Krijg dan maar borstkanker

‘Beperk lijden dat te vermijden is tot een minimum’. Dit algemene richtsnoer voor politiek handelen is (onder meer door Karl Popper) geformuleerd in reactie op de overmoed van utopisten die op weg zijn naar een aards paradijs. „We moeten ons tevreden stellen met de nooit eindigende taak het lijden te verminderen, vermijdbaar kwaad te bestrijden, misstanden op te ruimen”, schreef Popper in The Poverty of Historicism. Als wij van goede wil zijn, richten we ons op het voortdurend opsporen van fouten en het waar mogelijk toepassen van verbeteringen.

Iedere democratische stroming kan zich vinden in deze bescheiden doelstelling. Alleen fundamentalisten hebben geen boodschap aan het streven naar beperking van lijden. De ChristenUnie verbeidt het Koninkrijk Gods en dat maakt haar in de politiek even totalitair als de meest extreme utopisten.

Zelden is het adagium ‘Beperk vermijdbaar lijden’ zo letterlijk van toepassing (en zo direct te verwezenlijken) als bij specifieke vormen van erfelijke borstkanker. Toekomstige gevallen kunnen worden voorkomen door de toepassing van preïmplantatie genetische diagnostiek (PGD). De vraag is nu: is dit in strijd met het regeerakkoord? Bij de kabinetsformatie heeft Rouvoet bedongen dat in medisch-ethische kwesties de wetgeving vooralsnog ongewijzigd blijft. Voor de toepassing van PGD ter voorkoming van erfelijke borstkanker is echter geen nieuw wetsvoorstel nodig. De enige uitbreiding van staand beleid die staatssecretaris Bussemaker (Volksgezondheid, PvdA) wenselijk acht, is het toestaan van PGD bij enkele vormen van erfelijke borst- en darmkanker. Voor de ChristenUnie is dit taboe, want de kans dat de ziekte zal optreden is minder dan honderd procent. Hiermee zouden we op een ‘hellend vlak’ terechtkomen.

Het hellende vlak slaat in dit geval echter nergens op omdat de bestaande embryowet scherpe grenzen trekt. Zie hiervoor de beschouwing over bio-ethische beleidsargumentatie door Eva Asscher in het Nederlands Juristenblad van deze week. Bussemaker wil niet meer dan in het geval van specifiek vermijdbaar lijden ruimte laten aan een individuele beslissing van medici en vragers om PGD. Dat zijn mensen die bij zichzelf en in hun familiekring hebben moeten ervaren hoe verwoestend hun erfelijke ziekte is, die zij niet aan hun kinderen willen doorgeven.

Omdat het alleen een toelichting op haar beleid betrof, had de staatssecretaris een brief aan de Tweede Kamer over PGD niet eerst in het kabinet besproken. Daar heeft de ChristenUnie haar, maar vooral de mensen die met dit kankergen door het leven moeten, op gepakt. Zij zou een procedurefout hebben gemaakt. Maar als zij al een fout heeft gemaakt, dan is het een fout van een totaal andere orde.

Bussemaker is ervan uit gegaan dat de politici van de ChristenUnie rationele en humaan denkende mensen zijn. En dat er normaal met hen te werken valt. Een vergissing: het zijn geen rationele politici, het zijn fanaten, fundamentalisten en tirannen. De woordvoerder van de ChristenUnie in de Tweede Kamer, Esmé Wiegman, merkte in de Volkskrant op: „Gezondheid is belangrijk, maar moet niet overgewaardeerd raken. De kwaliteit van leven hangt niet enkel van gezondheid af.” Dit kan waar zijn, maar wat geeft haar en minister Rouvoet het recht de gezondheid van ándere mensen als onbelangrijk te bestempelen en ondergeschikt te maken aan hún religieuze overtuiging? Waar halen zij deze overmoed vandaan? Zij beroepen zich op hun God, die wil dat de mensen lijden en dat zij kanker krijgen omdat het in zijn grote plan met ons past.

Hier stuiten wij op de popperiaanse paradox van de verdraagzaamheid. Men moet tegenover gelovigen als Rouvoet en Wiegman verdraagzaam zijn. Men moet uit alle macht proberen om dergelijke mensen eerst tegemoet te treden op het niveau van een rationele discussie. Maar als een partij niet vatbaar is voor argumenten, houdt het op. En als wij toestaan dat zij aan anderen haar wil oplegt met een theologisch machtswoord (zij het in procedurele vermomming), staan wij toe dat deze partij de verdraagzaamheid en het open debat als zodanig vernietigen.

Bussemaker is volop tot een open debat bereid. Bij een presentatie van het Rathenau Instituut van een studie over het gebruik van embryo’s pleitte zij voor een brede maatschappelijke discussie over de dilemma’s die de vooruitgang van de medische wetenschap oproept. „Ik vind het belangrijk dat deze vragen niet alleen in politiek en wetenschap worden besproken. Vragen over de status van beginnend menselijk leven en over hoe we dat beschermen, de mogelijkheden en – in dit geval ook – met name de onmogelijkheden van embryonaal stamcelonderzoek en de toepassing daarvan in de geneeskunde, de positie van de vrouw die de eicellen doneert et cetera. Dergelijke onderwerpen gaan eigenlijk iedereen aan.”

Niemand beweert dat de ‘medisch-ethische kwesties’ zomaar even kunnen worden beslist. Het is niet zo moeilijk te begrijpen dat ethische en politieke debatten noodzakelijk zijn, over de implicaties van de genetica, het klonen, de synthetische biologie, artificiële intelligentie, et cetera. De medisch-ethische debatten moeten met de grootst mogelijke openheid, bereidheid tot luisteren en inlevingsvermogen worden gevoerd. Alleen niet op basis van angst voor de wrake Gods. En niet met angst voor de toekomst. We kunnen niet voorspellen, wat we pas in de toekomst zullen weten.

Daarom is het argument van het ‘hellend vlak’ zo onbruikbaar: de wetenschap kan met de kennis van heden niet voorspellen welke antwoorden op de vragen van morgen zullen worden gevonden.

Maar de ChristenUnie beschikt over een geopenbaarde waarheid in deze kwesties en dat plaatst haar buiten het debat. Als minister Plasterk (PvdA) opmerkt (in Het Parool van zaterdag) dat hij „prima” samenwerkt met de ChristenUnie, legt hij een rookgordijn: „We zitten in het kabinet niet te besluiten of Jezus over water heeft gelopen.” Nee, maar dus wél om te besluiten dat mensen zich door Jezusfreaks moeten laten voorschrijven dat zij borstkanker hebben te aanvaarden tot in het laatste geslacht.

Fundamentalisten zijn doof voor argumenten. Hoe valt er dan met hen te regeren? Zij missen het vermogen hun keuzes democratisch te verantwoorden, aangezien zij alleen aan hun God verantwoording schuldig zijn.

Wilt u reageren? Dat kan op nrc.nl/etty (Reacties worden openbaar na selectie door de redactie.)