Idylle beschermd, maar sloop mag

Het Rotterdamse tuindorp Vreewijk wordt beschermd stadsgezicht, beloofde minister Plasterk gisteren. „Hebben we geen moer aan”, zeggen bewoners.

Onder de kastanjeboom gaat de hoed af. Een Turkse Nederlander wil van Ronald Plasterk weten hoe serieus diens toezegging is over ‘zijn’ Vreewijk. Geduldig legt de minister (Onderwijs en Cultuur, PvdA) uit wat hij heeft bedoeld, ondertussen nippend van zijn koffie. Wat hem betreft krijgt het idyllische dorp in Rotterdam-Zuid zo snel mogelijk de status van beschermd stadsgezicht.

Diezelfde aankondiging heeft Plasterk kort daarvoor een applausje opgeleverd van twintig bewoners, allen bevreesd voor de slopershamer. Woningcorporatie Com.Wonen heeft immers aangekondigd 1.400 ‘vervallen’ sociale huurwoningen te willen vervangen door nieuwbouw. Dat is goedkoper dan renovatie. Een terugkeergarantie? Die hebben de bewoners naar eigen zeggen niet. Wat „de heren politici” ook beweren.

Het conflict speelt nu bijna twee jaar. In hun pogingen de wijk (ruim 14.000 bewoners) te redden van de bulldozer, spelen de bewoners hun laatste troef uit: de cultuurhistorische waarde van ‘dit monument van idealisme’. Want Vreewijk is niet zomaar een wijk ‘op’ Zuid. Het karakteristieke tuindorp (1916) van architect Granpré Molière geldt als een van de eerste sociaal-democratische verworvenheden uit de vorige eeuw: betaalbare woningen voor de arbeidsimmigranten uit Brabant en Zeeland.

Plasterk toont zich op deze broeierige maandagmiddag gevoelig voor wat hij ooit een mijlpaal in de geschiedenis van de Nederlandse stedenbouw” noemde. „Zoveel mooie dingen hebben we niet in ons land, laten we er zuinig op zijn.” Eerder plaatste de Tweede Kamer (CDA, PvdA en SP) al kanttekeningen bij de saneringsdrift in Vreewijk. Omstandig roemt Plasterk verder de sociale cohesie in de buurt die, tot onbegrip van veel bewoners, op de landelijke lijst van veertig probleemwijken staat. „Vreewijk is geen probleem, Vreewijk is een voorbeeld”, zegt bewoner Sjors van Wel.

Dat vindt ook Plasterk, in navolging van cultuurhoeders als het Cuypersgenootschap, het Nederlands Architectuurinstituut, het Historisch Genootschap Roterodamum en Monumentenzorg. Maar wat is zijn toezegging waard, als ook de vastgoeddirecteur van Com.Wonen, Ben Pluijmers, tijdens de wandeling door Vreewijk „hartstikke blij” zegt te zijn met beschermd stadsgezicht? „Het biedt ons de kans de karakteristieken te behouden.”

Maar de sloophamer houdt Plasterk niet tegen met beschermd stadsgezicht. „Hebben we geen moer aan”, moppert Van Wel. Alleen de monumentenstatus biedt soelaas. „Fijn dat Plasterk onze zorgen serieus neemt, maar zijn toezegging is niet meer dan het begin van onze strijd”, zegt Ria Schuiling (54). Ze behoort tot de harde kern van actievoerders, die zich verzetten tegen wat zij „bevolkingspolitiek met de sloophamer” noemen.

Het is die veronderstelde geheime agenda die bewoners elders in Rotterdam ook menen te ontwaren: de ‘platte’ stad aan de Maas (grote onderklasse, kleine middenklasse, piepkleine elite) is zo bezeten van de wens een evenwichtiger bevolkingssamenstelling af te dwingen, dat minderbedeelden daar de tol voor moeten betalen. Niet Wijken voor de Rijken! valt op menig actieposter te lezen in Vreewijk.

De ‘Slag om Vreewijk’ heeft ook grimmige trekken gekregen. Ruim drie weken geleden sneuvelden twee ruiten in de woning van de directeur van Com.Wonen, Margriet Drijver, die ironisch genoeg zelf ook in Vreewijk woont. Van de dader(s) ontbreekt elk spoor. Drijver ontbreekt vandaag bij het bezoek van Plasterk. Haar collega Pluijmers neemt de honneurs waar. „Wij laten ons niet intimideren”, zegt hij.

Een nieuwe fase in de strijd wordt volgende week verwacht. Dan presenteert TNO een bouwtechnisch onderzoek. Mede op basis daarvan velt de verantwoordelijke deelgemeente Feijenoord eind deze maand een definitief oordeel over Vreewijks toekomst.