat zijn groep in 2007 in het vakblad Physical Review Letters publiceerde. Tot stomme verbazing van collega’s wereldwijd lieten ze zien dat lichtpulsen de magnetisatie in een goed gekozen materiaal kunnen laten omklappen – alsof je een magneetje ompoolt met licht. Op die vinding rust intussen een patent, want kleine gemagnetiseerde gebiedjes (100 nanometer, ofwel 100 miljoenste millimeter groot) vormen de nullen (magneetveld in de ene richting) en de enen (de andere richting) op een harde schijf. En het wegschrijven van zulke nullen en enen kan met Rasings laserpulsen honderdduizend keer sneller dan met de elektromagneten die daar nu voor worden gebruikt. In principe. „Want tussen idee en verwezenlijking zit nog een groot gat”, zegt Rasing. Met de Spinozapremie wil hij dat dichten. Door een theoreticus aan te stellen die kan verklaren waarom licht magneetjes ompoolt. En door te proberen te bewerkstelligen dat licht de magnetisatie niet alleen snel, maar ook op minieme schaal beïnvloedt. Niet in gebiedjes van 10 micrometer zoals nu, maar in de honderd keer kleinere gebiedjes die de bits op harde schijven vormen. Rasing: „Dat zou natuurlijk fantastisch zijn.”

    • Margriet vd Heijden